2009-02-11
Terug naar Auckland


De route van Hamilton naar Auckland liep langs een plek die ik eigenlijk nog wilde zien. Ik wilde namelijk nog even kijken bij de "Glenbrook Vintage Railway". Een oude stoomspoorlijn, die door vrijwilligers in stand gehouden wordt. Dom genoeg had ik dat niet goed afgesproken met Julia en ik was er ook niet duidelijk over. Daardoor kreeg zij meer en meer het idee, dat ik nog een geweldige verrassing voor haar in petto had. En dat was niet het geval. Toen dat duidelijk werd, was Julia erg teleurgesteld en verdrietig en ik kon mezelf wel voor mijn kop slaan: Hoe kon ik zo stom zijn om dit te veroorzaken!

Omdat het een doordeweekse dag was, was er op het stationnetje erg weinig te beleven, maar er waren wel wat wagons te zien. Terwijl ik met de camera overal rondliep ging Julia rustig op een bankje zitten en hoorde daar meer over deze spoorweg dan ik met al mijn inspanningen te weten kwam.
We waren natuurlijk uren te vroeg bij de luchthaven, dus er was nog tijd om even Auckland in te gaan. Nog even mochten we genieten van de sfeer van deze geweldige stad. Even terug ook bij het gevoel van die eerste dagen van onze vakantie. Terug naar Queen Street, de P.C. Hooftstraat van Auckland, waar de meest luxe winkels zijn. Daar fotografeerde ik het Britomart Transport Centre, zonder echt te beseffen wat een historische plek dit in feite was. Het werd in 1912 geopend als postkantoor, maar stond in feite op het grootste knooppunt van openbaar vervoer in Auckland tussen de veerhaven, het busstation en het treinstation in. Treinstation?? Jazeker! In 2003 is het "BTC" opnieuw opgeleverd en het vormt nu hèt knooppunt van het Aucklandse openbaar vervoer, inclusief een hypermodern station. Maar we liepen er voorbij zonder het te weten. Misschien heeft het zo moeten zijn: Ik had mijn hand vandaag toch al schromelijk overspeeld qua "treinen"...

Terug ook naar "Provedor", een bar waar we de eerste keer niks hadden willen drinken, omdat het er te duur was. Daar raakten we in gesprek met een Canadees. Zou hij een "Purple Panty Remover" voor ons gaan bestellen??
We aten bij een Japans afhaalrestaurant, dat ook wat banken buiten had staan en daar ontmoetten we een Nederlander. Ja, hij was ook voor een maand in Nieuw-Zeeland, hij was net aangekomen. Maar daarvoor had hij er al een maand in Australië op zitten.
We gingen ook nog even naar Starbucks voor een stevige bak koffie. We waren inmiddels gewend om "long black coffee" te bestellen, maar bij Starbucks heet dat dan weer een "Americano".
Toen de koffie op was, ging ik vanaf het terras nog even een filmpje maken van het verkeerslicht op het kruispunt voor de deur. We vinden echt alles goed aan dit stoplicht: Het geluid dat het maakt, het wandelende mannetje bij groen licht, het aftellen voordat het weer op rood springt en vooral het feit dat de voetgangers in alle richtingen tegelijk groen licht krijgen. Je kunt dus ook diagonaal oversteken als je dat wilt. Het zorgt voor een hele goede doorstroming.
Het inchecken was nog even spannend: We waren aangekomen met één koffer, maar we vertrokken er met twee. We hadden ze ook niet kunnen nawegen... En ze bleken allebei te zwaar! De ene woog 21 kilo en de andere 22, terwijl maximaal 20kilo is toegestaan. De grondstewardess deed er gelukkig niet moeilijk over...

Gelukkig bleek men in Auckland goede voorzieningen voor de rokers te hebben: Het stukje stoep voor de deur waar je mag roken kenden we al, maar ook voorbij de paspoortcontrole was nog aan ons gedacht: We konden terecht op een soort dakterras, dat er echt heel verzorgd uit zag. Hulde!
2009-01-28
Windy Welly

We kochten retourtjes voor de Cable Car, hoewel ik niet zeker wist of we ook terug zouden gaan met het treintje: Het is vaak het leukste om met de trein de berg op te gaan en dan zelf terug te lopen. Maar voor een treinenliefhebber ligt het iets anders: De rit op zich is ook een attractie.
Een kabelbaan is geen gewone trein: Er zit geen motor in! De beide wagons hangen aan de uiteinden van een lange staalkabel en de motor staat boven in de machinekamer.

Als de ene wagon omhoog gaat, komt de andere naar beneden en andersom. Zo houden ze elkaar in evenwicht en dat scheelt enorm in de kracht die de motor moet leveren om de berg op te komen.
Halverwege is een punt waar de twee wagons elkaar passeren, net zoals de trams in de Leidsestraat. Alleen houden ze daarbij niet rechts, zoals de tram, want dan zouden de kabels hopeloos in de knoop raken! Wagon 1 neemt altijd het zuidelijke spoor en wagon 2 het noordelijke.
Ik had een mooi filmpje van de tocht gemaakt, maar dat is helaas verloren gegaan bij het overzetten van mijn foto's naar de PC thuis. Daar kom ik nog op terug. We moeten het dus stellen met wat niet-bewegende foto's...

Bovenaan is in het oude motorhuis nu het Cable Car Museum gehuisvest, waar van alles te zien is over de geschiedenis van deze kabelbaan. Omdat de wagons op het spoor altijd op een helling staan, zijn ze ook scheef opgebouwd. Dat ziet er wel een beetje raar uit, als ze in het museum opeens recht staan. Ik ben dus maar schuin gaan zitten.

Er is hier ook een astronomisch waarnemingsstation, maar dat was jammer genoeg gesloten. Buiten was wel een leuke zonnewijzer te zien, in feite zijn er een heleboel zonnewijzers in de botanische tuinen. Als je iets van zonnewijzers weet, is
er één ding dat hier meteen opvalt: De uren staan er verkeerd-om op aangegeven! Of toch niet? In Nieuw-Zeeland is nou eenmaal alles andersom; ze rijden aan de verkeerde kant van de weg, ze lopen met hun voeten omhoog en hun hoofd naar beneden... Ja, op het zuidelijk halfrond, aan de onderkant van de aarde! Ook een zonnewijzer werkt daar andersom, omdat de zon weliswaar opkomt in het oosten, maar dan niet via het zuiden, maar via het noorden draait, om in het westen weer onder te gaan. Heel verwarrend allemaal. Deze zonnewijzers zijn dus niet fout, maar in Nederland zouden ze niet werken.Wat je op de zonnewijzer in elk geval wel kunt zien, is dat het tijd was voor de lunch. Gelukkig is er ook een restaurant in de botanische tuin, dus we zijn eerst maar eens een hapje gaan eten. De restjes werden door de vogels vakkundig opgeruimd.

We gingen verder naar de begoniakas, maar daar was wel iets meer te zien dan bagonia's! Tjonge wat een prachtige bloemen!



Vooral die foto in het midden vond ik erg mooi. Maar hoe heette die bloem ook alweer? Een Plumeria! Via LinkedIn ben ik daar achter gekomen, maar dat is een verhaal apart.
Als er op de grond zo veel te zien is, zou je bijna vergeten om naar de lucht te kijken. Maar ik heb de camera toch ook maar even omhoog gericht. Ook in Wellington waren er weer heel bijzondere wolken te zien. Je moet niet vergeten dat je hier op een klein stukje vaste grond loopt, midden in de oceaan. Wellington staat dan ook bekend om zijn wind. (Vandaar "Windy Welly".) Het waait er vrijwel altijd, en niet zo'n beetje! De westenwind die op de veertigste breedtegraad altijd waait (ook wel bekend als de "roaring fourties"), wordt bij Wellington nog eens extra versterkt, doordat de wind zich tussen het Noorder- en het Zuidereiland door probeert te persen.

We waren van al dat wandelen behoorlijk moe geworden en we hadden wel een biertje verdiend. We legden aan op een heerlijk terrasje (uit de wind en in de zon) bij "One Red Dog", waarschijnlijk een broertje van "Man bijt Hond" en we dronken er een echte Hoegaarden Witbier! Jazeker, dat is dus toch verkrijgbaar in Nieuw-Zeeland, maar alleen bij een toprestaurant zoals dit. Het stond duidelijk niet zonder reden vermeld in New Zealand (Country Guide)
Nu had ik nog wel graag naar het Te Papa museum gewild, maar Julia was te moe. En in mijn eentje had ik daar geen zin in. Dus ik heb Julia terug naar het hotel gebracht en ik ben nog een beetje gaan shoppen, ondermeer bij Jay-Jay's, waar ik een leuk wit topje kon kopen voor NZ$ 10,- en bij Arty Bees bookshop, waar ik heel erg in de verleiding kwam om "Lord of the Rings" te kopen. Het was een uitgave in drie delen, voor NZ$ 30,- per deel. Dat is niet duur en ik wil dat boek nog steeds eens echt in het Engels lezen. Maar ik had geen negentig dollar meer in mijn portemonnee, dus ik heb die aankoop nog even uitgesteld. [Misschien maar goed ook, want ik zie nu dat bij Amazon The Lord of the Rings. 3 Vol. Set

Toen ik terugkwam in het hotel, was Julia net uitgeslapen en we konden weer op pad voor het avondeten. In een zijstraat van Cuba Street vonden we een heel klein Maleisisch afhaalrestaurant waar ook wat stoelen buiten stonden. Julia wilde een "Char Kueh Teaw" (noedels met bonenspruiten), maar dat was mij te gewaagd, ik hield het op een "Sweet & Sour Pork" (zoet/zuur varkensvlees). Het gevolg van die keuze was, dat Julia stokjes bij haar eten kreeg en ik een gewoon bestek. Ik heb gauw wat foto's gemaakt, want Julia eet liever niet met stokjes. Dit zijn dus vrij unieke beelden.
Nadat de foto gemaakt was, hebben we maar gauw van bestek geruild...
2009-01-27
Van Eketahuna naar Wellington
De afstand van Eketahuna naar Wellington is maar 139 kilometer, maar we waren vast van plan om onderweg ook wat leuke dingen te gaan bekijken. Het ging eerst richting Masterton, over die weg (SH2) die we al zoveel keer gereden hadden, maar daarna ging het verder naar het zuiden, richting Greytown. Onze reisgids, die ik nu trouw overal met me meesleepte had ons al een beetje gewaarschuwd voor dit gebied: "Several small-town rural communities pop up along SH2 [...], each with a minor attraction or two and varying degrees of appeal." Het is duidelijk: In elk klein plaatsje hopen ze iets te verdienen aan de stroom toeristen die er voorbij trekt en aan de mensen uit Wellington, die een weekendje er op uit willen. Twee attracties werden met name genoemd: "Cobblestones Village Museum" in Greytown en "Stonehenge Aotearoa" vlakbij Carterton.
Voordat we Greytown bereikten, was er voor een treinenliefhebber als ik een leuke verrassing: Een gesloten overweg... Eindelijk een trein in aantocht!

Een nadeel van mijn camera is, dat hij het laatst opgenomen beeld een tijdje vasthoudt. Als je dan weer beeld hebt, is het net te laat om de volgende foto te maken. Ik denk trouwens dat dat een instelling is, die je kunt wijzigen; ik zal eens kijken.

Eenmaal aangekomen in Greytown stopten we voor een kop koffie en een cigaret. En ik las voor uit de reisgids over wat hier allemaal te zien zou zijn. Ge bouwen in Victoriaanse stijl? Inderdaad, we zagen er een paar...

De belangrijkste bezienswaardigheid in Greytown zou het Cobblestones-museum zijn, dus dat zijn we maar eens gaan bekijken. Het is één van de vele "early settlers"-musea, geweid dus aan de tijd dat Nieuw-Zeeland gekoloniseerd werd. Tja, ik weet niet of al dit soort musea zo zijn, maar Cobblestones viel ons behoorlijk tegen. Er stonden verschillende oude (houten) gebouwen, die verplaatst waren van hun originele locatie naar het terrein van het museum.

Natuurlijk is het leuk dat zulke gebouwen behouden blijven en het is een mooie gelegenheid om een stukje geschiedenis te laten zien. Maar er stonden ook een heleboel oude landbouwmachines weg te roesten. Zonde! Als je er op die manier mee omgaat, verdwijnt het industriële erfgoed op den duur vanzelf...

We vervolgden onze weg naar Wellington en ik probeerde de hoofdweg te vermijden en een touristische route te volgen, maar dat pakte slecht uit. De wegen werden steeds smaller, tot we uiteindelijk op een gesloten hek stuitten. Er zat niks anders op dan terug te gaan en toch maar de hoofdweg te volgen.
We hadden van te voren niets geregeld voor een hotelkamer, we waren van plan om in Wellington een VVV-kantoor te zoeken, maar dat bleek niet zo gemakkelijk te vinden. Trudy stuurde ons heen en weer, zodat we soms drie keer op dezelfde plek terug kwamen. Uiteindelijk zijn we maar ergens gaan parkeren en gewoon naar een hotel toe gelopen. Ze hadden geen kamer vrij, maar het hotel waar ze mee samenwerkten wel. Ze verwezen ons naar het Abel Tasman Hotel in 169 Willis Street, twee straten verderop. En inderdaad: Daar konden we terecht en ze hadden ook een plekje voor onze auto...
Het hotel was niet zo overdreven luxe als wat we de eerste dagen hadden meegemaakt, maar een stuk beter dan het commercial hotel in Eketahuna. We hadden een eigen douche en WC en natuurlijk een waterkoker, een TV en een minibar, ongeveer wat je van een normaal hotel zou verwachten. En als je in aanmerking neemt dat het in het centrum van de hoofdstad ligt, is NZ$ 139 per nacht ook nog spotgoedkoop voor onze begrippen!
De meeste restaurants waren te vinden in en rond Cuba Street.
We gingen eten bij Roxy Cafe in 203-205 Cuba Street. We begonnen met een portie knoflookbrood en als hoofdgerecht hadden we heerlijke geroosterde varkensfilets, gerold in plakjes spek en een mooie fles rode wijn er bij, een Mt Riley Pinot Noir. We pakten ons decadente leventje weer op...
2009-01-26
Afscheid
Ik heb Henk aangeraden om extra RAM-geheugen bij te kopen. Dan moet wel de kast even open om het te plaatsen. Waarschijnlijk doen ze dat in de computerwinkel wel even voor hem.

Julia was intussen bezig om de was op te hangen voor Tallie in de tuin. Moet je eens kijken naar die wolken op de foto. Heel bijzonder! Ik heb later nog veel meer bijzondere wolken gezien in Nieuw-Zeeland. Daar kon ik nog op terug.
Er was ook nog tijd om te kijken naar de foto's die mijn zwager Ben gemaakt had toen hij twee jaar geleden Tallie bezocht. Hij had wel een trein gezien in Eketahuna! Nou, dan maak ik toch gewoon een foto van deze foto's! Thuis kijk ik wel of ik er nog iets mee kan.

Het bleek niet zo eenvoudig om deze foto's goed te krijgen: Zo'n stoomlocomotief is heel erg zwart en steekt af tegen het heel erg lichte landschap. Bovendien bleek dat er op de rechter foto hele grote vingerafdrukken staan. Waarschijnlijk heeft iemand het negatief verkeerd beetgepakt. Als ik het contrast nog verder zou opvoeren, zou de schuldige makkelijk te identificeren zijn...
We waren in de afgelopen dagen eindelijk weer eens goed bijgepraat met Henk en Tallie. We spreken ze wel vaak via de telefoon, maar dit is toch anders.
Ze hebben door de jaren heen met veel belangstelling mijn transitie van man naar vrouw gevolgd. Ze hebben ons ook al lang geleden gewezen op Georgina Beyer, parlementslid voor de Labour Party voor Wairarapa in Nieuw-Zeeland. Ze is waarschijnlijk de eerste transseksueel die eerst tot burgemeester en later tot parlementslid is verkozen (door de overwegend blanke plattelandsbevolking van Wairarapa). Behalve vrouw is ze ook nog eens Maori, dus ze zal best tegen een hoop discriminatie hebben moeten knokken om die positie te bereiken. Georgina is trouwens ook nog eens ge-interviewd in Gendertalk, het LGBT-radioprogramma en podcast waar ik zelf twee jaar aan heb meegewerkt.
Ik had gelezen dat 6 februari Waitangi-day was, de nationale feestdag van Nieuw-Zeeland. Zou het niet een leuk idee zijn om die dag in Waitangi door te brengen? Tallie raadde ons dat af: "Je hebt grote kans, dat er op die dag rottigheid in Waitangi gebeurt." Later zou blijken, dat ze daar gelijk in had...

We aten vandaag in het hotel. Er viel niks te kiezen, je eet daar wat de pot schaft. Nou, dat viel eigenlijk helemaal niet tegen: Een stevig stuk vlees, aardappels en koolsla. Het was smakelijk en natuurlijk veel meer dan we op konden.

Ook van Pete, die we elke avond in de bar spraken, moesten we vandaag afscheid nemen. De bar was vandaag dicht, maar we vonden hem in de TV-kamer in het hotel. We hebben nog lang met hem zitten kletsen en hij liet ons ook zijn foto's zien, die hij allemaal op een laptop heeft staan. Een kiwi? Ja hoor, die had hij ook op de foto staan. Een baby-kiwi zelfs, die hij tijdens zijn reis in Coromandel in zijn handen had gehad. Ik nam een foto van het scherm van de laptop, opnieuw met het idee om die thuis uit te vergroten en recht te trekken in Paint.NET.
Tot zo ver Eketahuna... De volgende dag zouden we vertrekken naar Wellington!
2009-01-24
Middleton Model Railway

Werk aan de winkel dus. Henk nam telefonisch contact op met een Internet-provider en nadat hij zich had laten registreren, kreeg hij de helpdesk aan de lijn om de installatie op de PC te doen. Op dat moment mocht ik de telefoonhoorn van hem overnemen.
Natuurlijk had ik van te voren al gecontroleerd of er een modem in de PC zat, of ik dat met Hyperterminal kon benaderen, of het modem was aangesloten op de telefoonlijn en of de PC in staat was om een verbinding te maken. Dat was allemaal in orde. Ik had dus alleen nog het juiste inbelnummer, de gebruikersnaam en het wachtwoord nodig.
Nadat ik die gegevens zorgvuldig had opgeschreven in Henk's adresboekje, viel de helpdesk-medewerker van de lijn, maar ik wist al genoeg. Opzetten van een inbelverbinding onder Windows XP is helemaal niet moeilijk. We waren dus al snel online. Maar ik was nog niet tevreden: Hoe zat het met de virusscanner en het installeren van Windows updates? Er was nog steeds een hoop te doen! Om te beginnen dus updates downloaden. Nou, dat duurt uren met een 57kB modem, dus daar hoefde ik niet naast te blijven zitten.

Intussen waren twee familieleden aangekomen, die we gisteren nog niet gezien hadden: Dochter Julia en kleindochter Kate. Ze zijn wat meer cameraschuw dan de rest van de familie, maar het is toch gelukt ze op de gevoelige plaat vast te leggen.
's Middags zijn we er maar eens op uit gegaan. We namen de weg naar Masterton, dat is de dichtsbijzijnde plaats van enige omvang. En onderweg stuitten we op een bord:
Tot nu toe had ik erg weinig treinen gezien in Nieuw-Zeeland, dus hier was een kans om de schade in te halen. Een modelbaan! Dit is één van de grootste modelbanen in Nieuw-Zeeland. Hij is gebouwd met als thema de Engelse Midlands rond de niet-bestaande stad Middleton. Naast de stad is ook het platteland weergegeven, evenals de haven van Eastwich.


De baan omvat zo'n 300 meter spoor, 227 wissels, 10 stations, een rangeerterrein, een haven met treinveer, een ijzermijn en een klakgroeve. Zie ook www.modelrailway.co.nz.
Naast de modelbaan is er ook de kaasmakerij. De melk komt van enkele Jersey-koeien met een stamboom. De boerin maakt zelf de kaas en houdt daarbij de melk van de verschillende koeien apart. Je kunt de kaas proeven en dan weet je dus welke kaas van welke koe komt.

Misschien heb je je afgevraagd hoe je de naam "Cwmglyn" uitspreekt? Ja, dat is een leuk geval! Het komt niet vaak voor, maar de letter W kan in het Engels gebruikt worden als een klinker! De correcte uitspraak is Koem-glin. Wie in deze eigenaardigheid van de Engelse taal geïnteresseerd is, kan terecht op de website van Grammar Girl.

Toen we na dit intermezzo eindelijk Masterton bereikten, was het alweer etenstijd. We vonden een heel leuk eetcafé, Joxer Dalys Ale House in 7 Perry Street, waar we voor 42 Nieuwzeelandse dollar (inclusief drankjes) samen heerlijk gesteengrild hebben.
2008-11-24
Glasvezeltechnologie
Dit is het derde artikel in een serie over het Elektorlive-event.
De tweede lezing ging over glasvezeltechnologie. Steeds meer mensen weten wat dat is, nu er steeds meer huishoudens op het Internet (EN de kabel-TV En de telefoon) worden aangesloten via glasvezelkabels. Dat heet FTTH (Fiber To The Home). Op zich is de glasvezeltechniek helemaal niet zo nieuw, het wordt allang gebruikt voor de "hoofdwegen" van het Internet. Een groot voordeel is de enorme overdrachtssnelheid van deze kabels vergeleken met koperkabels. Een ander voordeel is dat een glasvezelkabel niet gevoelig is voor elekomagnetische storingen.
Glasvezelkabels wordt dan ook veel ingezet bij de spoorwegen, want het elektromagnetische veld dat wordt opgewekt als een elektrische locomotief voorbijkomt is bepaald heftig.
En via de spoorwegen kwamen we meteen terecht bij een ander toepassingsgebied van glasvezelkabels: Als sensor! Glasvezels zijn behoorlijk gevoelig voor verbuiging en daar kan op allerlei slimme manieren gebruik van gemaakt worden om sensoren te maken.
Zo kan een glasvezelkabel aan de spoorlijn niet alleen melden of een spoor bezet is, maar zelfs metingen doen aan de wielen van de trein, zodat men van elk wiel kan vaststellen of het aan onderhoud toe is, zonder dat de trein naar de werkplaats hoeft. Een grote kostenbesparing!
In dit plaatje zien we de meetresultaten als drie wielen de sensor passeren. De eerste twee zijn goed; het derde wiel heeft onderhoud nodig.
Ook aan dijken en aan vliegtuigen valt met glasvezels een hoop te meten. De toepassingen zijn echt verrassend.
De tweede lezing ging over glasvezeltechnologie. Steeds meer mensen weten wat dat is, nu er steeds meer huishoudens op het Internet (EN de kabel-TV En de telefoon) worden aangesloten via glasvezelkabels. Dat heet FTTH (Fiber To The Home). Op zich is de glasvezeltechniek helemaal niet zo nieuw, het wordt allang gebruikt voor de "hoofdwegen" van het Internet. Een groot voordeel is de enorme overdrachtssnelheid van deze kabels vergeleken met koperkabels. Een ander voordeel is dat een glasvezelkabel niet gevoelig is voor elekomagnetische storingen.
Glasvezelkabels wordt dan ook veel ingezet bij de spoorwegen, want het elektromagnetische veld dat wordt opgewekt als een elektrische locomotief voorbijkomt is bepaald heftig.En via de spoorwegen kwamen we meteen terecht bij een ander toepassingsgebied van glasvezelkabels: Als sensor! Glasvezels zijn behoorlijk gevoelig voor verbuiging en daar kan op allerlei slimme manieren gebruik van gemaakt worden om sensoren te maken.
Zo kan een glasvezelkabel aan de spoorlijn niet alleen melden of een spoor bezet is, maar zelfs metingen doen aan de wielen van de trein, zodat men van elk wiel kan vaststellen of het aan onderhoud toe is, zonder dat de trein naar de werkplaats hoeft. Een grote kostenbesparing!In dit plaatje zien we de meetresultaten als drie wielen de sensor passeren. De eerste twee zijn goed; het derde wiel heeft onderhoud nodig.
Ook aan dijken en aan vliegtuigen valt met glasvezels een hoop te meten. De toepassingen zijn echt verrassend.
Labels: Elektorlive, treinen
2006-08-25
Kutná Hora
Zo'n 70 km ten oosten van Praag ligt het stadje Kutná Hora. Met zijn 22.000 inwoners lijkt het onbelangrijk vergeleken met Praag, maar in het verleden was dat wel anders. Kutná Hora heeft grote rijkdom gekend. Die rijkdom kwam uit de grond: Er werd erg veel zilvererts gevonden bij de stad. In de tweede helft van de 13e begon een competitiestrijd tussen Praag en Kutná Hora over wie wel de belangrijkste stad was, niet alleen op economisch, maar ook op politiek en cultureel gebied. De stad heeft vel beroemdheden voortgebracht, zoals bijvoorbeeld de journalist en toneelschrijver J. K. Tyl, waarnaar ons hotel vernoemd is!
Men wist dit vol te houden tot in de 16e eeuw, toen de zilvermijnen uitgeput begonnen te raken. De stad is nu niet meer zo belangrijk, maar aan deze periode uit het verleden danken we wel meer dan 300 erkende historische monumenten uit de Middeleeuwen en de barok. Kutná Hora ontbreekt dan ook niet op de lijst van wereldwijd cultureel erfgoed van de UNESCO.
Redenen genoeg om te gaan kijken dus. Het is ook altijd een leuk avontuur om in het buitenland een treinreis te maken en we hadden gisteren al uitgebreid geoefend om het staion te vinden.
De treinreis verliep dan ook voorspoedig, tot aan het centraal station van Kutná Hora. Daar had ik willen overstappen op een lokaalspoortje dat ons naar het oude stadscentrum zou brengen, maar onze trein was tien minuten te laat. Het lokale treintje was dus al weg.

"En de volgende?"
"Die gaat over twee uur!"
Ja zeg! Daar gaat ons dagje uit! Dan maar een taxi naar het centrum. We overlegden met de chauffeur over de prijs en hij wilde ons wel brengen voor 100 kronen. Dat is iets meer dan drie Euro. Voor dat bedrag mag je in Nederland alleen naar een taxi kijken, maar niet te lang!
We wilden als eerste naar de St. Barbara-Kathedraal. Daar kom je langs een lange, rechte weg met aan je rechterhand de Jezuïtenschool en links een stenen muurtje. Over dat muurtje heen heb je een wijds uitzicht over het dal van de rivier de Vrchlice. Alles wordt op het ogenblik gerestaureerd: De school, de beelden op het muurtje en de kathedraal zelf.
Gelukkig stond niet alles in de steigers, dus er was genoeg moois te zien. De kathedraal is echt indrukwekkend. Er werd met de bouw begonnen in 1388 door Petr Parléř, dezelfde architect die in Praag de St. Vitus-kathedraal schiep. Kutná Hora wilde immers in niets onderdoen voor Praag! Maar eigenlijk was deze kathedraal pas in 1905 helemaal af. Er zijn in de kerk dan ook verschillende stijlen te ontdekken, zoals Gotiek en Barok.
Ook in de kerk is te zien dat alles in Kutná Hora om de mijnwerkers draaide, vandaar dit standbeeld. De mijnwerker is in de originele klederdracht. In zijn rechterhand houdt hij een stuk gereedschap, in de linker een mijnlamp. Om zijn middel draagt hij een speciaal leren schort dat de mijnwerkers gebruikten om zich naar beneden te laten glijden.
Toen we uit de kathedraal kwamen hadden we honger en we vonden een Mexicaans restaurant, waar we enchilada's bestelden. Ze smaakten ons uitstekend, maar wat we nog niet wisten, was dat het vlees waarschijnlijk niet meer helemaal vers was. Daar zouden we nog snel genoeg achter komen.
De eerste bezienswaardigheid die we nu tegen kwamen was het Hrádek, het kleine kasteel, een oorspronkelijk laatgotisch kasteel uit de 14de eeuw dat vroeger ook deel uitmaakte van de fortificaties van de stad. Tegenwoordig is er een museum voor mijnbouw in gevestigd.
Er werden ook rondleidingen gegeven en daar hadden we wel zin in. Maar voordat de rondleiding begon, hadden we nog tijd om wat zilver te kopen: Julia en ik hebben allebei een nieuwe ring gekocht.
De rondleiding begon met een hoop uitleg over hoe de mijnbouw in zijn werk ging in de Middeleeuwen en we bezochten een rosmolen die gebruikt werd om zware lasten mee uit de mijn te takelen. Het hoogtepunt van de rondleiding was een bezoek aan een echte mijn. Dat werd echter afgeraden voor mensen met claustrofobie, hartpatiënten en voor iedereen die zich vandaag niet helemaal lekker voelde.
Nou, ik voelde me inderdaad niet lekker. Ik had onder normale omstandigheden mijn claustrofobie wel voor een tweede keer willen trotseren, maar eigenlijk wilde ik alleen nog maar naar het toilet. De enchilada's lagen me erg zwaar op de maag. Dus ik zei tegen onze gids dat ik afzag van het bezoek aan de mijn. Julia ging wel en ik vond het een beetje eng om haar te laten gaan, maar ze wilde per se en er waren natuurlijk genoeg mensen bij om haar op te vangen als er iets mis ging. De avonturiers kregen allemaal een witte jas aan, een helm op en een eigen zaklantaarn en ze vertrokken naar de ingang van de mijn.
Ik bleef achter bij de ingang van het museum en ging op zoek naar een toilet. Nou, dat was gemakkelijk te vinden: Aan de overkant van de straat was een soort VVV-kantoor waar ook de kaartjes voor het museum verkocht werden. Daar waren toiletten die voor museumbezoekers gratis te gebruiken waren. Je moest alleen even bij de kassa de sleutel ophalen. Ik kreeg een sleutel en zette koers naar het damestoilet.
"Wacht even, wacht even", riep de man bij de kassa en hij zwaaide met een andere sleutel. Blijkbaar had hij me voor een man aangezien en de verkeerde sleutel gegeven. Gelukkig had hij er helemaal geen moeite mee om me gebruik te laten maken van het toilet waar ik thuishoor.
Ik voelde al snel weer een stuk beter en ik vond een leuk plekje om te gaan zitten in afwachting van de terugkomst van de helden die de mijn bezocht hadden. Ik ging zitten op een muurtje een meter of tien boven het pad waarlangs ze terug zouden komen. Veel mensen zouden dat misschien wel een eng plekje vinden, maar van hoogtevrees heb ik geen last. Ik liet mijn benen lekker over de rand bungelen en ik zag dat ik van hier een heel mooi zicht had op de St. Barbara-kathedraal. De foto van de kathedraal heb ik vanaf dit punt gemaakt.
Het wachten duurde lang en maakte me zenuwachtig. Ik heb meerdere sigaretten gerookt, voordat ze eindelijk weer in zicht kwamen. Ja, ik moet het toegeven: Ik ben deze vakantie weer helemaal in de fout gegaan met roken, ik zal het opnieuw moeten afleren
Eindelijk, daar waren ze. Als een soort van processie kwamen ze de berg weer opgeklommen. Julia kwam achteraan en hoewel de tocht erg vermoeiend voor haar was, kun je aan haar gezicht wel zien dat ze het een geweldige ervaring vond.
We gingen terug naar het centrale plein en namen nog een drankje. Het werd tijd om te denken over de terugreis naar Praag. De taxi was ons zo goed bevallen dat we er niet eens over dachten om met de trein naar het centraal station te gaan. Vanuit een telefooncel belde ik een taxi en die pikte ons binnen vijf minuten op. We onderhandelden niet over de prijs, maar lieten ons gewoon meevoeren. Toen we aankwamen bij het station, stond de meter op 87 kronen, dus we hebben 13 kronen fooi gegeven. Blijkbaar was dat onderhandelen vanmorgen nergens voor nodig geweest.
Onze treinkaartjes hadden maar 118 kronen gekost en dat leek me zelfs voor Tsjechische begrippen wel erg goedkoop (4 Euro) voor een retour over een afstand van 75 km, dus voor de zekerheid vroeg ik nog aan het loket of deze kaartjes ook geldig waren voor de terugreis.
"Jazeker", zei de man achter het loket.
De trein bracht ons dit keer tot Kolín en daar moesten we overstappen, maar eerst moest ik weer naar het toilet. Ik ga niet graag op een station naar het toilet, maar het moest gewoon. Ik ging naar het damestoilet en betaalde het daarvoor verschuldigde bedrag aan de meneer bij de ingang. Toen ik daarna doorliep riep hij:
"Wacht even, wacht even!"
Verbaasd keerde ik me om, om te kijken wat er aan de hand was en hij overhandigde me een stuk toiletpapier: Op de toiletten was geen papier en dat kreeg je bij de ingang als je netjes betaalde. Weer wat geleerd!
We hadden de snelste verbinding naar Praag gemist en we kwamen terecht in een trein die via een omweg reed. Maar wat een trein! Dit was echt super-modern materieel, waar de Nederlandse Spoorwegen jaloers op kunnen zijn! We reisden 2e klasse, maar we zaten gewoon heerlijk zacht in een brandschone, gloednieuwe coupé.
Buiten ging de zon onder en het landschap zag er sprookjesachtig uit in dit vreemde licht. Foto's maken lukte natuurlijk niet, want recht tegen de zon in fotograferen is de dood voor je camera en onder een hoek fotograferen levert storende spiegelingen op in het raam van de trein. Er zat niets anders op dan gewoon te kijken en te genieten.
Uiteindelijk kwamen we in Praag aan op een ander station dan waar we vertrokken waren. We wandelden vanaf het station naar het Westen, op zoek naar een plaats om te dineren, toen we achter ons een groep voetbalfans hoorden. Ze naderden met vrij grote snelheid en dat vond ik toch wel onprettig.
Ik dacht de laatste tijd dat ik redelijk passabel was, maar in Tsjechië ben ik er achter gekomen dat dat een stuk minder is dan ik dacht. Ik werd daar voortdurend nagestaard en bekeken alsof ik een wezen van een andere planeet was. Gelukkig is het niet tot agressie gekomen, hoewel er een moment op een metrostation was dat ik me toch wel wat bedreigd voelde.
Blijkbaar zijn de Tsjechen wat dit betreft nog niks gewend en gaan Nederlanders er een stuk soepeler mee om. En blijkbaar is "het" aan mij nog steeds duidelijk te zien. Ik ben hier wel van geschrokken, ik hoop maar dat ik in Nederland toch mijn normale zelfvertrouwen kan blijven uitstralen...
Het laatste wat ik wilde was een confrontatie met een grote groep voetbalfans, dus we gingen snel een restaurant binnen, we hadden opeens helemaal geen moeite om er eentje uit te kiezen 
Het bleek trouwens een uitstekend restaurant, we waren gelukkig goed terecht gekomen.
Maar voordat we gingen eten moesten we allebei naar het toilet, ook Julia's darmen begonnen op te spelen. Het was nu wel duidelijk dat er echt iets mis was geweest met die enchilada's van vanmiddag, alleen had ik er eerder last van gekregen dan Julia. Gelukkig hadden we nog wel trek in een diner en we namen een maaltijdsalade met spek en gebakken ei. Een verrassende combinatie, maar erg lekker!
Men wist dit vol te houden tot in de 16e eeuw, toen de zilvermijnen uitgeput begonnen te raken. De stad is nu niet meer zo belangrijk, maar aan deze periode uit het verleden danken we wel meer dan 300 erkende historische monumenten uit de Middeleeuwen en de barok. Kutná Hora ontbreekt dan ook niet op de lijst van wereldwijd cultureel erfgoed van de UNESCO.
Redenen genoeg om te gaan kijken dus. Het is ook altijd een leuk avontuur om in het buitenland een treinreis te maken en we hadden gisteren al uitgebreid geoefend om het staion te vinden.

"Die gaat over twee uur!"
Ja zeg! Daar gaat ons dagje uit! Dan maar een taxi naar het centrum. We overlegden met de chauffeur over de prijs en hij wilde ons wel brengen voor 100 kronen. Dat is iets meer dan drie Euro. Voor dat bedrag mag je in Nederland alleen naar een taxi kijken, maar niet te lang!
We wilden als eerste naar de St. Barbara-Kathedraal. Daar kom je langs een lange, rechte weg met aan je rechterhand de Jezuïtenschool en links een stenen muurtje. Over dat muurtje heen heb je een wijds uitzicht over het dal van de rivier de Vrchlice. Alles wordt op het ogenblik gerestaureerd: De school, de beelden op het muurtje en de kathedraal zelf.
Gelukkig stond niet alles in de steigers, dus er was genoeg moois te zien. De kathedraal is echt indrukwekkend. Er werd met de bouw begonnen in 1388 door Petr Parléř, dezelfde architect die in Praag de St. Vitus-kathedraal schiep. Kutná Hora wilde immers in niets onderdoen voor Praag! Maar eigenlijk was deze kathedraal pas in 1905 helemaal af. Er zijn in de kerk dan ook verschillende stijlen te ontdekken, zoals Gotiek en Barok.
Ook in de kerk is te zien dat alles in Kutná Hora om de mijnwerkers draaide, vandaar dit standbeeld. De mijnwerker is in de originele klederdracht. In zijn rechterhand houdt hij een stuk gereedschap, in de linker een mijnlamp. Om zijn middel draagt hij een speciaal leren schort dat de mijnwerkers gebruikten om zich naar beneden te laten glijden.Toen we uit de kathedraal kwamen hadden we honger en we vonden een Mexicaans restaurant, waar we enchilada's bestelden. Ze smaakten ons uitstekend, maar wat we nog niet wisten, was dat het vlees waarschijnlijk niet meer helemaal vers was. Daar zouden we nog snel genoeg achter komen.
De eerste bezienswaardigheid die we nu tegen kwamen was het Hrádek, het kleine kasteel, een oorspronkelijk laatgotisch kasteel uit de 14de eeuw dat vroeger ook deel uitmaakte van de fortificaties van de stad. Tegenwoordig is er een museum voor mijnbouw in gevestigd.
Er werden ook rondleidingen gegeven en daar hadden we wel zin in. Maar voordat de rondleiding begon, hadden we nog tijd om wat zilver te kopen: Julia en ik hebben allebei een nieuwe ring gekocht.
De rondleiding begon met een hoop uitleg over hoe de mijnbouw in zijn werk ging in de Middeleeuwen en we bezochten een rosmolen die gebruikt werd om zware lasten mee uit de mijn te takelen. Het hoogtepunt van de rondleiding was een bezoek aan een echte mijn. Dat werd echter afgeraden voor mensen met claustrofobie, hartpatiënten en voor iedereen die zich vandaag niet helemaal lekker voelde.Nou, ik voelde me inderdaad niet lekker. Ik had onder normale omstandigheden mijn claustrofobie wel voor een tweede keer willen trotseren, maar eigenlijk wilde ik alleen nog maar naar het toilet. De enchilada's lagen me erg zwaar op de maag. Dus ik zei tegen onze gids dat ik afzag van het bezoek aan de mijn. Julia ging wel en ik vond het een beetje eng om haar te laten gaan, maar ze wilde per se en er waren natuurlijk genoeg mensen bij om haar op te vangen als er iets mis ging. De avonturiers kregen allemaal een witte jas aan, een helm op en een eigen zaklantaarn en ze vertrokken naar de ingang van de mijn.
Ik bleef achter bij de ingang van het museum en ging op zoek naar een toilet. Nou, dat was gemakkelijk te vinden: Aan de overkant van de straat was een soort VVV-kantoor waar ook de kaartjes voor het museum verkocht werden. Daar waren toiletten die voor museumbezoekers gratis te gebruiken waren. Je moest alleen even bij de kassa de sleutel ophalen. Ik kreeg een sleutel en zette koers naar het damestoilet.
"Wacht even, wacht even", riep de man bij de kassa en hij zwaaide met een andere sleutel. Blijkbaar had hij me voor een man aangezien en de verkeerde sleutel gegeven. Gelukkig had hij er helemaal geen moeite mee om me gebruik te laten maken van het toilet waar ik thuishoor.
Ik voelde al snel weer een stuk beter en ik vond een leuk plekje om te gaan zitten in afwachting van de terugkomst van de helden die de mijn bezocht hadden. Ik ging zitten op een muurtje een meter of tien boven het pad waarlangs ze terug zouden komen. Veel mensen zouden dat misschien wel een eng plekje vinden, maar van hoogtevrees heb ik geen last. Ik liet mijn benen lekker over de rand bungelen en ik zag dat ik van hier een heel mooi zicht had op de St. Barbara-kathedraal. De foto van de kathedraal heb ik vanaf dit punt gemaakt.
Het wachten duurde lang en maakte me zenuwachtig. Ik heb meerdere sigaretten gerookt, voordat ze eindelijk weer in zicht kwamen. Ja, ik moet het toegeven: Ik ben deze vakantie weer helemaal in de fout gegaan met roken, ik zal het opnieuw moeten afleren
Eindelijk, daar waren ze. Als een soort van processie kwamen ze de berg weer opgeklommen. Julia kwam achteraan en hoewel de tocht erg vermoeiend voor haar was, kun je aan haar gezicht wel zien dat ze het een geweldige ervaring vond.We gingen terug naar het centrale plein en namen nog een drankje. Het werd tijd om te denken over de terugreis naar Praag. De taxi was ons zo goed bevallen dat we er niet eens over dachten om met de trein naar het centraal station te gaan. Vanuit een telefooncel belde ik een taxi en die pikte ons binnen vijf minuten op. We onderhandelden niet over de prijs, maar lieten ons gewoon meevoeren. Toen we aankwamen bij het station, stond de meter op 87 kronen, dus we hebben 13 kronen fooi gegeven. Blijkbaar was dat onderhandelen vanmorgen nergens voor nodig geweest.
Onze treinkaartjes hadden maar 118 kronen gekost en dat leek me zelfs voor Tsjechische begrippen wel erg goedkoop (4 Euro) voor een retour over een afstand van 75 km, dus voor de zekerheid vroeg ik nog aan het loket of deze kaartjes ook geldig waren voor de terugreis."Jazeker", zei de man achter het loket.
De trein bracht ons dit keer tot Kolín en daar moesten we overstappen, maar eerst moest ik weer naar het toilet. Ik ga niet graag op een station naar het toilet, maar het moest gewoon. Ik ging naar het damestoilet en betaalde het daarvoor verschuldigde bedrag aan de meneer bij de ingang. Toen ik daarna doorliep riep hij:
"Wacht even, wacht even!"
Verbaasd keerde ik me om, om te kijken wat er aan de hand was en hij overhandigde me een stuk toiletpapier: Op de toiletten was geen papier en dat kreeg je bij de ingang als je netjes betaalde. Weer wat geleerd!
We hadden de snelste verbinding naar Praag gemist en we kwamen terecht in een trein die via een omweg reed. Maar wat een trein! Dit was echt super-modern materieel, waar de Nederlandse Spoorwegen jaloers op kunnen zijn! We reisden 2e klasse, maar we zaten gewoon heerlijk zacht in een brandschone, gloednieuwe coupé.
Buiten ging de zon onder en het landschap zag er sprookjesachtig uit in dit vreemde licht. Foto's maken lukte natuurlijk niet, want recht tegen de zon in fotograferen is de dood voor je camera en onder een hoek fotograferen levert storende spiegelingen op in het raam van de trein. Er zat niets anders op dan gewoon te kijken en te genieten.
Uiteindelijk kwamen we in Praag aan op een ander station dan waar we vertrokken waren. We wandelden vanaf het station naar het Westen, op zoek naar een plaats om te dineren, toen we achter ons een groep voetbalfans hoorden. Ze naderden met vrij grote snelheid en dat vond ik toch wel onprettig.
Ik dacht de laatste tijd dat ik redelijk passabel was, maar in Tsjechië ben ik er achter gekomen dat dat een stuk minder is dan ik dacht. Ik werd daar voortdurend nagestaard en bekeken alsof ik een wezen van een andere planeet was. Gelukkig is het niet tot agressie gekomen, hoewel er een moment op een metrostation was dat ik me toch wel wat bedreigd voelde.
Blijkbaar zijn de Tsjechen wat dit betreft nog niks gewend en gaan Nederlanders er een stuk soepeler mee om. En blijkbaar is "het" aan mij nog steeds duidelijk te zien. Ik ben hier wel van geschrokken, ik hoop maar dat ik in Nederland toch mijn normale zelfvertrouwen kan blijven uitstralen...
Het laatste wat ik wilde was een confrontatie met een grote groep voetbalfans, dus we gingen snel een restaurant binnen, we hadden opeens helemaal geen moeite om er eentje uit te kiezen Het bleek trouwens een uitstekend restaurant, we waren gelukkig goed terecht gekomen.
Maar voordat we gingen eten moesten we allebei naar het toilet, ook Julia's darmen begonnen op te spelen. Het was nu wel duidelijk dat er echt iets mis was geweest met die enchilada's van vanmiddag, alleen had ik er eerder last van gekregen dan Julia. Gelukkig hadden we nog wel trek in een diner en we namen een maaltijdsalade met spek en gebakken ei. Een verrassende combinatie, maar erg lekker!
Labels: treinen
2006-08-24
Praagse jugendstil
We wilden vandaag met de trein naar Kutná Hora, maar ik kon het centraal station niet vinden!
Ja, dat was knap stom van me, blijkbaar ben ik een reisleider van lik mijn vestje. We waren gewoon op de tram gestapt en ik dacht dat bijna elke tram wel naar het centraal station zou gaan, zoals we dat in Nederland gewend zijn. Maar zo is het niet! Onze tram reed, zo bleek later, met een grote boog om het station heen en zette ons af in een godverlaten buitenwijk.
Terug naar het hotel dus, waar ik als penitentie de kaarten moest bestuderen om uit te zoeken waar dat station nou precies was. Het was intussen te laat geworden om nog aan een grote treinreis te beginnen, dus moest ik een alternatief plan bedenken. Dan maar een dagje gotiek, renaissance, barok, jugendstil en art-nouveau in het centrum van Praag.
Dus we gingen op weg naar het beginpunt van de route. Niet met zo'n nare tram, maar gewoon fijn met de vertrouwde metro.
"We gaan van I.P. Pavlova via Muzeum en Hlavní Nádraží naar Florenc en daar stappen we over op lijn B voor het laatste stukje naar Náměstí Republiky", zei ik.
"Prima schat", zei Julia.
"Weet je trouwens wat Hlavní Nádraží betekent?"
"Nee?"
"Centraal station!"
PETS!
"Auw!"
Julia had me een flinke tik op mijn billen gegeven. Het is toch een schande! Heb ik daarvoor nou maanden Tsjechisch gestudeerd? Maar de Tsjechen hebben het ook niet echt gemakkelijk gemaakt om dat station te vinden. Op het overzichtskaartje in de metro staat het weggefrommeld tussen twee grote overstapstions alsof het een onbelangrijke halte is! Als je geen Tsjechisch kent, vind je het nooit. In elk geval zullen we morgen geen moeite hebben om het te vinden.
We begonnen bij Obecní Dům, het Gemeentehuis. Nadat Praag tegen het eind van de 19e eeuw de radicaalste moderniseringfasen uit zijn geschiedenis had doorstaan - waarin onder andere de stadsmuren waren gesloopt, de spoorlijnen naar Wenen en Berlijn waren aangelegd, prachtige stations waren gebouwd en de Moldau grotendeels was gereguleerd - besloot de gemeenteraad tot de bouw van dit 'representatieve gebouw van de hoofdstad'. Gisteren hadden we het al aan de buitenkant gezien, maar nu zijn we naar binnen gegaan. Sommige ruimtes in het gebouw kun je niet zomaar in. Om in de beroemde Smetana-zaal te komen, moet je een kaartje kopen voor een concert dat in die zaal gegeven wordt. Maar er zijn ook verschillende restaurants en een café in het gebouw waar je vrij naar binnen kunt lopen. In het café in the souterrain zagen we deze prachtige lamp hangen. Daarnaast zie je een stukje smeedwerk van de liftkoker.


We besloten om een hapje te eten in het restaurant op de begane grond. Een heel indrukwekkende ruimte. De bediening was er echter waardeloos. We moesten enorm lang wachten en de ober was erg onvriendelijk. Ik probeerde hem nog te ontdooien, door bij ons vertrek in het Tsjechisch om de rekening te vragen.
"Dvĕstĕdvacetšest", zei hij snel.
Ik bleef hem vriendelijk aankijken, terwijl ik in mijn hoofd probeerde deze klanken te decoderen, maar hij was me voor:
"Two hundred and twenty six."
OK, dat was mijn eigen schuld, als ik Tsjechisch spreek, moet ik er ook op voorbereid zijn om in het Tsjechisch antwoord te krijgen. Dat grapje mocht hij maken. Wat minder grappig was, was dat hij me vijftig kronen te weinig wisselgeld gaf. Ik had het pas in de gaten toen het al te laat was.
We gingen op pad en kwamen al snel bij een station. Niet het centraal station, maar Masarykovo Nádraží, het oudste station van Praag. Het werd geopend in 1845.


Ik ben dol op treinen en als ik op vakantie ben, wil ik ook altijd het station zien van de plaats die we bezoeken. Julia gaat dan maar even op een bankje zitten, terwijl ik van het ene perron naar het andere hol om allemaal foto's van de treinen te maken.


We gingen weer verder en bezochten ook nog het centraal station. [Op dit moment heb ik te weinig ruimte op Flickr om die foto's te laten zien; ik hoop ze later nog eens toe te voegen.]
Uiteindelijk kwamen we bij restaurant Příčný Řez, waar ik zo dom was om een groot glas witbier te bestellen. Het leek wel een aquarium! Grappig trouwens dat in Praag bij de beter gesorteerde bars en restaurants gewoon ons vertrouwde Hoegaarden Witbier verkrijgbaar is.
Příčný Řez is echt een hele leuke zaak met een fijne sfeer, vriendelijke bediening, een hele mooie aankleding en heerlijk eten. We bestelden een "Pepek" ("Popeye"), een gerecht dat bestond uit spinaziebladeren, blauwe kaas en zure room. Dat was echt smullen!


We waren alweer knap moe, maar we waren nu bijna weer bij de Moldau-oever en daar wilde ik graag naartoe, naar het Slovanský ostrov (Slavische eiland) om precies te zijn. Niet om galerie Mánes te bezichtigen, maar gewoon om langs de oever te flaneren en misschien zelfs wel een waterfiets te huren.


En dat deden we! Je kunt op de Moldau niet zo ver varen, omdat overal stuwen zijn om het waterpeil onder controle te houden, maar we konden wel helemaal om een ander eiland, Střelecký ostrov, heen varen. Vanaf het water hadden we weer een mooi zicht op de Karelsbrug en op de vele mooie gebouwen op de oevers.
Toch deden we iets fout. Deze twee meisjes hadden het veel slimmer aangepakt dan wij: Ze hadden een man meegebracht om voor ze te roeien.
Terug naar het hotel dus, waar ik als penitentie de kaarten moest bestuderen om uit te zoeken waar dat station nou precies was. Het was intussen te laat geworden om nog aan een grote treinreis te beginnen, dus moest ik een alternatief plan bedenken. Dan maar een dagje gotiek, renaissance, barok, jugendstil en art-nouveau in het centrum van Praag.Dus we gingen op weg naar het beginpunt van de route. Niet met zo'n nare tram, maar gewoon fijn met de vertrouwde metro.
"We gaan van I.P. Pavlova via Muzeum en Hlavní Nádraží naar Florenc en daar stappen we over op lijn B voor het laatste stukje naar Náměstí Republiky", zei ik.
"Prima schat", zei Julia.
"Weet je trouwens wat Hlavní Nádraží betekent?"
"Nee?"
"Centraal station!"
PETS!
"Auw!"
Julia had me een flinke tik op mijn billen gegeven. Het is toch een schande! Heb ik daarvoor nou maanden Tsjechisch gestudeerd? Maar de Tsjechen hebben het ook niet echt gemakkelijk gemaakt om dat station te vinden. Op het overzichtskaartje in de metro staat het weggefrommeld tussen twee grote overstapstions alsof het een onbelangrijke halte is! Als je geen Tsjechisch kent, vind je het nooit. In elk geval zullen we morgen geen moeite hebben om het te vinden.
We begonnen bij Obecní Dům, het Gemeentehuis. Nadat Praag tegen het eind van de 19e eeuw de radicaalste moderniseringfasen uit zijn geschiedenis had doorstaan - waarin onder andere de stadsmuren waren gesloopt, de spoorlijnen naar Wenen en Berlijn waren aangelegd, prachtige stations waren gebouwd en de Moldau grotendeels was gereguleerd - besloot de gemeenteraad tot de bouw van dit 'representatieve gebouw van de hoofdstad'. Gisteren hadden we het al aan de buitenkant gezien, maar nu zijn we naar binnen gegaan. Sommige ruimtes in het gebouw kun je niet zomaar in. Om in de beroemde Smetana-zaal te komen, moet je een kaartje kopen voor een concert dat in die zaal gegeven wordt. Maar er zijn ook verschillende restaurants en een café in het gebouw waar je vrij naar binnen kunt lopen. In het café in the souterrain zagen we deze prachtige lamp hangen. Daarnaast zie je een stukje smeedwerk van de liftkoker.

We besloten om een hapje te eten in het restaurant op de begane grond. Een heel indrukwekkende ruimte. De bediening was er echter waardeloos. We moesten enorm lang wachten en de ober was erg onvriendelijk. Ik probeerde hem nog te ontdooien, door bij ons vertrek in het Tsjechisch om de rekening te vragen.
"Dvĕstĕdvacetšest", zei hij snel.
Ik bleef hem vriendelijk aankijken, terwijl ik in mijn hoofd probeerde deze klanken te decoderen, maar hij was me voor:
"Two hundred and twenty six."
OK, dat was mijn eigen schuld, als ik Tsjechisch spreek, moet ik er ook op voorbereid zijn om in het Tsjechisch antwoord te krijgen. Dat grapje mocht hij maken. Wat minder grappig was, was dat hij me vijftig kronen te weinig wisselgeld gaf. Ik had het pas in de gaten toen het al te laat was.
We gingen op pad en kwamen al snel bij een station. Niet het centraal station, maar Masarykovo Nádraží, het oudste station van Praag. Het werd geopend in 1845.


Ik ben dol op treinen en als ik op vakantie ben, wil ik ook altijd het station zien van de plaats die we bezoeken. Julia gaat dan maar even op een bankje zitten, terwijl ik van het ene perron naar het andere hol om allemaal foto's van de treinen te maken.


We gingen weer verder en bezochten ook nog het centraal station. [Op dit moment heb ik te weinig ruimte op Flickr om die foto's te laten zien; ik hoop ze later nog eens toe te voegen.]
Uiteindelijk kwamen we bij restaurant Příčný Řez, waar ik zo dom was om een groot glas witbier te bestellen. Het leek wel een aquarium! Grappig trouwens dat in Praag bij de beter gesorteerde bars en restaurants gewoon ons vertrouwde Hoegaarden Witbier verkrijgbaar is.
Příčný Řez is echt een hele leuke zaak met een fijne sfeer, vriendelijke bediening, een hele mooie aankleding en heerlijk eten. We bestelden een "Pepek" ("Popeye"), een gerecht dat bestond uit spinaziebladeren, blauwe kaas en zure room. Dat was echt smullen!


We waren alweer knap moe, maar we waren nu bijna weer bij de Moldau-oever en daar wilde ik graag naartoe, naar het Slovanský ostrov (Slavische eiland) om precies te zijn. Niet om galerie Mánes te bezichtigen, maar gewoon om langs de oever te flaneren en misschien zelfs wel een waterfiets te huren.


En dat deden we! Je kunt op de Moldau niet zo ver varen, omdat overal stuwen zijn om het waterpeil onder controle te houden, maar we konden wel helemaal om een ander eiland, Střelecký ostrov, heen varen. Vanaf het water hadden we weer een mooi zicht op de Karelsbrug en op de vele mooie gebouwen op de oevers.
Toch deden we iets fout. Deze twee meisjes hadden het veel slimmer aangepakt dan wij: Ze hadden een man meegebracht om voor ze te roeien.Labels: treinen
2006-04-19
Treindienstleidster
Vandaag behandelden we storingen. Soms wordt een spoorsectie bezet gemeld door het systeem, terwijl er helemaal geen trein in staat. Er kan dan van alles aan de hand zijn: Een draadbreuk, een kortsluiting tussen de beide spoorstaven of relaiscontacten in de beveiliging die zijn blijven plakken.
De enige manier om er achter te komen wat er aan de hand is, is een deskundige er naartoe sturen om te kijken. Machinisten zijn deskundig in het beoordelen van de toestand van het spoor. Meestal zul je dus een machinist die daar toch toevallig voorbij moet vragen om het spoor te "schouwen".
Dat gaat echter niet vanzelf: Je kunt geen normale rijweg instellen over een bezette spoorsectie; dat zou niet veilig zijn! Toch is het mogelijk om een trein naar een bezet spoor te sturen. Dat gebeurt dagelijks, bijvoorbeeld als twee treinstellen aan elkaar gekoppeld moeten worden. Je kunt daarvoor een "ROZ"-rijweg instellen (ROZ="Rijden Op Zicht"). De machinist krijgt dan geen groen licht, maar een geel knipperlicht en dan weet hij dat hij langzaam moet rijden, zodat hij tijdig kan stoppen als er iets in de weg staat.
Ik zag vandaag plotseling dat de spoorsectie bij wissel 1201 bezet was geraakt, terwijl daar volgens mij geen trein hoorde te staan. Er stond ook al een trein te wachten voor sein 1206, die nu niet verder kon. Ik moest hem bellen om hem te vragen het spoor te schouwen. Maar kon ik ook een ROZ-rijweg voor hem instellen? Dat leek me in dit geval niet verstandig. Zolang de bezetting van de spoorsectie niet wordt opgeheven, blijft zo'n rijweg namelijk staan en dat zou betekenen dat er geen enkele trein meer over de wisselstraat zou kunnen. Ik had gisteren al gemerkt, hoe vervelend dat is...
Ik kon dus geen rijweg instellen. Maar als er geen rijweg beschikbaar is, blijft het sein op rood staan! De machinist wil dan, terecht, niet verder rijden. Ook voor deze situatie is een oplossing en dat is de STS-instructie (STS="Stop tonend Sein"). Het komt er op neer, dat je alle wissels in de goede stand legt en alle kruisende sporen blokkeert, zonder echt een rijweg in te stellen. Gelukkig helpt de software daar bij want het is heel gemakkelijk om één van die blokkeringen te vergeten en daarmee een ongeluk te veroorzaken.
Het plaatje is hier een beetje vereenvoudigd weergegeven: De witte lijntjes geven de blokkeringen aan, maar in werkelijkheid zijn er meer blokkeringen nodig dan hier zijn ingetekend.
Als alles correct is ingesteld moet er een rood formulier ingevuld worden en dat moet aan de machinist worden voorgelezen. En hij moet dan letterlijk herhalen wat je gezegd hebt. Daarna mag hij het rode sein voorbij rijden.
Tijd om de telefoon te pakken en de machinist te bellen:
"Meester, ik wil U vragen het spoor achter sein 1206 tot aan wissel 1199B voor mij te schouwen."
"Krijg ik dan groen licht? Ik mag nog niet verder!"
"Nee, U krijgt van mij een "Aanwijzing stoptonend sein":
"Veel succes, Meester!"
"Goed zo, Evelien", roept de instructeur.
Toch wringt er iets: Ben ik nou treindienstleider of treindienstleidster? Ik ben maar eens gaan zoeken op het Internet of het woord "treindienstleidster" eigenlijk wel bestaat. Ik kwam het drie keer tegen:
Nog een praktisch vraagje: Als ik een machinist met "Meester" moet aanspreken, is zijn vrouwelijke collega dan een "Meesteres"?
De enige manier om er achter te komen wat er aan de hand is, is een deskundige er naartoe sturen om te kijken. Machinisten zijn deskundig in het beoordelen van de toestand van het spoor. Meestal zul je dus een machinist die daar toch toevallig voorbij moet vragen om het spoor te "schouwen".
Dat gaat echter niet vanzelf: Je kunt geen normale rijweg instellen over een bezette spoorsectie; dat zou niet veilig zijn! Toch is het mogelijk om een trein naar een bezet spoor te sturen. Dat gebeurt dagelijks, bijvoorbeeld als twee treinstellen aan elkaar gekoppeld moeten worden. Je kunt daarvoor een "ROZ"-rijweg instellen (ROZ="Rijden Op Zicht"). De machinist krijgt dan geen groen licht, maar een geel knipperlicht en dan weet hij dat hij langzaam moet rijden, zodat hij tijdig kan stoppen als er iets in de weg staat.
Ik zag vandaag plotseling dat de spoorsectie bij wissel 1201 bezet was geraakt, terwijl daar volgens mij geen trein hoorde te staan. Er stond ook al een trein te wachten voor sein 1206, die nu niet verder kon. Ik moest hem bellen om hem te vragen het spoor te schouwen. Maar kon ik ook een ROZ-rijweg voor hem instellen? Dat leek me in dit geval niet verstandig. Zolang de bezetting van de spoorsectie niet wordt opgeheven, blijft zo'n rijweg namelijk staan en dat zou betekenen dat er geen enkele trein meer over de wisselstraat zou kunnen. Ik had gisteren al gemerkt, hoe vervelend dat is...Ik kon dus geen rijweg instellen. Maar als er geen rijweg beschikbaar is, blijft het sein op rood staan! De machinist wil dan, terecht, niet verder rijden. Ook voor deze situatie is een oplossing en dat is de STS-instructie (STS="Stop tonend Sein"). Het komt er op neer, dat je alle wissels in de goede stand legt en alle kruisende sporen blokkeert, zonder echt een rijweg in te stellen. Gelukkig helpt de software daar bij want het is heel gemakkelijk om één van die blokkeringen te vergeten en daarmee een ongeluk te veroorzaken.
Het plaatje is hier een beetje vereenvoudigd weergegeven: De witte lijntjes geven de blokkeringen aan, maar in werkelijkheid zijn er meer blokkeringen nodig dan hier zijn ingetekend.Als alles correct is ingesteld moet er een rood formulier ingevuld worden en dat moet aan de machinist worden voorgelezen. En hij moet dan letterlijk herhalen wat je gezegd hebt. Daarna mag hij het rode sein voorbij rijden.
Tijd om de telefoon te pakken en de machinist te bellen:
"Meester, ik wil U vragen het spoor achter sein 1206 tot aan wissel 1199B voor mij te schouwen."
"Krijg ik dan groen licht? Ik mag nog niet verder!"
"Nee, U krijgt van mij een "Aanwijzing stoptonend sein":
"De machinist van trein 5218 moet rijden voorbij stoptonend sein 1206 en achter dit sein:De machinist herhaalt woordelijk wat ik hem gezegd heb...
- Rijden op zicht;
- Wissels achter het sein voorzichtig berijden met een snelheid van max. 10 km/u;
- Rekening houden met het niet goed functioneren van AKI's, AHOB's en AOB's."
"Veel succes, Meester!"
"Goed zo, Evelien", roept de instructeur.
Toch wringt er iets: Ben ik nou treindienstleider of treindienstleidster? Ik ben maar eens gaan zoeken op het Internet of het woord "treindienstleidster" eigenlijk wel bestaat. Ik kwam het drie keer tegen:
- Een grappig voorval op station Hengelo werd veroorzaakt door een misverstand tussen de treindienstleidster en de machinist. Wel jammer dat er nou juist weer iets mis ging, toen er een vrouw aan de knoppen zat...
- Op een pagina over overwegen zien we een treindienstleidster aan het werk met een EBO ("Elektrisch Bediende Overweg "). Er schijnen in Nederland nog maar vier EBO's in gebruik te zijn. En ik vraag me af: Zijn er meer EBO's dan treindienstleidsters, of zijn er meer treindienstleidsters dan EBO's?
- Een Belgische site over emancipatie maakt melding van een artikel in de Margriet van 13 januari 1978. Het artikel zelf lijkt er niet bij te zijn, maar de ondertitel zegt al genoeg: "Mevrouw, wat wilt u worden? Kraandrijfster, bontwerkster, schoenherstelster, treindienstleidster of wijnkoopster." Eigenlijk vallen de functienamen die Margriet noemt nog mee. Wat te denken van "timmervrouw" of "melkboerin"? Blijkbaar kun je te ver gaan in je drang om alles te vervrouwelijken. Er was een periode waarin de vrouwenbeweging er naar streefde om dat soort woorden koste wat het kost ingevoerd te krijgen. En dat zal ongeveer samenvallen met de datum waarop dit artikel in de Margriet verscheen.
Nog een praktisch vraagje: Als ik een machinist met "Meester" moet aanspreken, is zijn vrouwelijke collega dan een "Meesteres"?
Labels: treinen
2006-04-18
Treindienstleider
Opeens gaat mijn telefoon. Ik neem hem op en doe mijn best om zo geroutineerd mogelijk te klinken: "Treindienstleider Boxtel...""Hallo, met de machinist van trein 5223 op spoor 504. Kan ik niet verder?"
"Nee, we zijn net een goederentrein op het zijspoor aan het zetten; die blokkeert de hele wisselstraat. Je kunt zo weer verder."
"OK, bedankt!"
Ja, ik was er al een beetje bang voor: Er lopen wel vier sporen naast elkaar tussen Boxtel en Best, maar die stomme goederentrein moet ze allemaal kruisen om op het zijspoor te komen. (De groene lijn in het plaatje geeft de gereserveerde rijweg van de goederentrein 57803 weer.) Deze treinbeweging zit de dienstregeling in de weg!
Als ik wat meer ervaring had gehad, had ik misschien een beter moment kunnen kiezen voor die beweging van de goederentrein. Maar ja, het is ook pas mijn eerste dag als treindienstleider.
En ik heb ook een fout gemaakt in dat gesprek met de machinist: Ik moet hem met Meester aanspreken! Of is dat niet meer de gewoonte bij de spoorwegen? Morgen toch eens vragen...
Ben ik weer eens aan het dromen geweest? Nee hoor, ik was klaarwakker! Heb ik een nieuwe baan dan? Nee hoor, ik volg deze week de verkorte cursus treindienstleider. De treindienstleiders zijn de gebruikers van de software die wij maken, daarom is het belangrijk dat wij weten hoe ze hun werk doen.
Het is erg leuk om met die treintjes te spelen en er is een groot voordeel: We spelen niet met echte treinen, maar we werken met een simulator. Er kan dus niks kapot gaan als we een fout maken.
Op de terugweg in de trein naar huis lette ik vandaag extra goed op bij Boxtel: Het is waar: Die wisselstraat is in het echt net zo als in de simulator en dat zijspoor waar de goederentrein naartoe moest bestaat ook echt. Er ligt even voorbij Boxtel wel een fly-over, zodat treinen elkaar zonder wachten kunnen kruisen, maar die ligt pas voorbij het zijspoor.
Labels: treinen
2005-04-24
Zondag in Turnhout
Nee, geen "Dimanche a Bruxelles"! We waren in Brussel snel uitgekeken. Eerst hebben we lekker uitgeslapen en toen zijn we snel gaan ontbijten, inladen en uitchecken. Bij het uitchecken stelde de receptioniste de vraag, die het voltallige hotelpersoneel wel op de lippen gebrand zal hebben: "Bent u een man of een vrouw?" Nou, als ze dat zo beleefd vraagt, dan wil ik dat best uitleggen. Ze was wel nieuwsgierig of ik dan de operaties zelf moest betalen. Ze had zelf wel een borstvergroting gewild, maar de kosten waren voor haar een probleem. Tja, de kosten worden bij mij door de verzekering vergoed, tenminste: Als de VU niet zo lang treuzelt dat dit uit het verzekeringspakket geschrapt wordt voordat ik eindelijk aan de beurt ben...

Voor vandaag stond als afsluiter een bezoek aan het Atomium op het programma. Maar dat viel even tegen! Het Atomium zag er vanuit de verte al heel anders uit, dan je het normaal in de reclamefolders ziet staan. Sommige bollen glommen, andere waren dof en weer andere waren doorzichtig! Dat is toch niet normaal?

Het Atomium is wegens restauratie gesloten! Of 'opengelegd', het is maar hoe je het bekijkt. In elk geval konden we er niet in!
Dat is natuurlijk een beetje een sneu einde van deze korte vakantie, dus we besloten om nog even in Turnhout te gaan kijken. En daar vielen we weer met onze neus in de boter. Kijk maar eens wat een prachtig station ze daar hebben! En daar was nog iets te doen ook...
Gelukkig stonden er geen auto's geparkeerd, want zelfs het naar het station brengen van reizigers is hier aan strikte regels gebonden!
In het station troffen we een lange trein met ouderwetse rijtuigen aan.

Maar pas toen we naar het andere eind van het perron liepen, werd het echt interessant. Daar stond een heuse stoomlocomotief klaar om de trein te trekken!
Even aankoppelen, de ketel op stoom brengen en gaan!!!
Dit was een heel mooie afsluiting van een lang weekend, dat voor mij aanvoelde als een vakantie van drie weken. Heerlijk! Ik was in geen vijf jaar op vakantie geweest!
Het is trouwens maar goed, dat het maar drie dagen duurde, want ik ben nu al bijna twee weken achter met het invoeren van mijn belevenissen in mijn weblog. Ik wil gauw weer korte, actuele stukjes schrijven op het moment dat ze me bezighouden! Maar ja, ik wilde jullie dit toch niet onthouden!


Voor vandaag stond als afsluiter een bezoek aan het Atomium op het programma. Maar dat viel even tegen! Het Atomium zag er vanuit de verte al heel anders uit, dan je het normaal in de reclamefolders ziet staan. Sommige bollen glommen, andere waren dof en weer andere waren doorzichtig! Dat is toch niet normaal?

Het Atomium is wegens restauratie gesloten! Of 'opengelegd', het is maar hoe je het bekijkt. In elk geval konden we er niet in!
Dat is natuurlijk een beetje een sneu einde van deze korte vakantie, dus we besloten om nog even in Turnhout te gaan kijken. En daar vielen we weer met onze neus in de boter. Kijk maar eens wat een prachtig station ze daar hebben! En daar was nog iets te doen ook...
Gelukkig stonden er geen auto's geparkeerd, want zelfs het naar het station brengen van reizigers is hier aan strikte regels gebonden!In het station troffen we een lange trein met ouderwetse rijtuigen aan.

Maar pas toen we naar het andere eind van het perron liepen, werd het echt interessant. Daar stond een heuse stoomlocomotief klaar om de trein te trekken!
Even aankoppelen, de ketel op stoom brengen en gaan!!!Dit was een heel mooie afsluiting van een lang weekend, dat voor mij aanvoelde als een vakantie van drie weken. Heerlijk! Ik was in geen vijf jaar op vakantie geweest!
Het is trouwens maar goed, dat het maar drie dagen duurde, want ik ben nu al bijna twee weken achter met het invoeren van mijn belevenissen in mijn weblog. Ik wil gauw weer korte, actuele stukjes schrijven op het moment dat ze me bezighouden! Maar ja, ik wilde jullie dit toch niet onthouden!

Labels: treinen
2005-02-19
Hondekop
Er stond een trein langs het tweede perron op station Rotterdam Centraal. En die trein hoorde daar niet! Dit was een "Hondekop", een "Viertje", maar van dit spoor horen de treinen naar Hoek van Holland te vertrekken. Die dienst wordt al decennia lang uitgevoerd met "Sprinters" (achteraan te zien op het plaatje), omdat die beter geschikt zijn voor veelvuldig afremmen en optrekken.Dus wat deed die Hondekop hier? Hij stond duidelijk de dienstregeling in de weg. En ik had het gevoel, dat het mijn schuld was dat hij daar stond. Ik kon me niet herinneren, dat ik hem daar zelf had geparkeerd, maar dat kon bijna niet anders!
Hoe had ik zo stom kunnen zijn? Ik moest mijn fout maar zo snel mogelijk gaan herstellen. Maar hoe? Als ik in de cabine zou stappen, zou het aanwezige spoorwegpersoneel me vast tegenhouden. En al kwam ik in de cabine, hoe moest ik er dan voor zorgen, dat de wissels me naar een zijspoor zouden leiden en niet naar de hoofdlijn? Als ik met die trein op de hoofdlijn terecht zou komen, zou het allemaal nog veel erger worden!
Ik kon natuurlijk hard weglopen en het aan de spoorwegen overlaten om dit op te lossen, maar dat voelde aan als vluchten voor je verantwoordelijkheid. Dat kon ik toch niet doen? Het zweet brak me uit!
Kletsnat werd ik wakker. Wat een vreemde droom. Wat zou die betekenen? Misschien heeft het wel iets te maken met mijn karakter. Het doet denken aan dat incident dat ik ooit op een scheepswerf meemaakte. Nog steeds maak ik de fout om teveel dingen te willen oplossen. En als dat nou nog gewaardeerd werd... Welnee! Het enige waar op het werk naar gekeken wordt, is of de planning wel gehaald wordt.
De juiste houding is blijkbaar: "Ik doe alleen wat van te voren afgesproken is en voor de rest zoeken ze het maar uit." Maar zo zit ik niet in elkaar. En daarom is de functie waar ze me in geduwd hebben ook veel te laag voor mij. Als ze iemand zoeken om domweg regels software in te kloppen, laten ze dan een programmeur inhuren van Randstad en niet iemand neerzetten die begrijpt hoe onze machine werkt!
Labels: treinen

English
Nederlands
© 1985-2006 E.G. Snel