Maandag 8 februari 2010

Een paar zwart-witjes haal ik voor u te voorschijn uit mijn bureaula - nog steeds gast op de bank. Er zit zo'n zestig jaar tussen. Drie generaties waarvan ik de eerste niet ken. De vierde staat er niet op: die wordt al jaren vluchtig vastgelegd in kleur, door ons, amateur- nu digi - fotografen.

Dit is mijn grootmoeder Johanna Sara Schuurman, zuster van psychiater C.J Schuurman en getrouwd met Gerben Ringnalda, Fries van origine. Mijn vader zit in het midden en ik schat hem een jaar of vijf. Zijn broertje Marco zit naast hem en zij worden omarmd door hun moeder; zij stierf in de Tweede Wereldoorlog op het eiland Java. Mijn grootmoeder ziet er niet naar uit dat zij al weet heeft van de op handen zijnde scheiding van haar kinderen; die moeten naar Holland voor een gedegen christelijke opvoeding.
Ze zien er gelukkig uit, daar op het eiland Formosa - nu Taiwan - alwaarvandaan mijn grootvader voor Shell in Azië werkte en tevens honorair-consul was; hem heb ik evenmin gekend.
Heeft mijn vader een trompetje in handen en wat is dat linker voorwerp, is hij jarig? 1929?


Mijn vader en moeder op vakantie in Italië, 1962


Mijn moeder met haar vier dochters in de tuin
Van Imhoffstraat - Den Haag 1965


V.l.n.r. Francine Jageneau, Bartho Braat (nu GTST), Maarten van Nispen, ikzelf en Gon Gerritsen

We hebben een eindeloze tijd gehad daar in Parijs! We staan hier voor de Bibliothèque de l'Opéra waar wij onderzoek deden naar iconografisch materiaal. Ik schijn er een vondst gedaan te hebben. De foto is gemaakt door onze docent dr. Rob Erenstein, een Bourgondiër, inmiddels emeritus hoogleraar Theaterwetenschap.
We waren in juni 1978 twee weken op werkcollege Comédiens Italiens onder zijn leiding, en hij wist de weg!!! We waren gehuisvest in de Rue de Lille, Institut Néerlandais. Iedere avond naar het theater, souperen, cultuur opsnuiven in de allerbeste zin des woords. 's Ochtends verscheen iedereen stipt nog dronken aan het ontbijt, want om negen uur was het vertrekken. Alle voor ons interessante bibliotheken bezocht.
Ik heb drie dagen lang samen met Bartho de slappe lach gehad, een onvergetelijke ervaring.
We waren op zoek naar afbeeldingen van de Italianen die de Commedia dell'Arte naar Parijs brachten in de achttiende eeuw; Maarten is hierop afgestudeerd, als eerste van ons klasje.
In onze onnozelheid lieten Bartho en ik in de studiezalen alles uit de magazijnen halen wat ons bruikbaar leek om aan nader onderzoek te onderwerpen.
We waren zeker niet op ons fitst, maar de aanblik van het aangevraagde deed ons de adem in de keel even stokken. We konden hem nog net inhouden, maar toen de vier bibliotheek-kruiers buiten gehoorsafstand waren, lieten we hem gaan. Snikkend van het lachen zagen wij ze staan: twee trolleys van drie meter lang, hoog opgetast. Het was vol van schatten daar . . .


Bruidspaar geeft Jawoord, 1 september 1989
Foto: Koos Breukel

Over de mooiste dag van ons leven en hoe ik aan die schitterende jurk kom, kunt u lezen in mijn boek Heer en Meester, een liefdesverklaring. Huwelijksfotograaf Koos bepaalde mede de datum.

Post Scriptum
Morgen ben ik te zien in het NCRV-programma Het 3e Testament op Nederland 2, 22.50 uur.
En met mij, hoop ik, dat heerlijke klasje van Het Amsterdams Lyceum.


 

Donderdag 4 februari 2010


Eindexamenklassen gymnasium 6 alfa en bèta 1972 - Christelijk Gymnasium Sorghvliet te Den Haag

De laatste dagen word ik overspoeld door e-mailberichten van oud-klasgenoten omdat er een reünie op handen is in de nabije toekomst. Er wordt een lustrum gevierd op onze school en de tijd is er kennelijk rijp voor om de koppen weer eens bij elkaar te steken. Ik ga.
De jongen met het langste haar - achterste rij midden - is mijn alleroudste vriend Johan Havenaar, vanmiddag bij mij op bezoek. Twee dagen na Simons begrafenis belde hij mij op met de mededeling: 'Edith, ik kom je deze week opzoeken, dinsdag of donderdag, zeg maar welk tijdstip je schikt' en sindsdien hebben we weer veelvuldig contact. Hij was niet alleen mijn buurjongen, maar ook degene met wie ik vrijwel als enige op onze school hasjiesj rookte; ik mocht dat van mijn vader, hij eigenlijk niet.
Hij is psychiater geworden en promoveerde cum laude op de kernramp in Tsjernobyl.
Als u hem eens zou horen vertellen met wat voor leugens de Russen toentertijd miljoenen aan slachtofferhulp hebben binnengehaald, slaat u steil achterover. Bijvoorbeeld: Vanuit de hele USSR werden geruisloos alle mismaakte kinderen naar het gebied toe gebracht dat in 1986 werd getroffen door die kernramp. Johan deed onderzoek naar trauma's na een ramp, en Tsjernobyl was de plek bij uitstek. En wat bleek - hij is er talloze malen geweest: niet alleen de natuur is daar mooier dan overal elders omdat geen mens er meer een voet durft te zetten, maar ook de bevolking is er erg goed aan toe! Vooral de gezonde kinderen die destijds naar grotere steden werden geëvacueerd zagen dát als de grootste zegen die hen in hun leven was overkomen. Eigenlijk zijn er maar zo'n dertig doden gevallen, mensen die er pal bovenop zaten toen de ramp zich voltrok, en verder viel het meer dan reusachtig mee, was zijn constatering.
Ook mijn ouders gingen zomer 1986 een reis naar Rusland maken en Kiev stond hoog op de verlanglijst. Gelegen in de nabijheid van het 'nucleair besmette' gebied, verklaarde menigeen hen voor gek, maar ze lieten zich niets wijsmaken en zijn doodgewoon weer heelhuids thuis gekomen. En wat was het er mooi!
Johan was ook degene die kaartjes voor ons had gekocht voor het legendarische, driedaagse popfestival dat in 1970 in het Kralingse Bos werd gehouden. Aanvankelijk mocht ik niet van mijn vader - ik was bijna zestien - maar wij gingen ons melden op Plein 1813, waar het kabinet van de minister-president toen nog gevestigd was en mijn vader als raadadviseur werkte. Johan was vertrouwd terrein dus zwichtte mijn vader en opgetogen begaven wij ons op weg, samen met zijn jongere broertje Pieter en onze klasgenoot Lex Verwoerd. Wie schetst mijn in een slappe lach eindigende gemoedstoestand, toen op een gegeven moment uit de loudspeakers de berichtgeving doorkwam 'Willen Johan en Pieter Havenaar onmiddellijk telefonisch contact opnemen met hun ouders!!!' (bis) Ja, tussen alle fantastische concerten door meldden zich voortdurend via de intercom hopeloze vaders en moeders op zoek naar hun kinderen. Maar ik mocht!!!!!!!!!!
Heerlijk, zulke herinneringen aan vervlogen tijden. Ik hoor en zie het nog voor mijn geestesoog. De massaliteit, 200.000 festivalgangers, ik moet er nu niet meer aan denken, en daaraan merk je dat je - al jaren - ouder wordt. Of heeft een mens gewoon geen behoefte aan een herhaling van zetten? Ik heb de handtekeningen van alle leden van Pink Floyd, die ik later in een grote Amerikaanse slee tegenkwam; David Gilmour was mijn grote favoriet. Nu ga ik Atom Heart Mother opzetten, een grammofoonplaat die ik heb 'stuk' gedraaid, en op zoek in mijn lade naar de foto die van mij in de Nieuwe Revu verscheen, nr 29/18 juli 1970/losse nummers 80cent.


linksonder - voor het hoofdpodium - luisterend naar Canned Heat


 

Dinsdag 2 februari 2010

Erik de Jong, Spinvis, is over een half uur niet meer jarig en ik ben net thuis van dertig uur Den Haag.
Op zoek naar het paspoort van mijn moeder - dat ik in bewaring heb - trok ik de grootste lade van mijn secretaire open.
En ik dacht: ik heb een levenslade opengetrokken. In dit mooie meubel, dat ik al op mijn tiende van mijn moeder kreeg, bevindt zich bijna alles wat mijn leven behelst. In een kleinere lade bevindt zich de inhoud die ik mee zou nemen als mijn huis in brand vliegt.
Ik kon dat paspoort niet zo snel vinden en trok de loodzware lade op mijn schouders en droeg hem snel naar de bank. Laden lichten, dacht ik, en hier ga ik u de komende tijd mee vermaken.

Het gaat terug, denk ik, tot de lagere school waar ik al tekenwedstrijden won, tienen haalde voor artistieke dingen, in het schoolkrantje tekende en schreef. Maar ook alles daarna. En dat is ingrijpend mooi en veel, en ikzelf ben de gene die ik het meest zal verrassen. Zoveel vergeten, maar zoveel beslissend! Hier volgt een voorproefje; het eerste waar mijn oog op viel.


Foto: Clemens Boon - 1976

Toen ik net dramaturgie ging studeren aan de Universiteit van Amsterdam liep daar de fotograaf Clemens Boon rond die mij vroeg voor hem te willen poseren. Het is niet bij één keer gebleven.
Ook in die secretaire bewaar ik de andere fotosessies die men tot vijf maal toe van mij maakte.
Ik had dus die krantenwijk in Den Haag bij Het Vaderland, van mijn dertiende tot mijn zeventiende en werd van de straat geplukt door buitengewoon aantrekkelijke vrouwen die vroegen of ik voor hun mannen - fotografen, al dan niet beroeps - zou willen poseren. Omdat ik later naar de toneelschool in Amsterdam wilde, greep ik die kansen natuurlijk aan en mijn ouders lieten me gaan. Doe maar ervaring op, op allerlei fronten. En dat deed ik.

Ik heb bijna drie jaar in Israël gewoond en daar vond ik mijn selfesteem, gevoel van eigenwaarde.
Ooit doe ik uit de doeken wat dat land voor mij betekend heeft. Mijn dertigste en eenendertigste verjaardag heb ik er gevierd onder volstrekt andere omstandigheden. De eerste keer was in de van oorsprong Hongaarse kibbutz Yad Hanna - tussen de Israëlische badplaats Netanja en het Arabische Tulkarm - een lustoord waar ik heel wat heb mogen leren. En de tweede keer was in een totaal andere vriendenkring in Tel Aviv, waar ik model voor schilders was en 's nachts op het strand werkte als serveerster in een restaurant dat tot het ochtendgloren - en dat was mooi - open was. De eerste avond al kreeg ik een compliment dat alleen mijn rekeningen klopte; niet veel later mocht ik de tent runnen.
Leona & Mayor waren mijn buren in Neve Tsedek, een artiestenwijkje tussen Tel Aviv en Jaffo;
over acht jaar zouden we pas telefoon krijgen en er stond maar één auto. Foto's volgen tzt.


In the beginning

Dit is nog van ver voor de rigoureuze renovatie in 1997. We hadden nog geen weet van de verborgen deur, die de nieuwe eigenaresse Kirsti Järvinen ooit zou ontdekken en in ere herstellen. Zij die nadien wel eens bij ons op bezoek zijn geweest kennen ons huis wel anders.


Anna en Arthur Vinkenoog

Zielsdankbaar was ik dat Simon vier kinderen meebracht in ons huwelijk. Dit zijn de jongste twee; zo jong heb ik ze niet gekend! Deze foto had hij altijd bij zich, en dubbel. Hij ging in mijn la en komt er nu weer uit. Een Godsgeschenk.

 


Bozar Ben Zeev

Dit is mijn verrukkelijke neefje Bozar - de eerste van de volgende generatie in mijn familie - al weer jaren geleden. Hij studeert nu in Delft, architectuur - heeft hij altijd gewild en nu maakt hij zijn dromen waar. Derde geworden van honderden die de opdracht hadden gekregen atelier-woningen te ontwerpen. Hij wist er wel raad mee - dat kan je zo zien. Hij is degene die KERSVERS, Simons dagelijkse weblog, jaarlijks in één exemplaar liet uitprinten tot boeken van meer dan vijfhonderd bladzijden.
Tot gauw, heerlijke knul.


Dinsdag 26 januari 2010

Vandaag een buitengewoon stijlvolle uitnodiging ontvangen voor het Vrouwenboekenbal. Een gouden schoentje sierde de inhoud van dit kleinood; ik wist meteen wat ik aan zou doen die avond, want ik ga natuurlijk!
Het boekje is gebonden met fijn gouddraad en vanmiddag had ik een tweetal nieuwe vrienden op bezoek wier lust en leven het is mooie, met de hand gezette en ingebonden boekjes te maken; een gesprek kwam op gang over de Liefde voor het uitstervend vak. Aanleiding van onze ontmoeting was curieus.
Bijna twee jaar geleden al smeten de erven van uitgever Wim J. Simons (1926-2005) alles wat hun vader achterliet op de markt. Hebzucht viert hoogtij. Vader had de kinderen nauwelijks hoog in zijn vaandel, edoch wel de vrouw met wie hij zijn leven deelde. Ze waren niet getrouwd, Wim Simons en dichteres Carla Dura, maar dreven al wel heel erg lang samen Uitgeverij De Beuk.
De kinderen zetten Carla volledig buiten spel - tot haar grote verdriet, want het was ook haar levenswerk - en zo kwam een ongepubliceerd verhaal van Harry Mulisch boven water en meerdere schatten waaronder gedichten van Simon die hij ooit had aangeboden als dichtbundel, want Wim en Carla waren gespecialiseerd in poëzie.
Onze vriend en literair agent Joep Bremmers had weet van de veiling van 'Beuk-zaken' en ging voor het eerst van zijn leven bieden, met kloppend hart; hij had zich een limiet gesteld, maar telefonisch liep de bieding zo hoog op dat hij af moest haken. Jammer, jammer, jammer. Want. Het waren liefdesgedichten voor mij!!! Geschreven in de twee jaren voor ons huwelijk, toen ik nog met Dogtroep op stap was en Simon al wel bij mij woonde.
Op maandagavonden gaf hij uiteindelijk tien jaar wekelijks een poëzieworkshop in buurthuis De Klus - waarover in mijn boek meer - en als ik er dus niet was, stak hij in zijn gedichten niet onder stoelen of banken dat hij mij miste; dat ik belangrijk voor hem was, zoniet zijn levensvreugde.
Ik heb hier nooit een notie van gehad en was nogal diep ontroerd toen Joep ze me na lang wachten eindelijk kon laten lezen. Het had hem nogal wat moeite gekost om te achterhalen wie die gedichten dan wel gekocht had. Dat bleek Het Letterkundig Museum in Den Haag te zijn; gelukkig bleven ze dus in openbaar bezit.


Schrijver en biliothecaris Jan van Herreweghe


Een poosje geleden kreeg ik een e-mail van Jan van Herreweghe uit Harelbeke, België. In zijn bibliotheek heeft Simon voor het laatst opgetreden op 9 mei 2009 ter gegenheid van een tentoonstelling van zijn vriend Theo Niermeijer, aldaar. Of ik geen ongepubliceerd gedicht had van Simon dat zij als hommage zouden kunnen drukken. Zij - waren deze gepassioneerde bibliofiel en zijn vriend Jos Brabants, ooit leraar Nederlands, maar nu bezig met loden letters en boekdrukpersen die geliefd, maar nauwelijks nog in leven zijn.


Jos Brabants - grafischlevenskunstenaar

Ik verwees ze naar Joep, en aanvankelijk overrompeld door het getal vijftien besloten ze dit kostbaar avontuur toch met ons aan te willen gaan.
De titel hebben we ook: aardse zekerheden, ontleend aan een der eigenschappen die Simon mij toedichtte en waarom hij zoveel van mij hield. Een proeve kwamen Jos en Jan ons laten zien van kaft en lettertype. Beeldschoon, maar ik mag nog niets onthullen. Jos gaat aan het werk. Het worden eenentachtig kleinodiën, die even feestelijk gepresenteerd zullen worden als zij er uit zullen zien. Dank, lieve jongens, dat wordt liefdespoëzie met een lintje.


Joep Bremmers - literair bezorgd en betrokken


 

Maandag 25 januari 2010

voor oud en jong

voor vrouw en man

voor hoog en laag

voor hip en square

geschreven. En dat blijkt uit de lieve reacties op mijn boek Heer en meester, een liefdesverklaring die mondeling of per post en e-mail bij mij binnen druppelen.
Dat doet mij goed, want u bent mijn klankbord nu Simon niet meer met mij klinken kan.


 

Woensdag 20 januari 2010

Als je geen kinderen hebt, weet je niet dat vandaag de Nationale Voorleesdagen zijn begonnen. Op kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en basisscholen wordt de komende tien dagen extra aandacht besteed aan het voorlezen uit boeken. Je zou willen dat alle ouders dat veelvuldig doen, maar er is tegenwoordig zoveel anders waarmee kinderen zich kunnen vermaken, en bovendien zijn vaders en moeders veelal druk, druk, druk! Jammer, want je kunt je kind voorgoed de goede kant op sturen door ze liefde voor lezen bij te brengen. Dat ze zichzelf in hun eentje kostelijk kunnen vermaken is de bedoeling van het motto dezer dagen:

Voorlezen maakt van kleintjes grote lezers.

Een loffelijk streven en ik mocht daar vandaag aan bijdragen. Zelf heb ik nooit een kinderwens gehad, maar ik houd wel zielsveel van ze en gelukkig heb ik toch kleinkinderen.
Ra, ra hoe kan dat?
Alexander Vinkenoog, links in beeld, had mij uitgenodigd op de school van zijn dochtertje Sammy, de Burghtschool aan de Herengracht in Amsterdam. Zij zit in groep 3; dat zijn de zes en bijna zevenjarigen, die een energie en enthousiasme uitstralen om U tegen te zeggen.
Al mijn sprookjesboeken had ik tevoren doorgebladerd, maar niets van mijn gading gevonden. Of te lang, of te breedsprakig of gewoon te ouderwets. Dan maar iets voorlezen uit mijn eigen boek, dacht ik, want er staat een verhaaltje in over hoe wij vroeger kerstmis vierden bij ons thuis.
Kerstmis lag nog vers in het geheugen dus vroeg ik mijn toehoorders: 'Wie van jullie had er een kerstboom staan thuis?' Bijna alle vingertjes omhoog. 'En behalve cadeautjes, wie had er misschien ook een kerststalletje onder de boom?' Een derde. Zo kwam het gesprek soepel op gang en tot mijn verbazing wisten toch heel wat kinderen op deze openbare basisschool af van het kindeke Jezus, God en Jozef en Maria. Toen kon mijn verhaal beginnen en zij begrepen zelfs de clou. Gelukkig - voor oud en jong geschreven dus; dat was mijn wens.
Daarna kwam mijn eigen thema aan bod, waar het allemaal om gaat: Liefde. Alex had mij een heerlijk boekje* toegespeeld dat gaat over het geven en krijgen van kusjes. Het wanneer, waarom en hoe en aan wie!!! Alles kwam voorbij en de kinderen boden tegen elkaar op hoeveel kusjes ze wel niet kregen per dag. Bij het maken van de foto was het fijn dat de kleine meisjes dicht tegen mij aan kwamen zitten. Ik was geen vreemde meer, het voelde vertrouwd.
Dank, lieve juf Maneesha en lieve kinderen dat ik even bij jullie in de klas mocht zijn.
Tot volgend jaar, en dan hoop ik ook schoolbuurtgenoten Hans van Mierlo, zijn echtgenote Connie Palmen en Charlotte Mutsaers weer te zien, die allen eveneens een klas op het goede leesspoor kwamen zetten. Ik hoop dat zij er evenveel van genoten hebben als ik.

Post Scriptum
Dankzij juf Liesbeth: De liefste kusjes zijn voor jou van Harmen van Straaten, Van Goor, 2001.


Zondag 17 januari 2010

 

Ontvangen, gisteren om twaalf uur zevenenvijftig. Ingesloten bij een lange brief van Tom Bouman, een vriend van Simon in de jaren zestig en daarna. Hij had mijn boek 'in enen uitgelezen' en ging er vervolgens behoorlijk diep op in. Hij had al eens te kennen gegeven dat hij zo graag wat meer wilde weten over mij, waarop ik destijds repliceerde 'binnen afzienbare tijd een boekje te zullen opendoen'.
De doolhoftekst hierboven sluit nauw aan bij een passage uit mijn boek. Ik geloof namelijk absoluut dat een mens zichzelf pas volledig kan kennen door de Spiegel die ons wordt voorgehouden door de Wederhelft. En dan nog alleen als je jezelf echt wilt leren kennen. Niet iedereen heeft daar behoefte aan of is zich bewust van die opgave. Ook de omstandigheden spelen een belangrijke rol in het verlangen naar het willen weten wie je werkelijk bent. Voor mijzelf sprekend: vanuit de luxe positie te weten onvoorwaardelijk te worden liefgehad, met al mijn tekortkomingen! Volledige overgave is alleen dan mogelijk als de ander je volledig accepteert zoals je bent. Echt mogen zijn, geen masker hoeven dragen en dat grote geluk is mij ten deel gevallen. Mijn Wederhelft is niet meer lijfelijk aan mijn zijde, maar zijn ziel zit overal.

Op naar de Nieuwjaarsreceptie in Ruigoord waar ik onze vriendenkring liefdevol zal omarmen.


 

Donderdag 14 januari 2010

Het is denk ik zeldzaam mee te maken hoe bereikbaar dromen eigenlijk zijn. Ik heb altijd geweten dat het koesteren van onbereikbare dromen een der grootste bronnen van frustratie van de mens is. Afgunst is het gevolg en daar ga je aan kapot. Hoofdzonde.
Gisteren mocht ik aantreden in het programma OBA live, Openbare Bibliotheek Amsterdam, op de vierde verdieping in een zeer gastvrije setting. Ik was twee uur lang hoofdgast van Mirjam de Winter en mocht in het laatste half uur iemand uitnodigen met wie ik graag zou willen spreken.
Er was er maar één - ik ben een snelle denker - Tom van Veen, leraar Engels en conrector van Het Amsterdams Lyceum. Ik had behoefte aan debriefing; ik had een les over Liefde mogen geven op zijn school. Het was dermate leuk dat ik vergeten ben daar foto's van te maken. Doodzonde, want natuurlijk had ik mijn camera bij me. Tom, Emma, Joost: jullie staan op mijn netvlies gegrift.
Mirjam begreep volkomen dat het mij ging om betrokkenheid van diegenen die de moeite hadden willen nemen om te komen op de fiets door natte sneeuw. Ik had de redactrice van het programma gevraagd of Tom van Veen ook twee leerlingen zou kunnen meenemen, één die het boeiend had gevonden en één die er niets van moest hebben.
Tom nam het woord en maakte mij zielsblij met de boodschap dat iedereen ervan had genoten en hier wel had willen zitten. Ik stralen. Dat ik op de goede weg was met mijn eigen dromen hebben Emma Zuiderveen en Joost Vos mij mogen doen ervaren! Het werd een gesprek, en dat is wat ik wil: wederzijds wijzer worden.

De avond tevoren bracht ik door op Sociëteit De Kring, uitgenodigd door Diana Ozon op het Lustrum van de Dichters Dinsdag. Na een interview met haar en co-presentator Sven Ariaans mocht ik van Diana 'Tien minuten doen wat je wilt', had ze me gezegd. Mooi uitgangspunt, dus dook ik die ochtend onder mijn bed waar mijn gedichten - twintig jaar geleden aan Simons zijde geschreven in buurthuis De Klus - zich op dat moment bevonden. Ik deed een greep en dat viel niet tegen. Ik verraste mijn vrienden en ontroerde wel iemand. Ik bleek niet veel te zijn veranderd vond ik zelf leuk om te constateren.
Het werd een treffen van goede vrienden. Als laatsten verlieten wij de rookruimte in een verder uitgestorven etablissement. We hadden met een man of tien een ongelooflijk interessante discussie gehad over, u raad het, dromen.


Sven Ariaans, Diana Ozon en Yvonne van Doorn


 

Zaterdag 9 januari 2010

 



Foto: mijn nichtje Laura van den Berg op de iPhone van Catherine

Dit zijn ze: Maarten van Nispen, Ross Fraser, Eric Slabbers, Catherine van Woerden en mijn alleroudste vriend en buurjongen Johan Havenaar. Ik had ze bij Jellie Brouwer in één adem genoemd als zijnde mijn dierbaarste vrienden van heel lang geleden en zij hadden elkaar gevonden op het feest dat Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar voor mij gaf bij de presentatie van mijn boek.
Ron Rettich en Ilana Gottesmann - die een hoofdrol spelen in mijn Israëlisch avontuur - pasten er niet op, anders was het plaatje compleet geweest. Het werd een reusachtig fijne gebeurtenis, mensen kwamen van heinde en verre om met mij een mijlpaal te vieren en Simon te eren aan wie ik, en ik niet alleen, zoveel te danken heb. Het was dus heerlijk en meesterlijk in twee woorden.

 

Op dit adres dus, ging de zeventienjarige Simon Vinkenoog werken als jongste bediende bij uitgeverij Querido en hier werd de kroon op zijn werk als dichter gezet met de baksteenzware Vinkenoog Verzameld, een meesterwerk van 1248 bladzijden poëzie. Binnenkort verschijnt een bloemlezing daaruit, samengesteld door Joep Bremmers die Simons laatste vijftien gedichten daar nog aan toevoegt. En hier mocht ik dus debuteren gisteren, op een historische plaats.

Mijn grote favoriet Jesse Dorrestijn zong precies wat ik dolgraag weer wilde horen. Dank je lieve vriend en wat supertof dat je vader en zusje er óók waren. En mijn nieuwe ontdekking Raoul Wijsma had zelf het initiatief genomen om iets voor mij te willen zingen en ook dat viel in zeer goede aarde. Ontroering, ook zo'n belangrijk thema van Simon, dat brachten deze jonge mensen mee. Dank jullie en alle andere lieve vrienden - die mijn leven zo mooi maken als ik maar net durfde dromen - voor een boven verwachting goed geslaagd feest.


Foto: Robert Vinkenoog - Luisterend naar Raoul Wijsma


Foto: Vic van de Reijt

Mark van den Handel, dezelfde als tweeëntwintig jaar geleden, was onze gastheer in café Scheltema waar wij nog tot sluitingstijd zijn blijven nafeesten.


Foto: Mark van den Handel

Mijn uitgever Vic van de Reijt en ik verlieten als allerlaatsten het café. Ik omhangen met een ketting die Xiao Xiao voor mij maakte - een buurmeisje op Buitenzorg - en een bijzonder mooi amulet dat ik kreeg van Jinny Thielsch, vriendin uit de Ruigoordse vriendenkring en echtgenote van schrijver Gerben Hellinga. Wat wist ik mij heerlijk omringd door familie en vrienden deze avond. En iedereen vond elkaar: vrienschap verbindt! Ik ben gelukkig.


CORBINO: Wekelijkse beeldschets in HP/DE TIJD, week 1, 8 januari 2010



Dinsdag 5 januari 2010


Foto: Tom van Veen

Ik heb vandaag een droom mogen waar maken. Dankzij jullie, lieve jonge mensen op de foto! Jullie zijn de toekomst en mijn wens was met jullie te mogen praten over Liefde. Jullie hadden kennelijk belangstelling en ik hoop dat ik aan jullie verwachtingen heb beantwoord.
Zelf was ik lichtelijk geschokt toen ik de Volkskrant vanmorgen las, voordat ik jullie zou gaan ontmoeten. Ja, er wáren gesprekken op scholen in het kader van seksuele voorlichting, maar het woord Liefde viel niet één keer. Leren waar de grens van een ander ligt heette het artikel. Ik vond het tekort schieten.
Wat waren jullie leuk. Zie jezelf hier op de foto staan. Heerlijk zelfbewust. Jullie zijn gelukkige mensen en zo niet, ook goed. Zo af en toe even een depressie is juist heel erg goed. Denk na over het waarom, en je groeit en bloeit weer op. Want het gaat om ervaring opdoen in het leven. Uitvinden wie je bent maakt het leven namelijk zó eenvoudig dat je complexiteit makkelijk het hoofd kunt bieden. Weten wat je niet wilt is zo belangrijk. Het wel is een mysterie, maar droom, droom ...
Ben je bewust dat het feit dát je leeft al genoeg is om doldankbaar te zijn! Wat een mooie wereld waarin wij leven. Draag je steentje bij; dat voelt goed. Beter dan de boel belazeren, want waarom zou je jezelf daarmee voorgoed tot tweederangs mens willen degraderen? En dat doe je als je niet eerlijk durft te zijn.
Durf inderdaad jezelf te zijn, opdat anderen weten met wie zij in zee gaan.
Oh, heerlijk, ontmoetingen met medemensen en voelen hoeveel goed wij delen met elkaar.
Ik wens jullie een mooie, evenwichtige toekomst toe, en wie met mij wil verder praten is natuurlijk van harte welkom. Disponibilité. Hoog in het vaandel. Tot ziens.
Omhelsd, jullie Edith Ringnalda

Post Scriptum
Ik was te gast op Het Amsterdams Lyceum, in het bezit van buitenhuis Wolkenland


Woensdag 30 december 2009

Lieve mensen, wie valt nou zoiets ten deel!? Twee keer in één week in kranten waarop ik zelf geabonneerd ben. Vandaag Het Parool - een interview van Maartje de Gruyter, foto Mark Kohn -

en ik kan u vertellen hoe dat komt. Niet zo zeer mijn verhaal - dat mooi is, maar wie ben ik? - maar mijn onderwerp spreekt tot de verbeelding en dus belangstelling. Wie de naam Simon Vinkenoog niet kent zij van harte geëxcuseerd, maar wie hem wel kent wil weten hoe het nou zo plotseling was afgelopen. Hij was namelijk zo springlevend gebleven, dat mensen haast niet konden geloven dat hij sterfelijk was. Wonderlijk, maar zo voelde het aan.
En dat wij zo zichtbaar gelukkig waren met elkaar maakte indruk, en zo lang al, dat veel jonge mensen die ooit met Simon in aanraking kwamen hem nooit zonder mij hebben gekend. Ja, er wordt me wel gevraagd of ik het niet ook wel vervelend vond om in zijn schaduw te staan, dan zeg ik 'nee', of op de tweede plaats te komen, dan zeg ik 'maar zo voelde dat niet, omdat ik voor hem de eerste plaats bezette' en dat is dus De Grote Liefde mogen zijn, de muze die de dichter uitbundig koestert.'
Als je even kijkt naar de foto valt mij meteen iets op.

Ik zie geen onderbenen. En dat stond Simon in de nabije toekomst te wachten. Liever heel dan half, moet ergens in zijn hoofd een rol hebben gespeeld. O, lieve Simon, wat ben ik je diep dankbaar dat het niet zo ver heeft hoeven komen. Iedereen beseft dat, en daarom is verdriet draaglijk in mijn geval. Hij is niet lijfelijk aanwezig maar zijn geest is overal! Daarom ben ik niet alleen, ook morgenavond niet, en wat ben ik gelukkig met de vliegende start die de aandacht voor mijn boek heeft genomen. Nu komt de feestwens van vorig jaar in beeld. Zoek het verschil op met www.simonvinkenoog.nl Archief 23 december 2008! Zo heerlijk om hem te lezen.


Met dank aan Nick en Brian uit Doetinchem

Fotoshoppen behoort niet tot mijn vaardigheden, dus het is niet het jaartal.
Een heerlijk Oud&Nieuw toegewenst, voor mij de enige ingrijpende gezamenlijke feestdag van het jaar. In mijn buurt zijn de knallen al niet meer van de lucht, maar morgen een spetterend vuurwerk, te zien door drie ramen op het zuiden. Spectaculair. See you in the cosmos tomorrow.


 

Zondag 27 december 2009

Foto: Oscar Keyser - Van onder naar boven Grootmoeder , klein- en kinderen.

Het was weer uitstekend gezelschap waarin ik de laatste paar dagen verkeerde. We hadden een aanleiding: Kerstmis. Ik heb er helemaaldemaal niets mee en dat komt - evenals de Sinterklaasviering - omdat wij dat vroeger thuis zo grotelijks vierden dat ik de hedendaagse verwording veracht.
Het ging ons Godzijdank puur om het samenzijn. De kerstdiners die mijn zusjes hadden voorbereid waren afgestemd op zo min mogelijk keuken en zo veel mogelijk heerlijk praten. De lichtjes van de kunstkerstboom zijn al jaren stuk, maar daar gaat het ons niet om. We zijn al blij dat ie er staat!
Ik heb mijn gewoonte terug om tot diep in de nacht met mijn zwagers te praten, een psychiater en een schrijver/ journalist. En daarna de flessen en glazen te ruimen, als eenieder naar bed is en ik nageniet in het ouderlijk huis. Mijn vader is er niet meer dus de sfeer is veranderd. De stijl en etiquette hebben we terzijde geschoven ten faveure van de kinderen, die zo geweldig zijn dat ik zielsgelukkig ben met het nageslacht. Ik heb misschien mogen helpen vormen en dat is voor mij genoeg. Geen kinderen, nooit gewild, maar familie is essentieel. Mijn jongste neefjes en nichtje dachten lange tijd dat een tante iemand was die geen kinderen had! Boeiend... en dat zijn we allemaal, en daarom is het zo supertof om een paar dagen samen te zijn! Ja, net een stickemannetje opgestoken.

En het vreemde is dat Simons dood mijn eerste kind baart Heer en meester - hij is er !!!!!!!!!!

 


Uit Simons moleskine dagboektotophetlaatst



De Volkskrant 24 december 2009

Ik vermaak me kostelijk. Vanmorgenvroeg heb ik met mijn moeder uren naar de EO kerstconcerten gekeken. Wat een afschuwelijke liederen, maar wat een leuke zangers en zangerinnetjes; lang niet gezien!
Wij genoten samen, maar dachten ieder onze eigen dingen - of niet...
Veel gebeurd maar dat laat ik in het midden. I am overwelmed by all the positive reactions.
Ja, ik heb iets heeeeeeeeel erg groots mogen beleven en daar getuig ik graag van.
Kijk nog even naar Donkere Dagen - met Theo Heuft, de creator van Yab Yum - over sex en liefde.


 

Zaterdagnacht 19 december 2009

Het was weer heerlijk op de Winterparade op het Westergasfabriekterrein in Amsterdam. Vanmiddag werd ik gebeld door Terts Brinkhof - min of meer afgesproken - of ik zou komen vanavond. Ja natuurlijk, zeker zelfs, omdat ik gehaald en weer thuis gebracht zou worden door zijn bijzonder fijne zoon Luuk. Vorig jaar was Simon Aartsengel op de Winterparade - die hij dan opende met een gedicht - en wat hebben we genoten van de ambiance, het theater en de verrukkelijke gerechten van de mobiele keukenwagens van André Amaro!
Simon had Terts toen zijn Vinkenoog Verzameld cadeau gedaan en dit jaar heette het als eerbetoon de Vreugdetaal van Simon Vinkenoog en ik mocht een keuze maken uit die zestig jaar poëzie, zelfs vanavond daar iets uit voorlezen. Het werd het gedicht Welkom en ik deed het graag!


Ik begon als vanouds met een heerlijke cocktail


begaf me daarna naar de rookruimte Café IK

waar Raoul Wijsma de sterren van de hemel zong.

Vorig jaar ontdekten we daar wiskundestudent Jesse Dorrestijn, die gedichten van Hans Lodeizen en de stelling van Pythagoras op muziek had gezet. Deze avond was Raoul Wijsma van eenzelfde kaliber. Tweedejaars conservatorium zang/jazz. Hij was geweldig en vulde de rookruimte met een stem om U tegen te zeggen. Die zullen we in de toekomst nog wel tegenkomen in wat voor setting dan ook! IamRaoul.nl Aimabel en getalenteerd jong mens.
Jules Deelder - vergezeld door dochter Ari en Benjamin Herman - trad aan met een voor de gelegenheid geschreven kerstlied, een hartelijk weerzien met pianiste Iris Hond vond plaats, Jacob Rens en zijn koe Helena vertelden opgewonden over het Paradeavontuur in New York, en André Amaro kwam mij laten proeven van zijn 65 kilo wegende Madonna van pure chocolade. De tijd vloog voorbij. Silent disco blijft hilarisch en de sfeer hartverwarmend. Ik heb te weinig gezien deze avond, omdat het zo oergezellig was om met iedereen te praten. Maar U, grijp uw kans.


André Amaro in actie


Vrijdag 18 december 2009

Vanmiddag werden Theo Heuft - oprichter van Yab Yum (Sanskriet voor 'de eenwording tussen man en vrouw'), de eerste en enige topsexclub die Amsterdam ooit gekend heeft - en ik geïnterviewd door Marien van der Kooij bij AT5 (uitzending 24 december). We hadden alletwee een boek geschreven en pasten wonderwel bij elkaar.
Het was zo dermate gezellig dat na de opname nog een fles champagne (lees prosecco) werd opengetrokken. De redactie kon geen genoeg van ons krijgen en wij praatten lustig door over ons verleden.
Theo had zijn Zwitserse vrouw Monique bij zich, die net als ik met Simon haar man altijd vergezelt. Dat zijn de beste huwlijken! Van zijn boek waren al 50.000 exemplaren verkocht, dankzij De Telegraaf, en Henk van der Meyden gaat er een musical van maken. Wat een leuke mensen. Bescheiden maar met een immense wereld aan ervaring achter zich. Nou, ik ook.
Hij had zich vijfendertig jaar geleden met de meisjes ingelaten en ik met de hasjiesj, waar hij weer niets van moest hebben, maar die wél zijn ondergang inluidde. De dealers dan. De scene werd namelijk heel erg gewelddadig en daar kon ik over meepraten.
Ik had destijds een vriendin die in zijn eerste club werkte, de Bayadera (Sanskriet voor 'meisje kopen') aan het Westeinde. Thuis was zij een gewoon, onopvallend meisje met een bril, maar als zij zich opmaakte om naar haar werk te gaan kwam er een schoonheid te voorschijn, gehuld in zeegroene organza, die er gewoon zin in had om het oudste beroep van de wereld te gaan uitoefenen. Ze had ook een vriend, maar die had geen enkel bezwaar tegen haar luxe bezigheden, omdat zij een fortuin binnenbracht per maand.
Theo vond dat ik iets had misgelopen toentertijd, waarop ik repliceerde dat ik een vader had die ik dat niet kon aandoen, afgezien van het feit dat ikzelf een jager was en totaal terugschrok voor op verzoek dingen doen met mensen die ik misschien niet zag zitten. Hij: "Maar wij mannen doen toch alleen maar wat jullie willen!' Ja, ja. In ieder geval vond hij praten over wat je wel en niet van een partner verwacht essentieel voor een gelukkig huwlijksleven. En dat is zo.
Saskia Fris, de redactrice, had zo van mijn boek genoten (zij had het digitaal tot zich kunnen nemen) dat zij het aan haar vierennegentigjarige grootvader wil geven. Die had ook liefdesverdriet omdat zijn derde vrouw hem onlangs ontvallen was, maar gedroeg zich als slachtoffer, terwijl ik vreugde uitstraalde om wat geweest was. Ik ben gelukkig omdát ik De Grote Liefde heb mogen beleven. Kijken naar wat je wél hebt (gehad) en niet naar wat je niet hebt; dat is het grote verschil. Mijn zilvergrijze boek had ik niet bij me, want Pauw en Witteman krijgen de primeur op 6 of 7 januari 2010.
Intussen geniet ik van allerlei foto-sessies, interviews en televisie-opnames. Never a dull moment.
Op 24 december ligt mijn boek Heer en meester, een liefdesverklaring in de winkel. En over drie dagen is het alweer de kortste dag en begint het verlangen naar de lente zijn kop op te steken. Ondanks alles gaat de tijd toch bliksemsnel voorbij. Voor mij geen zwarte gaten en voor Theo Heuft ook niet!


 

Donderdag 17 december 2009

Belangrijke dag. Een uur voordat fotografe Keke Keukelaar haar gasten verwachtte in de OBA kreeg ik een telefoontje van mijn geweldige redactrice Vivian de Gier: 'Edith! Je boek is er! Het werd pas maandag verwacht, dus ik had daar niet op gerekend. Ik kon dan ook niet opgewonden in een taxi springen, al ware het maar omdat ik met Simons oudste zoon Robert eindelijk de DVDrecorder aan het installeren was en Keke mij verwachtte.
Hele belangrijke levensles: als ik iemand toezeg dat ik er zal zijn, dan bén ik er; ongeacht 'belangrijker' zaken; mensen gaan daar vaak te luchthartig mee om. Ik vroeg dan ook om bezorging per koerier, want ik was wel heel erg nieuwsgierig natuurlijk.

Ik ging dus kijken bij Keke, die schrijversportretten exposeerde in onze steengoede Openbare Bibliotheek aan de Oosterdokskade. Hooligans op weg naar de Arena zorgden voor onrust in de metro, treinen reden niet vanwege de sneeuw, net aangekomen New Yorkers dachten dat het om 7.30 pm begon omdat zij 17.30 uur niet kennen; kortom: ik was de eerste die er was en had alle rust en ruimte om de geportretteerden al dan niet in de ogen te kijken:


de allerliefste


de allerbeste


de alleraantrekkelijkste

Ik heb in 1979 een paar maanden in New York doorgebracht, wonend op 6th Avenue tussen de 21ste en 22ste straat, maar van dit driedaagse Festival dat morgen begint had ik geen notie! Wat gebeurt er toch waanzinnig veel in Amsterdam en hoe kom je daar bijtijds achter. Voorpret en je verdiepen in wie of wat je gaat zien vind ik essentieel voor een optimale beleving. www.slaa.nl


Keke Keukelaar in de OBA met op de achtergrond haar dertigtal indringende portretten

Op de zevende verdieping werd de borrel geserveerd in uiterst aangenaam gezelschap en daarna ging ik op huis aan. Ik was benieuwd naar mijn boek. Boeiend dat ik dan eerst alle andere post ga lezen en zelfs een blik werp in de krant alvorens de enveloppe open te scheuren. De verpletterende foto vond ik iets te grijs afgedrukt, jammer, maar toen ik ging lezen beleefde ik voor de zoveelste keer alles, van begin tot einde, onze laatste maand, en weer moest ik huilen om wat voorbij is, voorgoed voorbij...


 

Woensdag 16 december 2009

Vanavond heb ik café Scheltema bezocht - waar Simon en ik elkaar op een vrijdag hebben leren kennen - om aan te kondigen dat er een groot, bij hen bekend gezelschap gaat komen op vrijdag 8 januari 2010. Ik werd vergezeld door de stamoudsten van Ruigoord. We waren verenigd in het AHM voor een intieme borrel bij de twee grote naaktportretten van Simon en Robert Jasper Grootveld, recent (2007, 2008) door Aat Veldhoen geschilderd, en daarna gingen zij spontaan met mij mee.

Onze jongens hangen in de voormalige museumwinkel en de directeur heeft besloten dat 's avonds het licht aan blijft, zodat voorbijgangers en mensen in de tram ervan kunnen genieten.

Wij voelden ons meteen weer thuis in onze stamkroeg van weleer. We zagen het voor ons.
Op vrijdag 8 januari zetten wij daar door, want ik verwacht veel mensen. Menigeen laat nu al weten te komen, en niet alleen. Ik voel me natuurlijk ontzettend diep dankbaar dat zoveel mensen met mij meeleven, dus daar moet ik op anticiperen. Men komt van verre, ook al zeg ik dat het echt niet hoeft. Ik heb mensen een uitnodiging gestuurd om hen te laten weten dat het geen pipedream was maar menens. Iedereen heeft er kennelijk zin in. En niemand is dan ook te laat, want na de presentatie op Singel 262 feesten we gewoon door in Scheltema. Daar betaal ik de hapjes en ieder voor zichzelf de drank.
Ja, die respons is evenredig aan het idiote aantal belangstellenden in de media. Is mijn boek zo goed of is dit hyperig? Nou ja, ik moet de kost verdienen en doe dat in de geest van onze Simon: eerlijk en enthousiast! "Ik timmer niet aan de weg, de weg timmert aan mij" zei hij, en zo was het. Ook ik heb wat te vertellen. Heel eenvoudig, maar voor velen onbereikbaar.


Aat Veldhoen en Robert Jasper Grootveld met de rotaprenten - 1964

Aat Veldhoen en dochter Gala


 

Zondag 13 december 2009

Neen, hij werd het niet en ook niet de jongen naast hem. Die had ik in de gang druk als een zakenman horen telefoneren in de pauze en ik dacht meteen: dit is business, biznis.

Het erge is dat ik hun namen al niet meer aan een fysiek kan koppelen, want ik kende ze geen van allen op een uitzondering na: Jeroen Naaktgeboren die er na de eerste ronde al uit lag. Ik kon hem troosten met de woorden: 'Jeroen, jij bent natuurlijk alles behalve een absolute beginner dus je bent eigenlijk hors concours.' Hij is namelijk stadsdichter van Rotterdam geweest en stond daardoor zo sterk in zijn schoenen dat hij daarom afviel; te betreuren maar te begrijpen. Dit is een debutanten kampioenschap en als je in het circuit al vele prijzen gewonnen hebt, moet je eigenlijk niet meer mee willen doen. Grenzen verleggen, dames en heren.
En dat deden we.


Jeroen Naaktgeboren met op de voorgrond de wisseltrofee, die ik De Gouden Vink mocht dopen.



Had Giel griep? Jacques Klöters was een waardige vervanger.

Vorig jaar won de Rotterdamse schoonheid Najiba Abdellaoui (waar is zij gebleven?) van Gijs ter Haar (de applausmeter was hem niet gunstig gezind, tot ieders verbazing) en 2009 werd eveneens bekroond door een juweel van een vrouw: Ellen Deckwitz was de onbetwiste winnares. Elf deelnemers onder wie één vrouw, Ellen, en zij stond haar mannetje, zij was zichzelf, de vlag dekte de lading en dat werd gehonoreerd.
De poëzie stond zichzelf in de weg deze avond, want de mannetjes waren zichzelf niet tot nauwelijks. Het zijn géén acteerprestaties waarvoor wij komen, jongens; we willen wijzer worden. Ik tenminste wél. Als je werkelijk iets te vertellen hebt, hoef je niet op te zwellen. Persoonlijkheid doet de rest.
Slamdichter zijn werd te vaak opgevat als de tekst gevat brengen, maar daarmee verdring je het woord. Want de toeschouwer wordt dan welhaast gedwongen eerst aan de buitenkant te wennen, en komt daardoor aan de inhoud niet echt toe; waar gáát zo'n welgemikte voordracht nou eigenlijk over? De kleren van de keizer. Een van de mannetjes overschreeuwde zich dermate dat hem dat op slag ongeloofwaardig maakte. Ja, het waren veelal maaksels met oog op succes die de heren ten gehore brachten, zo weinig echt van binnen of met een visie.
Maarten Das en Sven Ariaans hadden dat wél al jong van nature. Die hoefden geen pose aan te nemen om indruk te maken en daarom drongen hun woorden zo diep door. Zij waren betrokken. En dát miste ik gisterenavond het meest: niets raakte mijn ziel! Bijna iedereen droeg een masker, behalve Ellen en Jeroen.
Vandaag besef ik dat mijn gevoel teleurgesteld is, en dat komt omdat ik natuurlijk ongelooflijk verwend ben geweest met een man als Simon Vinkenoog te mogen leven. Een dichter, denker en taalvirtuoos. Daar mag ik deze jonge dichters toch niet mee vergelijken? Nee, maar het gebeurde en ontlokte mij wat harde woorden. Anna, Simons dochter die mij vergezelde, uitte terecht de kritiek: 'je bent zo bloody honest.' Ja, daar sta ik om bekend. Misschien ging ik iets te ver. Vergeef me.
Er was mij die avond pas gevraagd of ik de prijs, na doping, ook wilde uitreiken. Wel, met graagte.
Ik werd een beetje handtastelijk, maar zo ben ik altijd geweest. Ik was blij verheugd dat een vrouw gewonnen had. Gewoon omdat zij de beste was.


Hartelijke groeten


 

Donderdag 10 december 2009

Er is een heleboel gebeurd deze laatste weken, maar het belangrijkste is dat mijn zuster Else Ringnalda op 30 november de grafheuvel van Simon vorm heeft gegeven. In drie uur tijd maakte zij een compositie van rivierkeien, die zij met vrienden op een strand in Normandië bijeen had gezocht afgelopen zomer. De regenboog, die wij als familie een treffend symbool voor Simon hadden gevonden, verbeeldde zij door een vrouwenfiguur koesterend over hem heen te laten buigen. Hij wordt beschermd nu, dat is voelbaar.


Else Ringnalda - grafheuvel
Simon Vinkenoog 18 juli 1928 - 12 juli 2009

Zij wist precies wat zij wilde






En het mooie is dat als het regent de grafheuvel donker wordt als de wolken

In de tijd die vooraf ging aan dit ontstaansproces heeft Diana Ozon voor Simons graf gezorgd: altijd een mooi boeket uit haar volkstuin, die in de buurt van Begraafplaats Sint Barbara gelegen is; ik herken haar signatuur! En zij zag erop toe dat bladeren werden weggeharkt van het kleurloze zand dat de kist bedekte. Er moest nog iets komen, was de boodschap, dat werd eenieder duidelijk die er zijn schelpen en knikkers talismannetjes en andere totemhebbedingetjes (vergeef me) in de geest van Simon achterliet. Ik heb alles meegenomen om er op mijn tuin op Buitenzorg een altaartje mee in te richten, op zijn eigen plek, onder de clematis, van Eden naar Morgenland. Hij was de homo ludens bij uitstek.



Dinsdag 24 november 2009

Het werd een hartelijk warm weerzien. Een voorbeeldige ontmoeting in een perfecte setting. En in ons midden bevond zich oud-minister president Dries van Agt. De man heeft nog niets van zijn charme en scherpzinnigheid verloren, een man van de wereld die zich overal thuis voelt. Een man die open is blijven staan voor wat er in onze samenleving gebeurt en die de arena betreedt als zijn geweten en gevoel dicteren dat hij onrecht te lijf moet gaan.
Hij werd graag herinnerd aan de dagen van weleer, toen hij onverschrokken de uitgezette lijn voortzette om te komen tot legalisering van Marihuana (Cannabis zal ik zelf niet gauw zeggen).

Mijn vader heeft daar een belangrijke rol bij gespeeld als secretaris-generaal van het Ministerie van Algemene Zaken (1972-1986).
Toen hij nog raadadviseur van de minister-president was, in de jaren zestig, en met mijn neef Edzard menig chillum had gerookt in de weekends dat er samen geschaakt werd, wist hij uit eigen ervaring dat hash een genotmiddel was zoals alcohol en tabak.
Men had het in de politiek achter de schermen al gauw over 'het duiven verhaal van Ringnalda' (in tegenstelling tot de haviken), wat betekende: laat alles wat er in onze samenleving gebeurt gewoon gebeuren, out in the open, niets verbieden; en wat er niet in thuis hoort selecteert zichzelf uit. Ja, zo eenvoudig was het vroeger en zo progressief was men in die dagen. Mijn vader en Dries van Agt waren bondgenoten. Dries stak zijn vreugde niet onder stoelen of banken dat hij een dochter van 'onze Derk' in de armen mocht sluiten; wij haalden herinneringen op.


Met psychiater Freek Polak (links) vóór de persconferentie
foto: Derrick Bergman

Mijn grote bewondering gaat uit naar Shiva Spaarenberg - dochter van gastheer Ben Dronkers -
die dit evenement vlekkeloos heeft georganiseerd. Niemand stak een ongeoorloofde sigaret op in dit mooie Bethaniën klooster, de Media waren dit keer volop aanwezig en deden verslag in kranten en op televisie (een jakhalsje van DWDD werd door Van Agt liefdevol afgewezen) en de stemming was serieus uitgelaten, zoals dat hoort bij een gelegenheid als deze.


V.l.n.r. Ben Dronkers, Edith Ringnalda, Dries van Agt, Freek Polak en Koos Zwart
foto: Derrick Bergman


Na de persconferentie die door Dries van Agt superieur werd geleid en de sprekers Freek Polak en Koos Zwart van de 'beursberichten' van vroeger, was het mijn beurt om de prijs uit te reiken.

 


Amsterdam, 23 november 2009 - Uitreiking van de Cannabis Cultuurprijs 2009
foto: Derrick Bergman


Meneer van Agt,

Wij kennen u al bijna veertig jaar als een stoutmoedig mens.
U durfde - en durft nog steeds - barricaden te beklimmen vanuit een diepe overtuiging:
alle mensen ter wereld zijn gelijkwaardig.

Voor mij als vrouw is zo’n uitspraak dubbel doorslaggevend
om van u te houden.

U weet alles van Recht en Onrecht en hebt uw gevoel laten meespreken in uw werk.
U begrijpt de tijdgeest, toen en nu, en bent nooit opgehouden zich in te zetten voor
de goede zaak. U heeft een visie, een zeldzaamheid in deze wereld, en die hebt u gezien;
van Tokyo tot Washington, als ambassadeur van de Europese Gemeenschap, en daarvoor als minister van Justitie en Minister President van ons land. Toen heeft u een fakkel ontstoken - u gaf de burgers de vrijheid zelf te beslissen wat goed voor ze was – en wij houden die fakkel hoog.

Meneer van Agt, u bent ongetwijfeld een poëzieliefhebber, mijn echtgenoot Simon Vinkenoog was dichter, en mijn vader stond destijds als secretaris-generaal dicht bij u. Een gedicht is dan ook een passende afsluiting, een Navaho traditional,
en dat opdragen aan u en aan alle mensen met een visie.

Trust your vision
make it whole
hold it like the Navaho
his solemn desert oracle
in quest of shaman passage
gaining his healing chant
guiding him through life.
Hold the vision
constantly rising
it is the way nature works
through you
it is the only self
an ever changing underdream
a vision (if you see it)
up to you
to make real.
Act on your vision
And pray that you are blessed.

Het is een eer u de Cannabis Cultuurprijs 2009 te mogen uitreiken, namens ons allen,
van harte gefeliciteerd.


foto: Derrick Bergman GONZO Media


Zondag 22 november 2009

Morgen mag ik een rol vervullen en daar verheug ik me op! Een kleine speech heb ik al op papier gezet en zal die tzt afdrukken tezamen met een verslag van de middag. Ik voel me vereerd en gelukkig dat ik in Simons voetspoor mag treden. Zo luidt het persbericht dat 20 november door de organisatie is verzonden.

PERSBERICHT

Wegens sleutelrol gedoogbeleid

CANNABIS CULTUURPRIJS VOOR DRIES VAN AGT

AMSTERDAM, 20 november – Oud-premier Dries van Agt ontvangt maandag de Cannabis Cultuurprijs 2009 uit handen van Edith Ringnalda. Van Agt krijgt de prijs voor zijn sleutelrol bij de totstandkoming van het gedoogbeleid voor cannabis in de jaren zeventig.

In 1976 sleepte Van Agt een wijziging van de Opiumwet door de Eerste en Tweede Kamer, waarin het onderscheid tussen soft- en harddrugs werd vastgelegd. Van Agt was in 1980 minister-president toen nieuwe 'richtlijnen op het gebied van de kleinhandel in cannabis' het gedogen van commerciële coffeeshops mogelijk maakten.

Edith Ringnalda is de weduwe van dichter Simon Vinkenoog, winnaar van de Cannabis Cultuurprijs in 2008. Vader, D.M Ringnalda, was van 1972 tot 1986 secretaris-generaal op het ministerie van Algemene Zaken en diende onder anderen Van Agt toen deze premier was. D.M Ringnalda: 'Regeren is niet vooruitzien, maar weten wat er in de samenleving speelt.'

De Cannabis Cultuurprijs is een eerbetoon aan personen die een uitzonderlijke bijdrage hebben geleverd aan de acceptatie van cannabis en hennep. Aan de prijs is een bedrag van € 3.000 verbonden. Bovendien krijgt de winnaar een portret in het Hasjmuseum met een toelichting op zijn of haar verdiensten voor de acceptatie van cannabis en hennep.

De uitreiking van de Cannabis Cultuurprijs 2009 vindt plaats in het Bethaniënklooster in Amsterdam op maandag 23 november 2009 van 16.00 – 18.00 uur.

Voorafgaand aan de uitreiking verzorgen twee sprekers een inleiding over nationaal en internationaal cannabisbeleid; Dr. Freek Polak, bestuurslid Stichting Drugsbeleid, en Koos Zwart, bekend uit de jaren zeventig van de ‘beursberichten’ in de Rooie Haan.

www.hashmuseum.com/cannabis-cultuurprijs


Dinsdag 17 november 2009


Iedereen die Simon heeft gekend weet van zijn tas - formaat postbode. Kilo's poëzie gingen mee op stap naar optredens; geen wonder dat hij lichtgebogen liep. Het liefst had hij die honderden gedichten gebundeld gezien, dik als een telefoonboek, maar bescheidener kon natuurlijk ook. Zondag 15 november mocht ik in Ruigoord - op de maandelijkse literaire middag - de tweede druk in ontvangst nemen van Goede raad is vuur, een poëtische handreiking. Simon noemde het zelf een Fundgrube, een schatkamer voor iedereen die zich serieus als dichter zou willen ontwikkelen. Zijn eigen poëtische Werdegang wordt erin beschreven, de ontwikkeling van zijn eigen smaak en voorkeuren: wereldpoëzie, van Jalal Al-Din Roemi (1207 - 1273) tot vriend en tijdgenoot Hans Verhagen (1939 - ), ingebed in voor Simon belangwekkende prozateksten over poëzie, en met achterin een bibliografie van zo'n honderd titels. In april van dit jaar heeft Simon er zelf nog een voorwoord bij geschreven.
Zaterdag zat het bij de post en ik heb bijna de hele dag gehuild met dit boekje in handen. Geen gedicht kon ik hardop lezen zonder in tranen uit te barsten. Ik mis hem met de dag meer.
Ik weet hoe, wanneer en waar Simon dit boek geschreven heeft: tijdens het ziekbed van mijn vader. Ze zijn er allebei niet meer, maar Goede raad is er gelukkig - weer - wél!
Op zoek naar mijn favoriete gedichten schrok ik want ik kon ze niet vinden! O LIED! o Lied van Guido Gezelle en Trust your vision, een Navaho traditional waren verkeerd terecht gekomen.
Ik stuitte op prozateksten die zo mooi waren dat ik ze in Ruigoord heb voorgelezen. Brieffragmenten van Arthur Rimbaud, een kostelijke tekst van Paul Rodenko en een citaat uit Jeannette Winterson's Art Objects dat ik graag met u deel.

'The healing power of art is not a rhetorical fantasy. For some music, for some pictures,
for me primarily poetry, whether found in poems or in prose, cuts through noise and hurt,
opens the wound to clean it and then gradually teaches it to heal itself. Wounds need to be taught to heal themselves.'

Ik mocht het aan den lijve ondervinden: sommige poëzie vindt regelrecht de weg naar de ziel.
En hier zit ik dan, alleen, aan zijn bureau, met zijn boeken en papieren om mij heen precies zoals hij ze hier heeft achtergelaten. Niet omdat ik er een museum van wil maken, maar omdat we eenvoudigweg geen ruimte meer hadden om alles een eigen plaats te geven. Het is alsof Simon ieder moment binnen kan komen - oh, was dat maar waar - en ik zei tegen zijn kinderen: 'Dit is het huis waar jullie je vader kunnen blijven ontmoeten.' Zo voel ik het tenminste.
En dit is een voorzichtig begin van een eigen webstek; goed voorbeeld doet goed volgen.
Eén ding is zonneklaar: www.simonvinkenoog.nl is volstrekt uniek en wordt nog dagelijks door honderden mensen bezocht. Het was Simons testament! Zo zij het.
Uw Edith Ringnalda, debutante