|
|
Home
Paperback Interview
Auteur
Contact
De Stank van Zen ...
Het is een begrip binnen het
zenboeddhisme en verwijst naar de ijdelheid van de zenboefenaar.
Voorbeeld: Misschien vind je van jezelf dat je heel goed kunt mediteren
en heel lang, en ook heel goed kunt rechtop zitten. Et cetera.
Het is goed om te weten dat je niets weet.
Daar kwam ik voor mezelf pas echt achter, toen ik zo'n acht maanden in
het geheel (noch door lezen, internet, teevee, e.d.) geen
spirituele/religieuze/psychologische kennis tot me nam. Ik weigerde zeg
maar alle tweedehands kennis nog langer tot me te nemen.
Gedachten van anderen en ook uiteindelijk die van mezelf werden minder
belangrijk en betwijfeld.
Bijvoorbeeld: Ik nam aan dat Gautama de Boeddha verlicht was maar hoe
wist (weet) ik dat 100% zeker? Et cetera.
En ... heeft zijn geloof nodig?
Over mijn bevindingen schreef
Nathan toen een
boek.
Fragment uit het (zendag)boek De Stank van Zen:
Boeddhanatuur
In zen heeft men het over de boeddhanatuur. Dat alles een boeddhanatuur
heeft. Dat alles tot Boeddhaschap kan komen. Het doel van het leven.
Maar wat hier natuurlijk opvalt, is een toekomstverwachting. En dat er
iets is, in ons, dat boeddhanatuur heet.
Water is slechts water en daar is niets mis mee. Dat begrijpen, is de
boeddhanatuur realiseren. Zolang je iets anders wil zien of iets anders
wil zijn, heb je een probleem.
De boeddhanatuur verwijst niet naar iets in je: niet naar een atman,
zelf, licht, etc. De boeddhanatuur verwijst ook niet naar iets in de
toekomst.
Het vraagt een heldere en onafhankelijke geest dit te begrijpen.
Ook op YouTube
© 2009
|
|