2009-02-12
Bye bye New Zealand

De dagen zijn wel kort als je met zo'n 900 kilometer per uur van west naar oost vliegt. Hoe snel dat gaat, ligt ook weer aan op welke breedtegraad je je bevindt, maar laten we voor het gemak maar een beetje afronden en uitmiddelen. Dan kun je stellen dat het dagen van ongeveer 16 uur zijn.
Maar de dagen leken niet kort! Er leek echt geen einde aan deze vlucht te komen. De enige afwisseling was weer de tussenstop in Los Angeles en dit keer was het daar nog akeliger dan op de heenreis. Nadat we de zinloze registratie door de immigratiedienst opnieuw hadden ondergaan, moesten we een lange, lange trap beklimmen om weer bij ons vliegtuig te komen. Een lift? Nee, die was er niet! Een roltrap? Die is in Amerika blijkbaar nog niet uitgevonden!

Ondanks mijn nieuwe boek verveelde ik me enorm tijdens de vlucht. Je kunt nou eenmaal niet de hele tijd lezen, dat is veel te vermoeiend. En slapen kan ik ook niet in een vliegtuig... Het was wel grappig dat we nu voor de tweede keer de zonsondergang van 11 februari konden zien. Dat gebeurt je toch niet elk jaar.
Wat waren we blij toen we eindelijk op Heathrow aankwamen!
We moesten op Heathrow nog knap lang wachten en er was niks te doen voor ons. Er was ook nergens een rookgelegenheid en ik begon een sterke neiging te krijgen om illegaal toch maar op te steken.
Toch was er vandaag op Heathrow wel iets te doen, alleen wisten wij dat niet. We hoorden dat pas toen we thuis kwamen: Een bekende Nederlandse politicus, wiens naam me even ontschoten is, was vandaag ook op Heathrow. Hij wilde naar een Brits parlementslid om te overleggen over de film die hij heeft gemaakt.
Maar hij mocht het land niet in! Een vreemde zaak. Of je het nou met iemands politieke ideeën eens bent of niet, niemand kan ontkennen dat het hier ging om een Europees staatsburger. En we hebben toch "vrij verkeer van goederen, personen en diensten"? Dan kan Engeland hem dus niet de toegang tot het land ontzeggen!
Misschien leert hij hier uit, hoe het aanvoelt als je ergens niet welkom bent, maar het is waarschijnlijker dat hij het zal aangrijpen als een extra kans om in de publiciteit te komen...
Onze laatste etappe ging met een Airbus A319 en dat is toch wel even wennen als je een ècht vliegtuig gewend bent. Het ding leek ook sprekend op een bus qua interieur en de stemming onder het personeel was ook nauwelijks serieus. Het miste alle allure die je van een vliegreis gewend bent. Eten of drinken was er trouwens ook niet aan boord; tenzij je het kocht!
En dan weer met de trein. Ik was inmiddels dood- en doodmoe en zat half te slapen. Julia greep die gelegenheid aan, om zich meester te maken van de camera en wat plaatjes te schieten.

Uiteindelijk kwamen we weer thuis. Niet te geloven dat alles er nog gewoon stond, net zoals toen we van huis gingen. Het voelde echt onwerkelijk aan. Toch wel fijn om weer naar onze eigen Erwin Krol te mogen kijken.
Labels: nz
2009-02-11
Terug naar Auckland


De route van Hamilton naar Auckland liep langs een plek die ik eigenlijk nog wilde zien. Ik wilde namelijk nog even kijken bij de "Glenbrook Vintage Railway". Een oude stoomspoorlijn, die door vrijwilligers in stand gehouden wordt. Dom genoeg had ik dat niet goed afgesproken met Julia en ik was er ook niet duidelijk over. Daardoor kreeg zij meer en meer het idee, dat ik nog een geweldige verrassing voor haar in petto had. En dat was niet het geval. Toen dat duidelijk werd, was Julia erg teleurgesteld en verdrietig en ik kon mezelf wel voor mijn kop slaan: Hoe kon ik zo stom zijn om dit te veroorzaken!

Omdat het een doordeweekse dag was, was er op het stationnetje erg weinig te beleven, maar er waren wel wat wagons te zien. Terwijl ik met de camera overal rondliep ging Julia rustig op een bankje zitten en hoorde daar meer over deze spoorweg dan ik met al mijn inspanningen te weten kwam.
We waren natuurlijk uren te vroeg bij de luchthaven, dus er was nog tijd om even Auckland in te gaan. Nog even mochten we genieten van de sfeer van deze geweldige stad. Even terug ook bij het gevoel van die eerste dagen van onze vakantie. Terug naar Queen Street, de P.C. Hooftstraat van Auckland, waar de meest luxe winkels zijn. Daar fotografeerde ik het Britomart Transport Centre, zonder echt te beseffen wat een historische plek dit in feite was. Het werd in 1912 geopend als postkantoor, maar stond in feite op het grootste knooppunt van openbaar vervoer in Auckland tussen de veerhaven, het busstation en het treinstation in. Treinstation?? Jazeker! In 2003 is het "BTC" opnieuw opgeleverd en het vormt nu hèt knooppunt van het Aucklandse openbaar vervoer, inclusief een hypermodern station. Maar we liepen er voorbij zonder het te weten. Misschien heeft het zo moeten zijn: Ik had mijn hand vandaag toch al schromelijk overspeeld qua "treinen"...

Terug ook naar "Provedor", een bar waar we de eerste keer niks hadden willen drinken, omdat het er te duur was. Daar raakten we in gesprek met een Canadees. Zou hij een "Purple Panty Remover" voor ons gaan bestellen??
We aten bij een Japans afhaalrestaurant, dat ook wat banken buiten had staan en daar ontmoetten we een Nederlander. Ja, hij was ook voor een maand in Nieuw-Zeeland, hij was net aangekomen. Maar daarvoor had hij er al een maand in Australië op zitten.
We gingen ook nog even naar Starbucks voor een stevige bak koffie. We waren inmiddels gewend om "long black coffee" te bestellen, maar bij Starbucks heet dat dan weer een "Americano".
Toen de koffie op was, ging ik vanaf het terras nog even een filmpje maken van het verkeerslicht op het kruispunt voor de deur. We vinden echt alles goed aan dit stoplicht: Het geluid dat het maakt, het wandelende mannetje bij groen licht, het aftellen voordat het weer op rood springt en vooral het feit dat de voetgangers in alle richtingen tegelijk groen licht krijgen. Je kunt dus ook diagonaal oversteken als je dat wilt. Het zorgt voor een hele goede doorstroming.
Het inchecken was nog even spannend: We waren aangekomen met één koffer, maar we vertrokken er met twee. We hadden ze ook niet kunnen nawegen... En ze bleken allebei te zwaar! De ene woog 21 kilo en de andere 22, terwijl maximaal 20kilo is toegestaan. De grondstewardess deed er gelukkig niet moeilijk over...

Gelukkig bleek men in Auckland goede voorzieningen voor de rokers te hebben: Het stukje stoep voor de deur waar je mag roken kenden we al, maar ook voorbij de paspoortcontrole was nog aan ons gedacht: We konden terecht op een soort dakterras, dat er echt heel verzorgd uit zag. Hulde!
2009-02-10
Hamilton Gardens
Een belangrijke bezienswaardigheid in Hamilton zijn de Hamilton Gardens. Dat is niet één tuin, maar een grote verzameling van tuinen bij elkaar. Ze zijn verdeeld in vijf groepen:
- Paradise Garden Collection
Tuinen waarin aandacht wordt besteed aan verschillende tuinontwerptradities over de hele wereld door de eeuwen heen. - Productive Garden Collection
Tuinen waarin aandacht besteed wordt aan de relatie tussen mensen en planten. - Fantasy Garden Collection
Fantasie-tuinen - Cultivar Garden Collection
Tuinen waar aandacht wordt besteed aan planten die speciaal zijn gekweekt voor het gebruik in tuinen. - Landscape Garden Collection
Tuinen waarin verschillende historische interpretaties van geïdealiseerde landschappen getoond worden.
Het was meteen duidelijk dat we niet alles zouden kunnen bekijken. We moesten een keus maken. En de keus viel op de "Paradise Garden Collection". Zelfs die bestond nog uit zes individuele tuinen, die we één voor één bezochten.
Als je aan tuinen denkt, denk je meteen aan "planten". Maar het bleek dat architectuur een belangrijke plaats inneemt. Dat begon al toen we dit gedeelte van de tuinen binnengingen: De zes tuinen zijn gebouwd rondom een centrale binnenplaats.

Hier was ook een verwijzing te vinden naar de nog oudere tradities van tuinarchitectuur in Egypte en Mesopotamië in de vorm van deze beelden.
Italian Renaissance Garden
De Italian Renaissance Garden is een interpretatie van de 15e-16e eeuwse Renaissance-tuinen, die de natuur probeerden te rationaliseren en verbeteren.In de 15e en 16e beleefden de stad-staten van Italië een ongekende bloei van de kunsten en wetenschappen, waar ook de tuinarchitectuur deel van uitmaakte. Invloedrijke families lieten prachtige tuinen bouwen rond hun grote villa's als symbool van hun prestige. De tuin was een plaats om de gasten te vermaken en om indruk op ze te maken met hun grandeur.

De kunstenaars uit de Renaissance-tijd zagen dat er een bepaalde orde heerste in het universum, maar ze wilden ook graag proberen de ontwerpen van de natuur te verbeteren. De tuinen die ze bouwden waren dan ook enerzijds weergaven van deze orde in de cosmos, maar anderzijds ook laboratoria, waarin ze experimenteerden met de mogelijkheden van de tuinarchitectuur. De tuinen hadden een indeling gebaseerd op meetkundige principes en hadden een centrale as, die vaak doorliep in de architectuur van het woonhuis.

De beeldhouwwerken in Renaissance-tuinen verwezen meestal naar oude mythen en het ontwerp was gebaseerd op regelmatige, bijna 'ritmische' opeenvolging van elementen. In deze tuin bijvoorbeeld zien we de voortgang van water vanuit een borrelende grot naar een waterval, een fontijn en tenslotte naar een spiegelende vijver.

Julia had niet zo veel puf om trappen op en af te rennen, zoals ik deed met mijn camera. Ze bleef liever op het hoger gelegen terras, waarvandaan ze een mooi overzicht over de tuin had.
Japanese Garden of Contemplation

De Japanese Garden of Contemplation is voorbeeld van de tuinen uit de 14e-16e eeuw in Japan, de zogenaamde Muromachi-periode. Deze tuinen waren bedoeld voor overdenking, meditatie en studie.
English Flower garden
De English Flower garden is een voorbeeld van de "Arts and Crafts"-tuinen uit Engeland in de 19e eeuw. Deze tuinen waren een plaats voor plantencollecties en hadden een ontwerp gericht op de kleurencomposities door de verschillende jaargetijden heen.

De English Flower Garden is geïnspireerd door de "Arts & Crafts"-beweging van 1880 - 1910, die ontstond vanuit bezorgdheid over de effecten van de industrialisatie op de klassieke ambachten. Deze tuin is gebaseerd op de ontwerpen van Gertrude Jekyll en Edwin Lutyens.

In tegenstelling tot de Victoriaanse tuinen, waarin planten op een heel kunstmatige manier ten toon gesteld werden, kozen de "Arts & Crafts"-ontwepers liever voor een meer natuurlijke aanblik. De aandacht was minder gericht op de individuele planten en meer op het grote geheel als artistieke compositie. Het beplantingsschema werd vaak ontworpen op basis van kleurassociaties en gepast in een raamwerk dat de hele tuin een landschappelijke structuur gaf.

Zulke tuinen vergden een hoop onderhoud en waren dus alleen weggelegd voor de rijken, die zich een hele staf van tuinlieden konden veroorloven. Met de komst van de eerste wereldoorlog en de daarop volgende veranderingen in de sociale structuur verdwenen deze 'Gardens of a Golden Afternoon'.
Chinese Scholar’s Garden

De Chinese Scholar’s Garden is een interpretatie van de tuinen van de Sung dynastie (10e-12e eeuw). Deze tuinen werden ontworpen als natuurlijke werelden van verbeeldingskracht en verrassing. Men wordt uitgenodigd binnen te treden in een driedimensionaal schilderij, een tuin van Retreat-in-Flowing-Happiness (Afzondering-in-Stromend-Geluk).
Yichang-Yuan
De traditie van deze tuinen gaat terug tot de Tang-dynastie in de 7e eeuw. De tuinen werden gezien als veilige havens voor ontspanning, meditatie en het voeden van de geest. Hier werden gedichten geschreven. Hier werd de luit bespeeld en er werd gezongen.
De Chinese tuin is een cosmos in het klein. Hij omvat "bergen" en "heuvels", "rivieren" en "meren", "klippen" en "dalen", alles volgens de Taoistische traditie.

Zig-zag bruggen, kronkelende paden, plotselinge bochten en tralievensters doen een sfeer van mysterie en spanning ontstaan, waardoor onze nieuwsgierigheid wordt geprikkeld. Let op de contrasten: licht en donker, schaduw en weerspiegeling, geluiden en geuren, hoogtes en dieptes, bergen en water, yin en yang.
De Chinese tuin is geen tentoonstelling van bloemen, eerder een tapijt van verstrengelde bomen, ruwe stenen, grotten, waterpartijen, bruggen, binnenplaatsen, poorten, ramen, muren en paviljoenen.

Gelukkig hadden de ontwerpers van de Chinese tuin ook gezorgd voor een fijne plek om te zitten.

We verlieten de Chinese tuin door een bamboebos en daar vonden we het bronzen beeld van de Celestial Turtle of Taihu Lake:
"Ter ere van het tienjarig bestaan van de zusterstad-relatie tussen Wuxi en Hamilton schenkt het gemeentebestuur van Wuxi deze Schildpad van het Taihu-meer aan de gemeente Hamilton. Volgens de legende in de gebieden ten zuiden van de rivier de Yangze is deze schildpad een onsterfelijk dier, dat in lang vervloren tijden mensen redde van natuurrampen."
American Modernist Garden
De American Modernist Garden is een laat 20e-eeuwse tuin voor het leven in de buitenlucht volgens de traditie van de Amerikaanse westkust.

In de tweede helft van de 20e eeuw begonnen tuinarchitecten met ontwerpen die aansloten bij de modernistische architectuur van gebouwen in die tijd.
Karakteristiek voor deze tuinen zijn a-symmetrie gebogen lijnen, functionele ruimtes en moderne materialen. Vaak werden ook elementen uit de moderne kunst toegepast. Het beeld in de vijver in deze tuin is geïnspireerd door het surrealisme, het plaveisel is kubistich en het Marilyn Monroe-muurmozaiek verwijst naar de pop art.

Vaak werden planten uit de lokale flora toegepast. In dit voorbeeld zijn planten uit het zuidwesten van de Verenigde Staten gebruikt, omdat het ontwerp gebaseerd is op het werk van de beroemde Californische ontwerper Thomas Church (1902-1978).

Veel modernistische tuinarchitecten ontwerpen tuinen als een plaats voor recreatie in de open lucht. Vaak wordt veel aandacht besteed aan een vloeiende overgang van binnen naar buiten. De schoonheid van sommige ontwerpen ligt simpelweg aan hun doelmatigheid en de inpassing in de omgeving. Dit zijn tuinen om in te zonnebaden, zwemmen, barbequeën en om buiten te dineren.
Indian Char Bagh Garden
De Indian Char Bagh Garden is een interpretatie van een 16e-17e-eeuwse tuin van de Hughal aristocratie die op symbolische wijze bestaat uit vier gedeelten. Deze tuinen werder vooral gezien als een ontsnappingsmogelijkheid uit de harde omstandigheden buiten.

De woorden 'char bagh' staan voor 'omsloten vier-eenheid'. Dit is één van de meest-voorkomende typen van historische tuinen. Vanaf de 8e tot en met de 18e eeuw vond men deze tuinen overal in de Moslim-wereld van Azië en Noord-Afrika tot in Spanje.
Oorsponkelijk werden ze 'Paradijs-tuinen' genoemd, maar vaak worden ze ook aangeduid als 'Universele tuinen', omdat ze zo ruim verbreid waren en vanwege het gebruik van universele symbolen die staan voor het universum zelf, afgeleid uit oude Islamitische, Hindustaanse, Joodse, Christelijke and Buddhistische bronnen.

In India werden deze tuinen verheven tot een kunstvorm in de 16e en 17e eeuw, eerst onder de macht van de Mughal-heersers, later onder invloed van de Hindu-aristocratie. De Indian Char Bagh Garden in Hamilton gardens is een interpretatie van een 'rivierovertuin' of 'Kursi-cum-char bagh'. Deze werden vroeger veel gevonden aan de rivieroevers in steden, zoals bijvoorbeeld die van de Jamna-rivier in Agra.

De Indiase char bagh-tuinen waren geheime plaatsen voor poëtisch genoegen, waar je kon genieten van een briesje wind in de paviljoenen met open zijkanten, luisteren naar het spetter van een waterfontijn en de geur van bloemen kon opsnuiven in een levend Perzisch tapijt.
Palate
Nadat we gisteren zo duidelijk beneden onze stand gegeten hadden, was het natuurlijk weer tijd voor haute cuisine, vooral ook omdat dit onze laatste warme maaltijd in Nieuw-Zeeland zou zijn. Ik had dus een topklasse-restaurant uitgezocht: Palate (170 Victoria Street). De reisgids (New Zealand (Country Guide)

Nou, dat was weer helemaal waar. We hebben verrukkelijk gegeten, een waardige afsluiting!
Labels: nz
2009-02-09
Lake Rotoroa

Dit ondiepe meer is zo'n 15000 jaar geleden gevormd door de Waikato River. Het wordt gevoed door regenwater uit de omgeving. Er heeft zich een exotische flora en fauna genesteld, maar sommige soorten zijn een echt plaag geworden, zoals bijvoorbeeld de Argentijnse waterpest (Egeria densa). De mens heeft ook exotische vissoorten in het meer uitgezet, ten behoeve van de sportvisserij.
Er zijn veel problemen geweest met de waterkwaliteit, doordat het meer teveel voedingsstoffen (fosfaten en nitraten) uit de omgeving kreeg, maar gelukkig gaat het wat dat betreft langzaam de goede kant op. Het gebied rond het meer is al in 1879 aangewezen als recreatiegebied en er is dan ook volop gelegenheid om te wandelen en er zijn speelweiden en een restaurant.

Het wandelpad rondom het meer is met de grootste zorg aangelegd. Op sommige plekken is het geasfalteerd, op andere plekken betegeld en waar geen ruimte langs de oever was loopt het door in de vorm van een soort plankier. Er is eigenlijk maar één storend element aan het meer en dat is het gebouw van de "Hamilton Yacht Club". Het is knalblauw en opzichtig en het verziekt het panorama van het meer. Een mooie panorama-foto kun je dus alleen maken als je voor het clubhuis staat, met je rug er naartoe.

Klik op het plaatje voor een vergroting. (Pas op; heel groot!) Het blauwe schuurtje links op de foto is maar een bijgebouwtje van het clubhuis. Het clubhuis zelf is nog veel lelijker, maar het heeft wel dezelfde kleur...

Bij onze wandeling vielen me vooral de prachtige bomen en de waterlelies op. Sommige bomen waren heel groot en vast en zeker ook heel oud. Er waren ook heel veel vogels te zien, zoals deze meerkoet met drie jongen.

Bij deze boom had ik even zin om te kijken of ik hem kon omvatten. Nou, lang niet! Misschien lukt het als je met zijn vieren bent, maar niet in je eentje.
Die avond aten we in het hotel. We waren knap moe van de lange wandeling en we hadden geen behoefte om nog eens kilometers te gaan lopen naar het centrum van de stad. We namen een simpele hamburger met friet. "Eenvoudig, doch voedzaam!"
Labels: nz
2009-02-08
Hobbiton

De route van Tauranga naar Hamilton gaat via de S29 en de S1. En daar waren we al een paar keer langs een interessante wegwijzer gekomen: "Hobbiton"! Je wordt overal in Nieuw-Zeeland bestookt met reclamefolders, waarin dure busreizen naar Hobbiton worden aangeboden, maar als je er tòch langskomt, heb je zo'n busreis helemaal niet nodig! (Dacht ik.)
Ik heb het over "Lord of the Rings" ("In de ban van de Ring") natuurlijk, het beroemde boek boek van John Ronald Reuel Tolkien. De opnamen voor de film zijn gemaakt in Nieuw-Zeeland en deze wegwijzer wijst naar de locatie waar de buiten-opnamen van "Hobbiton" ("Hobbitstee") in "The Shire" ("De Gouw") zijn gemaakt. Wat let ons om even rechtsaf te slaan en een kijkje te nemen?

En jawel hoor: Na een paar kilometer op Buckland Road zagen we een groot bord: "Welcome to Hobbiton" Maar ondanks dat bord bleken we daar helemaal niet welkom te zijn. De filmset bevond zich ergens achter de heuvels, voorbij een bord "Verboden toegang", dat er uit zag alsof al veel mensen hun frustratie er op hadden uitgeleefd. Het enige dat er te zien was waren een restaurant, een schapenfarm en een souvenirwinkel.

Niet dat er op die filmset zo heel veel meer te zien zou zijn geweest: Mensen die er echt geweest zijn, kunnen je vertellen dat de Hobbit-huizen met hun karakteristieke ronde ramen en deuren in feite niet meer zijn dan façades van hardboard met niks er achter. Alle binnen-opnamen zijn gemaakt in de studio's in Wellington. Nou, zo'n façade stond er ook in de souvenirwinkel. En toch... Ik was erg teleurgesteld.

Als je het hek en de elektriciteitsdraden wegdenkt, ziet het landschap er inderdaad uit, zoals je je "De Gouw" kunt voorstellen: Het vredigste gebied van "Midden-Aarde", waar de Hobbits wonen. De Hobbits, dat vriendelijke, oeroude volk, dat houdt van eten en slapen en graag een goede pijp rookt. Ze bemoeien zich niet graag met de zaken van de grote mensen zoals oorlogen, techniek of politiek. Je ziet ze hier bijna voor je...
Hamilton is niet de eerste plaats waar je aan denkt bij vakantie in Nieuw-Zeeland. Het ligt in het binnenland. Dat geldt ook voor Taupo, maar dat heeft tenminste een meer. En Rotorua heeft zijn hete modderpoelen. Maar wat is er nou te beleven in Hamilton?? De reisgids stelde ons gerust: Er waren in elk geval uitstekende restaurants te vinden.
Via de i-Site boekten we een hotel (Aaron Court Motor Inn) met een heerlijke badkamer: Bubbelbad en massagedouche; yeah! En, heel belangrijk: Een klein balkonnetje waar we mochten roken. We brachten er onze koffers naartoe en gingen de stad verkennen.
Er waren leuke winkels om te bekijken, één van de laatste kansen voor ons om nog wat spullen op de kop te tikken voor vriendelijke, Nieuwzeelandse prijzen. Bijvoorbeeld Lord of the Rings, alle delen in één band bij boekwinkel Whitcoulls voor NZ$ 39,99 (Euro 16,40). Kan Amazon daar nog tegenop? Zeker wel: De editie die ik gekocht heb is niet meer nieuw te koop, maar wel: "The Lord of the Rings: 50th Anniversary, One Vol. Edition
Ik had in de reisgids een aantal "homovriendelijke" uitgaansgelegenheden gevonden en dat zijn over het algemeen ook plaatsen waar de acceptatie van transgender personen bovengemiddeld is. (In Praag was ons dat prima bevallen.) En ook voor de vele T'tjes die mijn blog lezen, leek het me nuttig om iets over die plekken te vertellen. Helaas bleek dat erg tegen te vallen. De beide uitgaansgelegenheden die genoemd werden, zagen er uit of ze al maanden dicht waren. Niets te beleven daar.
Nee, laten we liever gewoon gaan eten! Ik had mijn zinnen gezet op "Sahara Tent", maar toen we dat eenmaal gevonden hadden, zag het er erg onaantrekkelijk uit. We waren inmiddels doodmoe van het sjouwen door Victoria Street en kozen de dichtstbijzijnde eetgelegenheid: "Iguana" (203 Victoria Street) Dat bleek een schot in de roos! We hebben daar werkelijk heerlijk gegeten.
2009-02-07
Mauao (Mount Maunganui)


Maar wij kwamen voor de berg. De Maori noemen deze 232 meter hoge, uitgedoofde vulkaankegel Mauao. Het is een heilige berg en er zijn veel legenden aan verbonden. Eén van die legenden vertelt hoe deze berg aan zijn naam komt:
Lang, lang geleden was er een heuvel zonder naam. Hij stond in een saai gebied en was de slaaf van de grote berg Otanewainuku. Hij was verliefd op de lieftallige heuvel Puwhenua, die haar schoonheid dankte aan de prachtige kleuren van Tane Mahuta, de god van het bos. Helaas was Puwhenua al verliefd op Otanewainuku, dus hij maakte geen kans bij haar.
Ten einde raad besloot de naamloze heuvel om zelfmoord te plegen en hij vroeg zijn vrienden, de Patupaiarehe mensen om hem naar de oceaan te slepen. De Patupaiarehe waren mensen die in het donker leefden, dus op een nacht omwikkelden ze de heuvel met tientallen touwen en trokken hem naar de oceaan. Daarbij trok hij een diep spoor door het land, waar nu de Waimapu-rivier stroomt. Het water in de rivier wordt gevormd door de tranen van die naamloze heuvel.
Ze hadden de oceaan bijna bereikt, toen de dageraad aanbrak. Bevreesd voor het zonlicht sloegen de Patupaiarehe op de vlucht en lieten hem liggen waar hij nu nog ligt. Vandaar de naam Mauao: "Gevangen door de dageraad".

Het was een prachtige wandeling. Aan onze linkerhand hadden we de berg, aan onze rechterhand de zee. De zon scheen fel, maar de bomen boden voldoende schaduw. Ooit moet de hele berg wel bedekt geweest zijn met bomen, net als Puwhenua, maar er zijn helaas vaak bosbranden. Er wordt tegenwoordig ook nieuw bos aangeplant op de berg, maar het is dweilen met de kraan open: Een bosbrand kan in één dag verwoesten, wat in honderd jaar is aangegroeid.

De berg staat bij de ingang van de baai, dus reken maar dat er rondom gevaarlijke stromingen in de zee zijn. Bovendien slaan de golven tegen de rotsen, dus dat verhoogt de risico's nog eens. Maar natuurlijk waren er wel mensen aan het zwemmen. Wij deden dat niet, totdat we een vriendelijk klein strandje vonden aan de beschutte westkant van de berg. Het was voor Julia even lastig om erbij te komen, want je moest wel over een paar stenen klimmen, maar het lukte. Tijd om even uit te rusten.

Na onze pauze op het strand was het nog maar een klein eindje lopen naar het beginpunt. Ik had intussen flink honger gekregen, dus we gingen eerst maar een hapje eten op een terras. Julia koos voor een scone, maar ik had liever iets hartigs.

Julia ging een middagslaapje doen en ik ging weer de tuin in met de krant en de camera.

's Avonds gingen we weer eten op "The Strand". En opnieuw mensen kijken. Over het algemeen is het natuurlijk "not done" om ook nog foto's van de voorbijgangers te maken, maar deze meisjes wilden juist graag op de foto.
Ik had vanavond wel opnieuw naar de disco gewild, maar Julia had er geen trek in. Dan maar wat met de camera spelen. Ik heb weer eens een foto van de maan gemaakt. Je zou zeggen dat die er altijd hetzelfde uit ziet, maar kijk maar eens goed...
Zie je dat! Hij staat ondersteboven! Of eigenlijk: Ik stond ondersteboven. Het blijft wennen als je in Nieuw-Zeeland bent: Alles is andersom dan thuis.

(Links de foto uit Tauranga, rechts een foto van thuis.)

Na het bekijken van de foto's van vandaag op de TV in onze kamer ging Julia slapen en ik zat me een beetje te vervelen. De camera was nog aangesloten op de TV... Wat zou er gebeuren als ik nu de camera op het scherm richt?
Labels: nz
2009-02-06
Waitangi Day

De route van Te Kuiti naar Tauranga voerde ons langs Cambridge.
New Zealand (Country Guide)

Op de hoek van Duke Street en Victoria Street vonden we een voorbeeld van de Edwardiaanse bouwstijl: De GPO Bar & Brasserie, gevestigd in het oude postkantoor (GPO = General Post Office). We dronken een kopje koffie bij Masonic hotel bij de kruising van Duke Street en Commerce Street (een typich voorbeeld van de Victoriaanse bouwstijl).
Na Cambridge nam Julia het stuur over. Het viel niet mee om Cambridge weer uit te komen, want overal waren files en opgebroken wegen. Maar het lukte!
Aangekomen in Tauranga gingen we natuurlijk weer rechtstreeks naar de i-Site om een motel te boeken. Omdat het vandaag een nationale feestdag was, was het vrij parkeren in de stad en er was ook volop ruimte, omdat alle winkels dicht waren. Julia parkeerde de auto met een sierlijke zwaai... Op ongeveer 3 millimeter afstand van een paar kratten die iemand daar had laten rondslingeren!
"Dat heb je knap gedaan, Juul!"
"Owww, die kratten had ik niet gezien..."

Nou, dat was alweer goed afgelopen. Op naar de i-Site!
We kozen een leuke studio bij Roselands Motel voor NZ$ 135 per nacht. We konden meteen zien hoeveel dat in Euro's was, want dat werd op de betaalterminal weergegeven. De koers van de Nieuwzeelandse dollar was vandaag 0,4101 Euro, dus het kostte 55 Euro per nacht.
We gingen een stukje wandelen en stuitten op een waka die in een beschermende kooi was opgesteld. Dit is Te Awanui Waka, een replica van de oorlogskano's die door de Maori werden gebruikt. (Deze kano is in 1973 gemaakt door houtsnijder Tuti Tukaokao en wordt gebruikt bij ceremoniële plechtigheden.)
![]() | ![]() |
Rondom het gebouwtje met de waka zat een groep Maori-mannen. Sommigen lagen te slapen, anderen waren aan het drinken. Het leek wel een trefplaats voor de plaatselijke alcoholverslaafden en ik voelde me niet echt veilig daar. Niet dat er aanleiding toe was om me bedreigd te voelen, in tegendeel: Eén van de mannen begon ons uitgebreid uitleg te geven over de waka. We liepen toch maar snel door...
En zo kwamen we bij de boulevard, waar tientallen eetgelegenheden waren met uitzicht op de zee. Er liep trouwens wel een spoorlijn tussen de boulevard en de zee in, maar gezien het beperkte treinverkeer in Nieuw-Zeeland was dat niet echt storend.

Na onze wandeling keerden we terug naar het hotel, waar Julia een middagslaapje ging doen. Ik ging met mijn camera de tuin in, om nog eens te proberen een cicade te fotograferen. En ik nam de krant ("Bay of Plenty Times") mee, die dit hotel als service aan alle gasten cadeau gaf. Op deze speciale dag besteedde de krant natuurlijk volop aandacht aan de viering van Waitangi Day.

Op deze foto zie je de viering die bij zonsopgang had plaatsgevonden op de top van de berg Mauao. De Maori's waren met Te Awanui Waka (jawel, diezelfde kano die we net gezien hadden) naar de berg komen roeien om daar Waitangi-dag te vieren. Waarschijnlijk waren de mannen die we daar gezien hadden dus gewoon de roeiers. Als je nagaat dat die dus al voor zonsopgang naar Mauao geroeid waren, naar de top geklommen waren en na de plechtigheid weer de hele weg terug hadden afgelegd, hadden ze dus het volste recht om midden op de dag te drinken en te slapen. Zij hadden er al een hele werkdag op zitten!
Er waren ook veel prominente burgers van Tauranga aanwezig geweest, zoals onder meer de burgemeester en verschillende religieuze leiders. En er waren veel toespraken gehouden. Toespraken met positief nieuws, want het gaat steeds beter met de co-existentie van de Maori's en de "Pakeha" (westerlingen/blanken) in Nieuw-Zeeland en niet in de laatste plaats in Tauranga, aldus de burgemeester.
Ook de landelijke viering in Waitangi was zonder verdere problemen verlopen. John Key was weer op de plechtigheden verschenen, ondanks het incidentje van de dag tevoren en ook hij sprak van steeds betere toenadering tussen Maori en Pakeha.
Op pagina 6 ging de krant verder met uitgebreide verhalen over Waitangi Day en wat het betekent voor de Nieuwzeelanders. Lang niet iedereen weet waar het over gaat, voor veel mensen is het gewoon een vrije dag. De Maori zijn zich veel meer bewust van de betekenis dan de Pakeha.
Columnist Tommy Wilson vergeleek Waitangi Day met Australia Day. De Maori staan in Nieuw-Zeeland in een beter aanzien dan de Aboriginals in Australië, want die worden daar behandeld alsof ze achterlijk zijn.Maar in Australië hebben de blanken officieel hun spijt betuigd voor wat ze de Aboriginals geflikt hebben in een grote demonstratie in Sydney waar honderdduizenden mensen aan deelnamen. De Pakeha in Nieuw-Zeeland hebben nog nooit "sorry" gezegd. Waarschijnlijk is dat wat de toverspiegel in de spotprent op pagina 11 bedoelt, als hij zegt dat hij al die mooie praatjes beu is...
We gebruikten het diner bij "Hot on the Rocks" aan de boulevard en we kozen vandaag weer eens voor de vis van de dag. We dronken er een heerlijke fles Maven Chardonnai bij. Overigens was alles vandaag duurder dan gebruikelijk: Op feestdagen wordt een toeslag van 15% op de rekening geheven. Het had geen zin om ergens anders naartoe te gaan, want alle restaurants deden dat. Het werd ook van te voren netjes aangegeven, dus je kwam niet voor een verrassing te staan.
Overal op het terras stonden grote gasbranders, die ons aangenaam warm hielden. Dat was wel nodig, want naarmate het donker werd, werd het toch ook wel een beetje fris.

Natuurlijk heb je volop de gelegenheid om mensen te kijken op zo'n terras op de boulevard en er was veel moois te zien. We zagen ook een man in travestie met een grote groep vrienden er omheen. Dat was vast en zeker een vrijgezellenfeestje. We kwamen ze die avond verschillende keren tegen en ze werden telkens lawaaiiger.
Tauranga is echt een plaats waar ook de Nieuwzeelanders zelf op vakantie gaan (als ze genoeg geld hebben). Er was dan ook volop mondain vermaak. Na het eten gingen we eens wat disco's bekijken. Als eerste gingen we naar "The Grumpy Mole Saloon", maar daar was het nog erg leeg en ongezellig.
Een hele mooie disco was de "Temple". Ze hadden een vrij streng deurbeleid, mannen kwamen er niet zo gemakkelijk naar binnen. Wij vrouwen mochten gewoon doorlopen...
Labels: nz
2009-02-05
Waitomo Caves

Er zijn veel bedrijven die toeristen rondleiden, maar niet alle grotten zijn even mooi. Bovendien lopen sommige grotten zo vol met toeristen, dat het meer doet denken aan een attractie als Madame Tussauds dan aan een expeditie naar de onbedorven natuur. Onze huisbazin wist weer de perfecte manier om de grotten te zien. Ze reserveerde voor ons bij Spellbound.
Een ontbijt was er ook. Natuurlijk was er dit keer geen ontsnappen aan: Ik moest aan de "cereal". Maar het viel eigenlijk best mee. En er was ook nog toast met door de huisbazin zelf gemaakte jam. Niet verkeerd! Daarna nog even een peukje op dat prachtige terras... En dan op weg naar Waitomo.

We bleken op pad te gaan met een groepje van acht personen, met allerlei verschillende nationaliteiten. We werden allemaal in een busje geladen en vertrokken naar de ingang van de eerste grot. Onderweg vertelde onze gids honderduit en hij stelt ons ook vragen. Waar komen we vandaan, wat is ons beroep... "Ah! Je bent vertaler! Hoeveel talen ken je?" Lastige vraag: Hoeveel moet je van een taal weten om te durven zeggen dat je die kent? "6", zei ik, hopend dat ik niet meteen zou worden geconfronteerd met een volzin in het Tsjechisch, Grieks of Portugees, waar ik natuurlijk geen touw aan vast zou kunnen knopen...
De omgeving van Waitomo is een karstgebied. Dat wil zeggen dat de grond bestaat uit kalksteen, dat kan oplossen in het regenwater. Daardoor onstaan allerlei typische verschijnselen, zoals dolines, grotten, karstpijpen, en ondergrondse rivieren. De dolines zijn zinkgaten in het landschap. Hier dringt het regenwater door in de grond en kan een zogenaamde karstpijp vormen, die naar de grot eronder leidt. Bij meer avontuurlijke excursies kun je door zo'n gat "abseilen" om de grot te verkennen, maar wij blijven met onze voeten veilig op de grond.

Onze gids was blijkbaar een vegetariër, want hij zei ons goed op de koeien te letten en daar aan te denken als we weer eens een hamburger wilden bestellen bij McDonalds.
Intussen hadden we de normale verharde wegen al verlaten en scheurden we over een soort zandpad door de wildernis. De gids vertelde vrolijk dat hier een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur gold en volgens mij deed hij zijn best om dat ook te halen...

We kwamen aan bij de grot en we moesten natuurlijk weer een helm op en dan... Naar binnen!
De eerste keer dat ik een paar van die glimwormen (Arachnocampa luminosa) zag, dacht ik even dat ik in de maling genomen werd: Dat waren toch LEDjes??? Nee, dit zijn echt levende beesten! Ze geven licht om insecten aan te trekken in de donkere grot. Als het insect op het licht af komt, vliegt het tegen de kleverige vangdraad van de glimworm op, die ongeveer werkt als een strook vliegenpapier. De glimwormen zijn in feite larven van mug-achtige insecten. De vangdraden zijn van zijde en ze zitten vol met kleverige druppeltjes van ca. 1 mm groot. Daardoor zien de vangdraden er uit als kleine parelkettinkjes. Ze kunnen soms wel 50 centimeter lang zijn en één larve kan tientallen vangdraden maken. Als er een insect gevangen wordt, haalt de larve deze "vislijn" in en peuzelt de gevangen prooi op zijn gemak op.
Ik heb geprobeerd om foto's van de glimwormen te maken, maar zonder een statief en een lange belichtingstijd gaat je dat niet lukken! Voor het bovenstaande plaatje heb ik dus naar een andere website moeten linken. Wel kon ik de vangdraden in beeld krijgen met behulp van flitslicht.

Na het bezoek aan deze eerste grot namen we even pauze voor koffie en koek (allemaal meegebracht door onze gids)... Daarna gingen we verder naar een tweede grot, waar we de dolines van de onderkant te zien kregen. Het zijn gaten in het plafond, heel hoog boven ons hoofd. Als je door zo'n gat naar beneden valt, heb je een ernstig probleem! De boeren in de omgeving raken op die manier af en toe koeien kwijt. Je vindt dan ook verschillende skeletten in de grot van dieren die dit overkomen is.
Bij één van die skeletten bleven we wat langer kijken. De gids vroeg ons of we konden raden wat voor dier dit geweest was, maar niemand wist het... Een toerist uit Nederland misschien?? Nee, het was een moa!
Er was nog meer te zien in de omgeving, onder meer een konijnenfarm, waar konijnen gehouden worden voor de Angora wol. Het was geen pretje om te zien hoe de dieren daar behandeld worden. We kregen het scheren van een konijn te zien, waarbij het arme beest helemaal vastgebonden op een tafel lag. Maar ook de hokken waar de dieren normaal gesproken in verblijven, zijn nou niet echt prettig om te zien.

Omdat we nog steeds geen levende kiwi hadden gezien, besloten we naar Otorohanga Zoologica te gaan. Daar hebben ze allerlei vogels in volieres, onder andere kiwi's. En inderdaad heb ik nu een kiwi gezien, denk ik. De kiwi's waren niet buiten, maar binnen, in een donkere kamer.
Kiwi's zijn nachtdieren, die overdag het liefste slapen in een hol. Om het voor de toeristen toch mogelijk te maken ze te zien, hebben ze in deze speciale kamers het dag/nacht-ritme omgedraaid, zodat de wiki's overdag actief zijn.
Het viel me heel erg tegen. Het was erg donker en de kiwi's zaten in een hele grote kooi. Natuurlijk zaten ze in het verste hoekje. En ze zijn bruin, dezelfde kleur als de bodem van de kooi. Met mijn slechte ogen, in het pikkedonker, kon ik er echt weinig of niets van zien. Ze deden ook weinig bijzonders volgens Julia, ze scharrelden een beetje rond. Foto's maken mocht er ook al niet...

Gelukkig hadden ze nog een heleboel andere vogels,zoals bijvoorbeeld deze grutto en deze valk. De grutto's vliegen elk jaar vanuit Alaska naar Nieuw-Zeeland om hier te overwinteren. Net als wij, eigenlijk.
Thuisgekomen keken we nog even naar het nieuws op TV.
De volgende dag zou het Waitangi Day zijn. Waitangi Day is een nationale feestdag in Nieuw-Zeeland, en valt ieder jaar op 6 februari. De dag viert het Verdrag van Waitangi, het document dat op 6 februari 1840 werd ondertekend waardoor de staat Nieuw-Zeeland een feit werd.
De feestelijkheden beginnen bij zonsopgang, dus dat is akelig vroeg. Als je er bij wilt zijn, kun je dus beter de dag tevoren komen, er zijn dan ook al verschillende toespraken en dergelijke.

De premier van Nieuw-Zeeland, John Key, was dan ook al vandaag naar Waitangi gekomen. Bij aankomst werd hij aan zijn jasje getrokken door twee demonstranten, die meteen door de politie werden ingerekend. Tallie had duidelijk gelijk, toen ze ons waarschuwde dat er op Waitangi Day vaak rottigheid voorkomt.
En waar zouden we de volgende dag eens naartoe gaan? Ook daar gaf de TV antwoord op: Het weer aan de oostkust is gewoon altijd het lekkerste. Dus de keuze viel op Tauranga...
Labels: nz
2009-02-04
Huka Falls
Voor Trudi was het blijkbaar nog een beetje te vroeg, want zij gaf er de brui aan. (Kon je gelijk zien dat ze werkt met het Windows CE besturingssysteem.)De geplande omweg bracht ons voor de derde keer bij Lake Taupo, want even ten noorden van Taupo stroomt het water uit het meer via de Waikato River (100 meter breed en 4 meter diep). Bij de Huka Falls wordt het samengeperst in een doorgang van 15 meter breed en 10 meter diep. En dan stort het met donderend geweld naar beneden in een waterval: De Huka Falls!

We verlieten de hoofdweg en gingen de Huka Falls Road op, waar we al snel het eerste uitzichtspunt vonden. We hadden daar een mooi overzicht over de loop van de Waikato River. Maar wat een lawaai hier! (Nee, niet van het water, maar van de cicaden!) Ik probeerde een foto van een cicade te maken, maar terwijl ik daarmee bezig was, ging er eentje op mijn rug zitten! Tja, toen moest ik de camera wel even uit handen geven, want een foto van mijn eigen rug maken, dat lukt me toch nog niet.

Eindelijk kwamen we dan bij de rivier. Nou, eerlijk gezegd heb ik wel eens meer spectaculaire watervallen gezien. Ik zou dit eerder een stroomversnelling noemen. Maar wel een grote!

Maar de waterval was lang niet het enige wat hier te zien was. Ook de The Honey Hive is beslist een bezoekje waard. Het is vooral een winkel, waar de geneeskractige Manuka-honing wordt verkocht, maar er is ook erg veel informatie te zien over bijen en het maken van honing. Verbazend om to horen hoe nauwkeurig de bijen elkaar vertellen waar honing te vinden is, hoeveel honing daar is en van welke kwaliteit!
Natuurlijk hebben we een potje Manuka-honing aangeschaft. Wat zullen we nu gezond worden!

Nadat je de Honey Hive hebt gezien, ben je nog steeds niet klaar bij de Huka Falls, want hier is ook nog het Wairakei Research Center gevestigd met het Volcanic Activity Centre, dat heel veel informatie te bieden heel over de valkanische verschijnselen in en rond Nieuw-Zeeland.

Julia had het al vaak gehad over de mogelijkheid om niet in een hotel te logeren, maar bij een "Bed&Breakfast". Zelf ben ik nogal op mijn privacy gesteld, dus ik zie het helemaal niet zitten om zo boven op de lip van je gastvrouw of -heer te zitten. Ik zit veel liever anoniem in een groot hotel. Maar je moet alles een keer geprobeerd hebben, dus ik had iets leuks gevonden in onze onvolprezen reisgids (New Zealand (Country Guide)


Wel even wennen, zo'n bed&breakfast; je hebt je maar te schikken naar de regels van het huis. Die hielden onder meer in, dat onze schoenen buiten op de stoep moesten blijven staan. Om van het uitzicht mee te genieten, moet je echt wel even op het onderstaande plaatje klikken...

En waar gaan we eten? Daar wist onze gastvrouw wel raad op. Ze greep de telefoon en reserveerde voor ons een tafeltje bij The Riverside Lodge in Te Kuiti. Het was maar een paar kilometer rijden en het bleek een uitstekend restaurant. Het lag een beetje af van de hoofdweg aan de oever van de rivier.

De weg terug was nog wel een beetje spannend: In het donker moesten we ons pension zien terug te vinden op de berghelling en via het nauwe pad langs de berghelling terug naar ons parkeerplekje voor het huis, maar dat lukte prima.
Labels: nz
2009-02-03
Modderbad

In de hotelkamer vonden we hier niet alleen de gebruikelijke rookmelder, maar ook drie gasdetectoren aan het plafond! Blijkbaar is de concentratie van dit gas soms zó hoog, dat het gevaar oplevert. Je ziet het effect ook aan mijn zilveren ringen: Die hadden in een dag bijna dezelfde kleur gekregen als mijn gouden oorbellen!

Gelukkig viel de stank deze ochtend mee, doordat het flink regende. Dat was de eerste regen tijdens onze vakantie! Het was even wennen. Maar het hield gelukkig ook alweer snel op en de schone lucht was letterlijk een verademing.
Het vulkanisme heeft ook positieve kanten, zoals bijvoorbeeld de mogelijkheid om geneeskrachtige baden te nemen in mineraalrijk water. We hadden onze zinnen gezet op een modderbad bij de Polynesian Spa (aan de overkant van de weg, vlak bij het hotel). We gingen er eerst even heen om te informeren naar de mogelijkheden en om een afspraak te maken voor later op de dag. We zouden omstreeks half zeven aan de beurt zijn, dus we moesten er wel rekening mee houden met de planning van het eten. (Nooit met een volle maag te water gaan!)
Toen die afspraak gemaakt was zijn we eerst maar eens koffie gaan drinken bij "Fix", de kleinste koffieshop die ik ooit gezien had. Door de spiegels lijkt het nog iets, maar de hele zaak is een keukentje, zo groot als een bezemkast!We namen dus een uitgebreide lunch en we gingen nog wat shoppen in Rotorua. We hadden een extra koffer nodig, want onze bagage werd met de dag groter. En ik wilde ook een nieuwe handtas, want de mijne begon uit elkaar te vallen. Bij een leerwinkel hadden ze alles wat we nodig hadden en natuurlijk weer voor een prijs, waarvoor je deze spullen in Nederland nergens zult vinden.
Voordat we in de modder gingen, mochten we eerst een tijdlang acclimatiseren en ontspannen in het warme mineraalwater. Er waren baden van 36, 38, 40 en 42 graden en het was de bedoeling dat je telkens een volgend bad nam om langzaam warm te worden. heerlijk ontspannend!

Daarna was ik als eerste aan de beurt voor de modderbehandeling. Dat gebeurde op een soort massagetafel, waar ik helemaal werd ingesmeerd met een mengsel van Manuka-honing en vulkanische modder. Dat is weer eens wat anders dan massage-olie.
Nadat de modder een kwartiertje had ingewerkt, kon ik het onder de douche weer van me afspoelen. Dat viel niet mee, want je begrijpt dat modder met honing behoorlijk kleverig is!
Na het douchen mocht ik weer op de massagetafel, dit keer om ingesmeerd te worden met een vochtinbrengende crème. Nou, nou, wat een zachte huid had ik na afloop! Dit is vast en zeker gezond...
We besloten de dag met een klein hapje en drankje bij "The Pig and Whistle", het voormalige politiebureau van Rotorua, waar nu een restaurant in gehuisvest is. Er treden vaak bands op, maar dat was vandaag niet het geval.
Labels: nz
2009-02-02
Maori Hangi + Concert
We gingen dus terug over de weg, waarlangs we twee dagen geleden ook in Whakatane gekomen waren (SH30). En dit keer stopten we wel bij de meertjes die ik toen gezien had, om eens lekker te gaan zwemmen. Het water was prachtig helder en op de bodem waren niet teveel enge planten, een heel fijne plek om te zwemmen. En... ik had het hele meer voor mij alleen!

In Rotorua reden we rechtstreeks naar de i-site aan Fenton Street om een hotel te boeken. En we gingen lunchen bij een restaurantje. Ook hier waren weer volop vogels, die graag een hapje wilden mee-eten.

Bij aankomst in het hotel (Sudima Motel Lake Rotorua) kregen we meteen een aanbod om een "Hangi" bij te wonen tegen een speciaal tarief. Maar dan moesten we wel binnen een uur beslissen!
Nou heb ik eerlijk gezegd een grote hekel aan dat soort deadlines: Als iets de moeite waard was, zouden ze er toch geen deadline aan hoeven hangen? Dan verkoopt het zichzelf wel!
En het gezang van Maori's trekt me ook al helemaal niet. Maar ja, eigenlijk moet je zoiets toch een keer meegemaakt hebben: Als Nieuw-Zeeland-reiziger moet het deel uitmaken van je "culturele bagage", dus vooruit dan maar! Het werd ons bovendien erg gemakkelijk gemaakt, want de Maori's kwamen naar het hotel toe, wij hoefden de deur niet uit.
In het hotel bleek dat we geen flesopener hadden, heel lastig om dan je flesje Steinlager (of Grolsch) open te krijgen. Dus we gingen er op uit, terug naar Fenton Street. We zochten een zakmes, maar we vonden uiteindelijk een nagelknipper met een flesopener in een souvenirwinkel. En toen we toch aan het shoppen waren, kochten we gelijk ook maar ieder een zomerjurkje (bij Shanton Rotorua 105-107 Fenton Street).
Terug in het hotel trokken we onze nieuwe kleedjes aan en bereidden ons voor op de voorstelling, die begon met een "Powhiri" (welkomstceremonie) in de bar van het hotel. Iemand uit het publiek (een man natuurlijk) trad op als vertegenwoordiger van het publiek en maakte de aanvoerder van de Maori's duidelijk dat wij met vriendschappelijke bedoelingen gekomen waren. Daarna was het tijd voor feest en we kregen een uitgebreid buffet met traditionele Maori-gerechten (Hangi). Het was erg gezellig aan tafel en natuurlijk was er wel iemand zo vriendelijk om met mijn camera een foto van Julia en mij te maken.

Er werden verschillende dansen gedemonstreerd door de Maori-groep Te Roopu Manaia en... Het publiek mocht meedoen! Een aantal dames mocht meedoen in een Poi-dans en de heren mochten meedoen aan een krijgsdans (Peruperu).
De bedoeling van de krijgsdansen van de Maori's is om de tegenstander af te schrikken, zodat een gevecht helemaal niet meer nodig is. Als je er maar groot en sterk en lelijk genoeg uit ziet, dan ziet de vijand misschien wel van een gevecht af. "Nou, dat laatste moet toch zeker lukken; wie druft?" grapte de presentator.

Natuurlijk waren er wel mannen die door hun vriendjes naar voren geduwd werden als "vrijwilliger", dus al gauw stond er een tiental heren op het toneel. Het grappige vond ik, dat een oud, mager, Japans mannetje een stuk overtuigender overkwam dan sommige forsgebouwde, "stoere", jonge kerels.
Labels: nz
2009-02-01
White Island

Nieuw-Zeeland ligt juist boven de plek waar twee tectonische platen op elkaar botsen. De Pacifische plaat schuift hier tegen de Indiaans/Australische plaat aan en wordt naar beneden gedrukt. Dat geeft grote spanningen in de aardkorst met explosieve gevolgen. In feite ligt er langs de hele westkant van de Stille Oceaan een gebied met vulkanische verschijnselen, aardbevingen en zeer diepe zeetroggen, allemaal het gevolg van die botsing van de tectonische platen. Die lijn loopt dwars door Nieuw-Zeeland heen.
White Island ligt zo'n 48 kilometer uit de kust, dus zelfs met deze snelle boot (de PeeJay) waren we meer dan een uur onderweg. Onze gids gaf alvast wat achtergrondinformatie en we kregen allemaal een helm en een gasmasker. De belangrijkste gassen om rekening mee te houden zijn kooldioxide (CO2) en zwaveldioxide (SO2).

Maar tegen een flinke 'plas' CO2 gaat een gasmasker natuurlijk niet helpen. In CO2 kun je als het ware "verdrinken", net als in water. CO2 is zwaarder dan lucht en het kan dan ook een dikke laag op de grond vormen, waarin je niet kunt ademen. Er zijn gevallen bekend van hele dorpen waar alle bewoners gestikt zijn, toen ze door CO2 overstroomd werden. Een zuurstoffles zou dan helpen, een gasmasker niet.
Het gasmasker helpt vooral tegen sporen SO2 in de lucht. Dat kan behoorlijk irriteren in je neus en je keel. Het masker was dus eerder voor het comfort dan voor de veiligheid bestemd. Maar het ziet er wel stoer uit natuurlijk!

Toen we bij het eiland aankwamen, was het wel duidelijk dat we hier met de PeeJay niet konden aanleggen. Maar... Hoe moesten we dan aan land komen?

Met een rubberboot! Ja, het werd al meteen spannend. Vanuit de rubberboot moesten we overstappen op een half-ingestorte aanlegsteiger en daarna over grote keien klimmen om echt aan land te komen.

Vooral voor Julia was dat lastig en hoewel er voldoende stoere gidsen waren om haar te helpen, deden die weinig anders dan haar vooruit trekken en dat was nou net niet het soort hulp dat ze nodig had. Gelukkig bereikte iedereen veilig de oever en terwijl we deze vreemde, nieuwe omgeving in ons opnamen, kregen we de laatste veiligheidsinstructies.

Mensen zeggen dat het landschap doet denken aan een maanlandschap, maar ik denk dat het meer lijkt op de planeet Venus. Op de maan is alles droog en stoffig, maar hier is een atmosfeer en water... En vooral veel zuur!
We gingen op pad in de richting van het kratermeer en liepen langs een klein riviertje. Overal langs de oever zag je prachtige kleuren, veroorzaakt door de mineralen die in het water zijn opgelost.

White Island is eigenlijk alleen maar het topje van een grote stratovulkaan die op de zeebodem staat. De hoogte van het eiland is boven water 321 meter, de totale hoogte is ongeveer 1600 meter. Het grootste deel van de vulkaan ligt dus onder water en daardoor valt het niet meteen op, dat dit in feite de grootste vulkaan van Nieuw-Zeeland is.
Hij is ook behoorlijk actief: De meest recente uitbarsting was in 2003, maar ook als hij niet uitbarst, is de vulkaan voortdurend in beweging en verandert hij van dag tot dag. Bij de laatste grote uitbarsting in 2003 is het kratermeer gestegen van 7 tot nog slechts 1 meter onder de rand.
Voor de gidsen is het dus ook altijd een verrassing of de fumarole waar ze gisteren over vertelden er vandaag nog zal zijn, of dat er misschien een nieuwe bij gekomen is. (Een fumarole is een opening in de aardkorst, waar warme tot zeer hete gassen en dampen uit ontsnappen. Deze gassen of dampen bestaan voornamelijk uit waterdamp en kooldioxide, maar er kunnen ook giftige bij zitten zoals waterstofchloride, waterstoffluoride of waterstofsulfide.)
  
Kleine fumaroles waren er trouwens overal, bijna overal zag je stoom uit de grond komen. En zelfs bij de kleinste zag je duidelijk dat er zwavel werd afgezet waar de stoom uit de grond kwam.
Maar er waren ook hele grote. Die bestaan vaak een paar maanden en verdwijnen dan weer, om plaats te maken voor andere. Kort geleden was er een hele grote, nieuwe fumarole ontstaan vlak bij het pad, die konden we goed van dichtbij bekijken.De krater wordt voortdurend in de gaten gehouden met seismografen en webcams, je kunt zelfs live kijken hoe de krater er nu uit ziet.
En toen kwamen we eindelijk bij het meer. Het ziet er melkachtig uit door de vele mineralen die erin zijn opgelost. En het is ontzettend zuur!
De gids vertelde: "Misschien zijn jullie wel bekend met de pH-schaal die gebruikt wordt om de zuurgraad van vloeistoffen te meten. Die schaal loopt van 0 tot 14. (0 is heel zuur, 14 is heel basisch.) Ons maagzuur heeft een pH van 2. Water heeft een pH van 7. Durft er iemand te raden naar de zuurgraad van het meer?"
"15?" probeerde iemand.
"Nee, dat zou juist heel basisch zijn", legde ze geduldig uit.
"1?" vroeg ik.
"That is quite a good guiss actually" (ze bedoelde natuurlijk guess, maar ze praatte met een zwaar Nieuwzeelands accent) "in fact it is -0.1"
Dat ligt dus buiten de normale schaal van 0 tot 14! Dan vind ik die schatting van die meneer die 15 riep nog helemaal niet zo slecht: Hij had in elk geval door dat het buiten de schaal lag. Ik had (braaf als ik nou eenmaal ben

Hier en daar waren grote bulten in de grond te zien. De gids waarschuwde ons, om daar vooral niet bovenop te gaan staan. Er zitten gasbellen onder, net als bij de bellen die je soms ziet ontstaan in de koeke(n)pan als je een panne(n)koek aan het bakken bent. Je zakt er dus gemakkelijk doorheen. Dat is ook wel eens gebeurd bij een eerdere excursie. De volgende dag troffen ze op die plek een borrelende hete modderpoel aan. (De roekeloze toerist die er doorheen gezakt was is trouwens met de schrik vrijgekomen, hij is niet door het gat in de modder gevallen...)


Je ziet bij de fumarolen dat de stenen helemaal geel zijn. Dat komt doordat er erg veel zwavel in de dampen zit. Ook in de grond zit erg veel zwavel. Het is dan ook geen wonder dat ondernemers hier een kans in zagen: De zwavel ligt zo ongeveer voor het oprapen! Dat is een waardevolle delfstof en daar moet toch handel van te maken zijn?

Nou, dat is ook geprobeerd. Al in 1885 werd een mijnonderneming opgestart. Er werden werknemers aangetrokken van over de hele wereld met aantrekkelijke advertenties: "Werken op een eiland in de Stille Zuidzee. Goede verdiensten!" Dat klinkt natuurlijk geweldig, maar wat er in de advertentie niet bij stond is, hoe onvriendelijk voor menselijk leven dit eiland in feite is. Er is een verhaal bekend van een mijnwerker die zich aan de mast van het schip vastbond en weigerde om aan land te gaan.
En de mijnwerkers die wel aan land gingen hadden het inderdaad niet makkelijk. Men is nog tot 1914 doorgegaan met het trotseren van de elementen, hoewel de opbrengst van de mijnoperatie erg bleek tegen te vallen. In 1914 stortte een deel van de kraterwand in, waarbij een aardverschuiving de mijn en de woonhuizen vernielde. Twaalf mensen kwamen daarbij om het leven. Sindsdien liggen de ruines van de gebouwen er verlaten bij en worden alleen nog door toeristen bezocht.

Ik vond het best verrassend om in deze dorre omgeving toch nog een klein, levend plantje te ontdekken.
Eigenlijk kunnen foto's geen recht doen aan de verpletterende ervaring om hier rond te lopen. Misschien kan deze panorama-foto een iets betere indruk geven. (Klik er op voor een vergroting!)

We voeren nog een rondje om het eiland en daarna gingen we terug naar Whakatane, wwar we de dag afsloten met een diner bij "The Wharf Shed". Bij wijze van uitzondering aten we vandaag niet hetzelfde: Julia koos voor lamsvlees, maar ik nam varkensvlees. We deelden wel samen een fles van hun heerlijke, witte huiswijn.

Labels: nz
2009-01-31
Van Napier naar Whakatane


Whakatane ligt, net als Napier, aan de kust, dus we hadden ervoor kunnen kiezen om gewoon langs de zee naar het noorden te rijden, maar dat is niet de gemakkelijkste route. Wij gingen door het binnenland, via de "Thermal Explorer Highway".

De weg loopt een groot stuk door onherbergzaam gebied zonder tankstations, dus we hadden gezorgd voor een volle tank. Openbare toiletten zijn er trouwens wel te vinden, bijvoorbeeld bij Te Pohue. Daar vond ik ook deze groep schapen. En verderop langs de route een mooie waterval.

Zo kwamen we ook weer terug in Taupo en nu greep ik de kans aan om wat foto's van het meer te maken. Het zat me nog steeds niet lekker dat ik die nog niet had.

Vanuit Taupo gingen we naar het noordoosten en we kwamen langs een paar prachtige meertjes met mooi helder water. Ideaal om te zwemmen! We deden dat vandaag niet, we wilden zo snel mogelijk naar Whakatane, maar ik zette het wel op mijn verlanglijstje.
Nu we het toch over Whakatane hebben, misschien heb je wel eens gehoord dat de term whakatane ook gebruikt wordt om FTM (vrouw-naar-man) transseksuelen aan te duiden? De naam whakatane betekent in Maori-taal "veranderen in een man".De achtergrond van dat woordgebruik is het verhaal van Wairaka, de dochter van de kapitein van de Mataatua waka (kano), waarmee de Maori's de oversteek over de Stille Oceaan naar Nieuw-Zeeland maakten.
Het was bij de Maori's een vaste regel, dat alleen de mannen de peddels van de kano mochten gebruiken. Maar de mannen gingen aan land en lieten de vrouwen alleen achter in de kano. De vloed kwam op en het weer veranderde. Toen begon de kano die de manner op het strand hadden getrokken weer te drijven en de wind dreef hem naar de monding van de rivier, waar de golven met grote kracht op de rotsen sloegen. De situatie werd erg gevaarlijk. Toch konden de vrouwen niets doen: De peddels waren immers taboe voor hen! Wairaka probeerde de mannen nog te waarwchuwen, maar ze hadden een heuvel beklommen om uit de kijken over hun nieuwe land en hoorden haar niet (of ze wilden niet luisteren).
Toen riep Wairaka: "Kai Whakatane au I ahau." (Ik maak van mezelf een man.) En dat deed ze. Door haar kordate optreden werden de kano en alle vrouwen en kinderen gered!
Haar standbeeld staat op het havenhoofd van Whakatane.
En zo kwamen we uiteindelijk aan bij het hotel (White Island Rendezvous, 15 The Strand, Whakatane). Opnieuw een paradijselijke pleisterplaats...

We sloten de dag af met een eenvoudige doch voedzame maaltijd bij "The Office", een soort eetcafé in het centrum van Whakatane. (Na dat luxe Tandoori Maharaja Banquet gisteren bij Master of India kon het vandaag wel weer eens wat eenvoudiger.
2009-01-30
Napier
We wilden verschillende dingen hebben, zoals een korte broek voor mij en een adapter voor de stekkers van onze mobiele telefoon.
Ons appartement lag "dicht bij het centrum", maar toch op minstens een kilometer afstand. Op de kaart leek de kortste route naar het centrum te lopen via Shakespeare Road. Die straat was bijna een rechte lijn van ons appartement naar het centrum. Er was alleen één klein probleempje: Die weg liep over een berg heen! We konden dus kiezen voor een korte route over de berg of een lange route re omheen. We besloten om de korte route te kiezen.
Het bleek helemaal niet mee te vallen, want de weg was behoorlijk stijl en toch nog erg lang. Telkens als ik dacht bij de top te zijn, bleken we toch nog verder te moeten klimmen.
Toen we eindelijk in het centrum kwamen, was het alweer tijd voor koffie. Gelukkig werden we door de winkels niet teleurgesteld: Er was volop keus en we hadden al gauw allebei wat leuke nieuwe kleding er bij.
Alleen die adapter-stekker, dat was niet zo gemakkelijk. Na lang zoeken kwamen we bij Dick Smith terecht en toen was het probleem opgelost. Ze hadden adapters voor alle denkbare stekkers, ook voor onze Europese.
Het klimmen en dalen in die Shakespeare Road was ons op de heenweg niet meegevallen, dus voor de terugweg kozen we de route om de berg heen. Een stuk langer, maar keurig horizontaal en dat loopt toch echt lekkerder!Tja, vandaag weinig foto's dus en geen grote bezienswaardigheden. Maar in elk geval waren we alvast aan de oostkust, want daar wilde ik heen. Om precies te zijn wilde ik naar Whakatane, aan de Bay of Plenty. Ik heb dit keer het volgende hotel èn de excursie voor overmorgen alvast weer telefonisch gereserveerd. Ik wilde er zeker van zijn dat we daar terecht konden, want we waren op weg naar een hoogtepunt van onze reis...
Labels: nz
2009-01-29
Van Wellington naar Napier
Onze volgende bestemming was Napier. We hadden dat eigenlijk op het laatste moment besloten, aan de hand van het weerbericht. De oostkant van het land heeft gewoon altijd het beste weer. Wellington was veel te koud.
Maar om te beginnen liep onze route langs de westkust en we waren dus nog niet van de wind verlost. Toen we even uitstapten voor een cigaretje, woei het haar bijna van ons hoofd af.

Niet echt een parkeerplaats om eens lekker te gaan picknicken, maar wel heel geschikt om andere dingen te doen. Zo vonden we een kluisje dat waarschijnlijk in Wellington gestolen was en dat men hier gekraakt had.
Onderweg ben ik nog even op het stationnetje van Otaki gaan kijken, maar er was niks te beleven. In Nieuw-Zeeland is de trein bepaald geen populair vervoermiddel. Alleen toeristen rijden er mee.
Het weer bleef maar somber en zwaar bewolkt, totdat we weer bij de gorge kwamen. Daar ga je van de westkant naar de oostkant van de bergketen en dat is een verschil als dag en nacht!

Dit keer zat Julia aan het stuur, toen we door de gorge reden, dus ik kreeg de kans om vanuit de auto wat foto's te maken. (Er is nergens een gelegenheid om te stoppen en uit te stappen.)

Na de passage van de gorge werd het landschap meteen weer vriendelijker en ook het weer werd beter, hoewel het nog steeds licht bewolkt was. We sloegen meteen rechtsaf en vonden aan het eind van een onverharde zijweg een heel vriendelijk restaurantje, waar juist een groep jonge Japanse meisjes hun eerste rit op een pony ging meemaken.
Eenmaal aangekomen in Napier, vervoegden we ons op het VVV-kantoor (de i-Site noemen ze dat) en dat bleek echt de gemakkelijkste manier om een hotel te vinden. Je vertelt gewoon wat je wensen en je budget zijn en dan laat de dame van de i-Site zien wat de mogelijkheden zijn en ze belt verschillende hotels, totdat je samen gevonden hebt wat je zocht. Dan reken je af bij de i-Site en je krijgt een waardebon (voucher) mee, waarmee je bij het hotel kunt inchecken.

Dit keer viel de keuze op een kamer in een appartement dat op een paar kilometer afstand van het hotel stond. Lekker veel privacy... En vlak bij het strand! Ook restaurants waren er volop in de buurt, maar het kostte ons toch best een hoop moeite om er eentje te vinden dat naar onze zin was. Uiteindelijk kwamen we terecht bij Tandoori restaurant "Master of India" in 79 Bridge Street, waar we een "Maharaja Banquet" voor twee bestelden, met een fles witte Kemblefield wijn erbij. Voortreffelijk!
Labels: nz
2009-01-28
Windy Welly

We kochten retourtjes voor de Cable Car, hoewel ik niet zeker wist of we ook terug zouden gaan met het treintje: Het is vaak het leukste om met de trein de berg op te gaan en dan zelf terug te lopen. Maar voor een treinenliefhebber ligt het iets anders: De rit op zich is ook een attractie.
Een kabelbaan is geen gewone trein: Er zit geen motor in! De beide wagons hangen aan de uiteinden van een lange staalkabel en de motor staat boven in de machinekamer.

Als de ene wagon omhoog gaat, komt de andere naar beneden en andersom. Zo houden ze elkaar in evenwicht en dat scheelt enorm in de kracht die de motor moet leveren om de berg op te komen.
Halverwege is een punt waar de twee wagons elkaar passeren, net zoals de trams in de Leidsestraat. Alleen houden ze daarbij niet rechts, zoals de tram, want dan zouden de kabels hopeloos in de knoop raken! Wagon 1 neemt altijd het zuidelijke spoor en wagon 2 het noordelijke.
Ik had een mooi filmpje van de tocht gemaakt, maar dat is helaas verloren gegaan bij het overzetten van mijn foto's naar de PC thuis. Daar kom ik nog op terug. We moeten het dus stellen met wat niet-bewegende foto's...

Bovenaan is in het oude motorhuis nu het Cable Car Museum gehuisvest, waar van alles te zien is over de geschiedenis van deze kabelbaan. Omdat de wagons op het spoor altijd op een helling staan, zijn ze ook scheef opgebouwd. Dat ziet er wel een beetje raar uit, als ze in het museum opeens recht staan. Ik ben dus maar schuin gaan zitten.

Er is hier ook een astronomisch waarnemingsstation, maar dat was jammer genoeg gesloten. Buiten was wel een leuke zonnewijzer te zien, in feite zijn er een heleboel zonnewijzers in de botanische tuinen. Als je iets van zonnewijzers weet, is
er één ding dat hier meteen opvalt: De uren staan er verkeerd-om op aangegeven! Of toch niet? In Nieuw-Zeeland is nou eenmaal alles andersom; ze rijden aan de verkeerde kant van de weg, ze lopen met hun voeten omhoog en hun hoofd naar beneden... Ja, op het zuidelijk halfrond, aan de onderkant van de aarde! Ook een zonnewijzer werkt daar andersom, omdat de zon weliswaar opkomt in het oosten, maar dan niet via het zuiden, maar via het noorden draait, om in het westen weer onder te gaan. Heel verwarrend allemaal. Deze zonnewijzers zijn dus niet fout, maar in Nederland zouden ze niet werken.Wat je op de zonnewijzer in elk geval wel kunt zien, is dat het tijd was voor de lunch. Gelukkig is er ook een restaurant in de botanische tuin, dus we zijn eerst maar eens een hapje gaan eten. De restjes werden door de vogels vakkundig opgeruimd.

We gingen verder naar de begoniakas, maar daar was wel iets meer te zien dan bagonia's! Tjonge wat een prachtige bloemen!



Vooral die foto in het midden vond ik erg mooi. Maar hoe heette die bloem ook alweer? Een Plumeria! Via LinkedIn ben ik daar achter gekomen, maar dat is een verhaal apart.
Als er op de grond zo veel te zien is, zou je bijna vergeten om naar de lucht te kijken. Maar ik heb de camera toch ook maar even omhoog gericht. Ook in Wellington waren er weer heel bijzondere wolken te zien. Je moet niet vergeten dat je hier op een klein stukje vaste grond loopt, midden in de oceaan. Wellington staat dan ook bekend om zijn wind. (Vandaar "Windy Welly".) Het waait er vrijwel altijd, en niet zo'n beetje! De westenwind die op de veertigste breedtegraad altijd waait (ook wel bekend als de "roaring fourties"), wordt bij Wellington nog eens extra versterkt, doordat de wind zich tussen het Noorder- en het Zuidereiland door probeert te persen.

We waren van al dat wandelen behoorlijk moe geworden en we hadden wel een biertje verdiend. We legden aan op een heerlijk terrasje (uit de wind en in de zon) bij "One Red Dog", waarschijnlijk een broertje van "Man bijt Hond" en we dronken er een echte Hoegaarden Witbier! Jazeker, dat is dus toch verkrijgbaar in Nieuw-Zeeland, maar alleen bij een toprestaurant zoals dit. Het stond duidelijk niet zonder reden vermeld in New Zealand (Country Guide)
Nu had ik nog wel graag naar het Te Papa museum gewild, maar Julia was te moe. En in mijn eentje had ik daar geen zin in. Dus ik heb Julia terug naar het hotel gebracht en ik ben nog een beetje gaan shoppen, ondermeer bij Jay-Jay's, waar ik een leuk wit topje kon kopen voor NZ$ 10,- en bij Arty Bees bookshop, waar ik heel erg in de verleiding kwam om "Lord of the Rings" te kopen. Het was een uitgave in drie delen, voor NZ$ 30,- per deel. Dat is niet duur en ik wil dat boek nog steeds eens echt in het Engels lezen. Maar ik had geen negentig dollar meer in mijn portemonnee, dus ik heb die aankoop nog even uitgesteld. [Misschien maar goed ook, want ik zie nu dat bij Amazon The Lord of the Rings. 3 Vol. Set

Toen ik terugkwam in het hotel, was Julia net uitgeslapen en we konden weer op pad voor het avondeten. In een zijstraat van Cuba Street vonden we een heel klein Maleisisch afhaalrestaurant waar ook wat stoelen buiten stonden. Julia wilde een "Char Kueh Teaw" (noedels met bonenspruiten), maar dat was mij te gewaagd, ik hield het op een "Sweet & Sour Pork" (zoet/zuur varkensvlees). Het gevolg van die keuze was, dat Julia stokjes bij haar eten kreeg en ik een gewoon bestek. Ik heb gauw wat foto's gemaakt, want Julia eet liever niet met stokjes. Dit zijn dus vrij unieke beelden.
Nadat de foto gemaakt was, hebben we maar gauw van bestek geruild...
2009-01-27
Van Eketahuna naar Wellington
De afstand van Eketahuna naar Wellington is maar 139 kilometer, maar we waren vast van plan om onderweg ook wat leuke dingen te gaan bekijken. Het ging eerst richting Masterton, over die weg (SH2) die we al zoveel keer gereden hadden, maar daarna ging het verder naar het zuiden, richting Greytown. Onze reisgids, die ik nu trouw overal met me meesleepte had ons al een beetje gewaarschuwd voor dit gebied: "Several small-town rural communities pop up along SH2 [...], each with a minor attraction or two and varying degrees of appeal." Het is duidelijk: In elk klein plaatsje hopen ze iets te verdienen aan de stroom toeristen die er voorbij trekt en aan de mensen uit Wellington, die een weekendje er op uit willen. Twee attracties werden met name genoemd: "Cobblestones Village Museum" in Greytown en "Stonehenge Aotearoa" vlakbij Carterton.
Voordat we Greytown bereikten, was er voor een treinenliefhebber als ik een leuke verrassing: Een gesloten overweg... Eindelijk een trein in aantocht!

Een nadeel van mijn camera is, dat hij het laatst opgenomen beeld een tijdje vasthoudt. Als je dan weer beeld hebt, is het net te laat om de volgende foto te maken. Ik denk trouwens dat dat een instelling is, die je kunt wijzigen; ik zal eens kijken.

Eenmaal aangekomen in Greytown stopten we voor een kop koffie en een cigaret. En ik las voor uit de reisgids over wat hier allemaal te zien zou zijn. Ge bouwen in Victoriaanse stijl? Inderdaad, we zagen er een paar...

De belangrijkste bezienswaardigheid in Greytown zou het Cobblestones-museum zijn, dus dat zijn we maar eens gaan bekijken. Het is één van de vele "early settlers"-musea, geweid dus aan de tijd dat Nieuw-Zeeland gekoloniseerd werd. Tja, ik weet niet of al dit soort musea zo zijn, maar Cobblestones viel ons behoorlijk tegen. Er stonden verschillende oude (houten) gebouwen, die verplaatst waren van hun originele locatie naar het terrein van het museum.

Natuurlijk is het leuk dat zulke gebouwen behouden blijven en het is een mooie gelegenheid om een stukje geschiedenis te laten zien. Maar er stonden ook een heleboel oude landbouwmachines weg te roesten. Zonde! Als je er op die manier mee omgaat, verdwijnt het industriële erfgoed op den duur vanzelf...

We vervolgden onze weg naar Wellington en ik probeerde de hoofdweg te vermijden en een touristische route te volgen, maar dat pakte slecht uit. De wegen werden steeds smaller, tot we uiteindelijk op een gesloten hek stuitten. Er zat niks anders op dan terug te gaan en toch maar de hoofdweg te volgen.
We hadden van te voren niets geregeld voor een hotelkamer, we waren van plan om in Wellington een VVV-kantoor te zoeken, maar dat bleek niet zo gemakkelijk te vinden. Trudy stuurde ons heen en weer, zodat we soms drie keer op dezelfde plek terug kwamen. Uiteindelijk zijn we maar ergens gaan parkeren en gewoon naar een hotel toe gelopen. Ze hadden geen kamer vrij, maar het hotel waar ze mee samenwerkten wel. Ze verwezen ons naar het Abel Tasman Hotel in 169 Willis Street, twee straten verderop. En inderdaad: Daar konden we terecht en ze hadden ook een plekje voor onze auto...
Het hotel was niet zo overdreven luxe als wat we de eerste dagen hadden meegemaakt, maar een stuk beter dan het commercial hotel in Eketahuna. We hadden een eigen douche en WC en natuurlijk een waterkoker, een TV en een minibar, ongeveer wat je van een normaal hotel zou verwachten. En als je in aanmerking neemt dat het in het centrum van de hoofdstad ligt, is NZ$ 139 per nacht ook nog spotgoedkoop voor onze begrippen!
De meeste restaurants waren te vinden in en rond Cuba Street.
We gingen eten bij Roxy Cafe in 203-205 Cuba Street. We begonnen met een portie knoflookbrood en als hoofdgerecht hadden we heerlijke geroosterde varkensfilets, gerold in plakjes spek en een mooie fles rode wijn er bij, een Mt Riley Pinot Noir. We pakten ons decadente leventje weer op...
2009-01-26
Afscheid
Ik heb Henk aangeraden om extra RAM-geheugen bij te kopen. Dan moet wel de kast even open om het te plaatsen. Waarschijnlijk doen ze dat in de computerwinkel wel even voor hem.

Julia was intussen bezig om de was op te hangen voor Tallie in de tuin. Moet je eens kijken naar die wolken op de foto. Heel bijzonder! Ik heb later nog veel meer bijzondere wolken gezien in Nieuw-Zeeland. Daar kon ik nog op terug.
Er was ook nog tijd om te kijken naar de foto's die mijn zwager Ben gemaakt had toen hij twee jaar geleden Tallie bezocht. Hij had wel een trein gezien in Eketahuna! Nou, dan maak ik toch gewoon een foto van deze foto's! Thuis kijk ik wel of ik er nog iets mee kan.

Het bleek niet zo eenvoudig om deze foto's goed te krijgen: Zo'n stoomlocomotief is heel erg zwart en steekt af tegen het heel erg lichte landschap. Bovendien bleek dat er op de rechter foto hele grote vingerafdrukken staan. Waarschijnlijk heeft iemand het negatief verkeerd beetgepakt. Als ik het contrast nog verder zou opvoeren, zou de schuldige makkelijk te identificeren zijn...
We waren in de afgelopen dagen eindelijk weer eens goed bijgepraat met Henk en Tallie. We spreken ze wel vaak via de telefoon, maar dit is toch anders.
Ze hebben door de jaren heen met veel belangstelling mijn transitie van man naar vrouw gevolgd. Ze hebben ons ook al lang geleden gewezen op Georgina Beyer, parlementslid voor de Labour Party voor Wairarapa in Nieuw-Zeeland. Ze is waarschijnlijk de eerste transseksueel die eerst tot burgemeester en later tot parlementslid is verkozen (door de overwegend blanke plattelandsbevolking van Wairarapa). Behalve vrouw is ze ook nog eens Maori, dus ze zal best tegen een hoop discriminatie hebben moeten knokken om die positie te bereiken. Georgina is trouwens ook nog eens ge-interviewd in Gendertalk, het LGBT-radioprogramma en podcast waar ik zelf twee jaar aan heb meegewerkt.
Ik had gelezen dat 6 februari Waitangi-day was, de nationale feestdag van Nieuw-Zeeland. Zou het niet een leuk idee zijn om die dag in Waitangi door te brengen? Tallie raadde ons dat af: "Je hebt grote kans, dat er op die dag rottigheid in Waitangi gebeurt." Later zou blijken, dat ze daar gelijk in had...

We aten vandaag in het hotel. Er viel niks te kiezen, je eet daar wat de pot schaft. Nou, dat viel eigenlijk helemaal niet tegen: Een stevig stuk vlees, aardappels en koolsla. Het was smakelijk en natuurlijk veel meer dan we op konden.

Ook van Pete, die we elke avond in de bar spraken, moesten we vandaag afscheid nemen. De bar was vandaag dicht, maar we vonden hem in de TV-kamer in het hotel. We hebben nog lang met hem zitten kletsen en hij liet ons ook zijn foto's zien, die hij allemaal op een laptop heeft staan. Een kiwi? Ja hoor, die had hij ook op de foto staan. Een baby-kiwi zelfs, die hij tijdens zijn reis in Coromandel in zijn handen had gehad. Ik nam een foto van het scherm van de laptop, opnieuw met het idee om die thuis uit te vergroten en recht te trekken in Paint.NET.
Tot zo ver Eketahuna... De volgende dag zouden we vertrekken naar Wellington!
2009-01-25
Gniffels in Nieuw-Zeeland

Ontbijt in het Commercial Hotel in Eketahuna vindt plaats in de keuken. Normaal is dat het werkterrein van het personeel, maar de dingen gaan hier wat informeel toe. Er stond wel volop "cereal" klaar, cornflakes en dat soort dingen, maar ik eet toch liever brood 's morgens. Dus we leerden onze weg vinden in de kastjes en koelkasten en we scharrelden wel iets bij elkaar.We wilden dus met de familie naar de radio luisteren, maar er was wel een probleem: Het station waar het zou worden uitgezonden is in Eketahuna vrijwel niet te ontvangen. In Masterton lukte het wel, op de autoradio. Dus moesten we met de hele club naar Masterton om daar te luisteren.
Alleen zou dat heel sneu zijn voor Marina, want die moest dan alleen thuis blijven. We besloten dus om overdag een uitstapje met Marina te maken en dan 's avonds met de rest naar Masterton te rijden.
En Marina wilde... Naar Masterton! "> Er waren dus volop boeken te zien en terwijl Marina haar schoolspullen uitzocht, ging ik kijken bij de tijdschriften en de afdeling reisgidsen en Julia ging op zoek naar souveniers. We vonden allemaal wat. Julia kwam bij de kassa met ondermeer een potje jam! En ik vond een treinentijdschift voor mijn vader en een reisgids
Na het shoppen gingen we met Marina weer terug naar Eketahuna om de rest van de familie op te pikken. De weg tussen Eketahuna en Masterton kon ik langzamerhand wel dromen. Een prima weg trouwens, afgezien van een brug dicht bij Masterton, die wat te smal en bochtig is aangelegd naar mijn smaak.
We waren van plan om de familie uit te nodigen voor een maaltijd bij Joxer Dalys Ale House, want dat was ons gisteren prima bevallen. Bovendien wist ik dat er een mooi parkeerterrein in de schaduw van het restaurant lag, ideaal geschikt om een uur stil te staan en naar de radio te luisteren.

Het interview met Julia is online te vinden op de website van radio echo: http://www.myechoradio.com/audio/wijsmetgroningen.mp3. We waren best nieuwsgierig hoe de uiteindelijke montage van het gesprek zou klinken. Nou, keurig gedaan! Ze hadden er een heel leuk stuk van gemaakt.

Na het radioprogramma gingen we naar binnen in het restaurant, waar ik meteen een leuke tafel voor vijf personen vond. Henk hanteerde ook mijn camera even, zodat we allemaal op de foto konden.
Daarna kon ik de bestellingen gaan opnemen. Natuurlijk wilde iedereen iets anders, maar het smaakte allemaal even goed! Dit was echt een heel leuk uitje voor Tallie, Henk en Jane, die in geen jaren een restaurant aan de binnenkant hadden gezien.
Nadat we iedereen weer naar huis hadden gebracht, gingen we weer iets drinken in de bar van ons hotel. Zoals ik al zei, is dit het centrum van het uitgaansleven in Eketahuna. Iedereen komt er, van jong tot oud. En natuurlijk zijn er wel eens mensen bij, die verwonderd in mijn richting kijken en zich afvragen of ik nou een vrouw of een man ben. Ik ben daar zo aan gewend, dat me dat nauwelijks meer opvalt.
Ik stond bij de juke-box wat platen uit te zoeken, toen een jongeman op me af kwam:
"Ulaikmoikoljakson?" zei hij.
Ik keek hem verwonderd aan, waar had hij het over?
"Do you like Moikoljakson?" vroeg hij opnieuw.
Ik begreep het nog steeds niet, dus ik zei: "Sorry, I don't understand."
"Do you like Micheal Jackson?" vroeg hij nu.
Ik had de vraag begrepen, al snapte ik nog niet, waarom hij dat vroeg. Ja, ik houd wel van de muziek van Micheal Jackson. Toen ik hem dat gezegd had, ging hij weer terug naar zijn vrienden.
Later zag ik ze nog in een discussie verwikkeld. "It's a guy", ving ik op: "No, it's a girl", zei iemand anders. Tja, toen snapte ik het: Hij had graag mijn stem willen horen, omdat hij er "hom of kuit" van wilde hebben. Maar blijkbaar waren ze er nog niet uit.
Ik heb me er maar niet druk over gemaakt en als ze me geen rechtstreekse vragen stellen, ga ik ook geen uitleg geven. Ik heb trouwens later op de avond nog een leuk en spannend spelletje pool-biljart met één van die gasten gespeeld. De sfeer was beslist niet vijandig.
2009-01-24
Middleton Model Railway

Werk aan de winkel dus. Henk nam telefonisch contact op met een Internet-provider en nadat hij zich had laten registreren, kreeg hij de helpdesk aan de lijn om de installatie op de PC te doen. Op dat moment mocht ik de telefoonhoorn van hem overnemen.
Natuurlijk had ik van te voren al gecontroleerd of er een modem in de PC zat, of ik dat met Hyperterminal kon benaderen, of het modem was aangesloten op de telefoonlijn en of de PC in staat was om een verbinding te maken. Dat was allemaal in orde. Ik had dus alleen nog het juiste inbelnummer, de gebruikersnaam en het wachtwoord nodig.
Nadat ik die gegevens zorgvuldig had opgeschreven in Henk's adresboekje, viel de helpdesk-medewerker van de lijn, maar ik wist al genoeg. Opzetten van een inbelverbinding onder Windows XP is helemaal niet moeilijk. We waren dus al snel online. Maar ik was nog niet tevreden: Hoe zat het met de virusscanner en het installeren van Windows updates? Er was nog steeds een hoop te doen! Om te beginnen dus updates downloaden. Nou, dat duurt uren met een 57kB modem, dus daar hoefde ik niet naast te blijven zitten.

Intussen waren twee familieleden aangekomen, die we gisteren nog niet gezien hadden: Dochter Julia en kleindochter Kate. Ze zijn wat meer cameraschuw dan de rest van de familie, maar het is toch gelukt ze op de gevoelige plaat vast te leggen.
's Middags zijn we er maar eens op uit gegaan. We namen de weg naar Masterton, dat is de dichtsbijzijnde plaats van enige omvang. En onderweg stuitten we op een bord:
Tot nu toe had ik erg weinig treinen gezien in Nieuw-Zeeland, dus hier was een kans om de schade in te halen. Een modelbaan! Dit is één van de grootste modelbanen in Nieuw-Zeeland. Hij is gebouwd met als thema de Engelse Midlands rond de niet-bestaande stad Middleton. Naast de stad is ook het platteland weergegeven, evenals de haven van Eastwich.


De baan omvat zo'n 300 meter spoor, 227 wissels, 10 stations, een rangeerterrein, een haven met treinveer, een ijzermijn en een klakgroeve. Zie ook www.modelrailway.co.nz.
Naast de modelbaan is er ook de kaasmakerij. De melk komt van enkele Jersey-koeien met een stamboom. De boerin maakt zelf de kaas en houdt daarbij de melk van de verschillende koeien apart. Je kunt de kaas proeven en dan weet je dus welke kaas van welke koe komt.

Misschien heb je je afgevraagd hoe je de naam "Cwmglyn" uitspreekt? Ja, dat is een leuk geval! Het komt niet vaak voor, maar de letter W kan in het Engels gebruikt worden als een klinker! De correcte uitspraak is Koem-glin. Wie in deze eigenaardigheid van de Engelse taal geïnteresseerd is, kan terecht op de website van Grammar Girl.

Toen we na dit intermezzo eindelijk Masterton bereikten, was het alweer etenstijd. We vonden een heel leuk eetcafé, Joxer Dalys Ale House in 7 Perry Street, waar we voor 42 Nieuwzeelandse dollar (inclusief drankjes) samen heerlijk gesteengrild hebben.
2009-01-23
Van Taupo naar Eketahuna

In feite is het Taupo-meer een enorme vulkaankrater, die is volgelopen met water. De meest recente zware uitbarsting was in het jaar 186. We weten de datum vrij nauwkeurig, omdat de Romeinen (Herodianus) en de Chinezen (Fan Ye) er verslag van hebben gedaan. Zo'n 100 kubieke kilometer materiaal werd de atmosfeer in geslingerd en op de hele aarde werd de hemel er rood door gekleurd. Deze uitbarsting was daarmee zes keer zo groot als die van de Krakatau in 1883. En omstreeks 26000 jaar geleden is er een uitbarsting geweest die nog eens zes keer zo groot was.
In elk geval wilde ik Taupo niet verlaten, zonder even een wandeling naar het meer gemaakt te hebben. Vandaag de dag ziet Lake Taupo er uit als een vriendelijk meer met mooi helder water, vooral bekend vanwege de mooie forellen die je er kunt vangen.De weg naar het zuiden vanuit Taupo is volgens mij één van de mooiste trajecten die je kunt rijden in Nieuw Zeeland. In het begin gaat de weg langs het meer en daarna door de woestijn. Geen zandwoestijn, maar een groot gebied waar niks anders groeit dan stekelige struikjes.
Ik baalde er wel een beetje van dat ik aan het stuur zat, want we kregen tijdens het rijden voortdurend landschappen te zien die ik heel graag gefotografeerd zou hebben. Zo heb ik een hoop kansen gemist om mooie doorkijkjes op Lake Taupo vast te leggen.Toen we bij het meer vandaan gingen en de "Desert Road" op gingen, werd het uitzicht zo heftig dat Julia zelf mijn fototoestel ter hand nam. Ze heeft een paar hele mooie plaatjes weten te schieten, zoals deze van Mount Ruapehu en Mount Ngauruhoe. En ze klaagde nog wel over haar gebrek aan ervaring met het gebruik van deze camera!

We hoefden vandaag geen grote afstand af te leggen. Het grootste obstakel op onze weg was de "gorge": Een smalle doorgang in het gebergte. De weg is er tamelijk smal en kronkelig. Ik zat weer aan het stuur en kon er geen foto's van maken. Er waren ook nog werkzaamheden aan de weg (zoals bijna overal in Nieuw Zeeland), dus het was vrij moeizaam om er doorheen te komen. Maar we kwamen er!

Om drie uur kwamen we bij Tallie en Henk aan. Het was 14 jaar geleden dat we hun voor het laatst hadden gezien. Toch voelde het meteen vertrouwd. We hebben al die tijd regelmatig telefonisch contact gehad en we zijn over en weer op de hoogte van de belangrijke dingen die in ons leven zijn gebeurd.

Hun kleindochter Marina woont bij Henk en Tallie in. De laatste keer dat ik Marina had gezien, was ze een baby. Nu was ze een knappe jonge meid, bezig met haar opleiding en vol plannen voor de toekomst. En ze had er inmiddels twee zussen en een broer bij gekregen! Kate, Grant en Jenna. Die had ik dus nog nooit eerder ontmoet. Ze komen bij Henk en Tallie bijna dagelijks over de vloer, net als hun dochters, Jane en Julia.


We waren natuurlijk ook aangekomen in een stukje "Nederland": Delftsblauwe borden aan de muur en dat soort dingen. Met Tallie en Henk konden we Nederlands praten, maar de kleinkinderen verstaan daar geen woord van.
Er stond ons nog een verrassing te wachten: Het hotel in Eketahuna. Henk had voor ons een kamer gereserveerd in het "Commercial Hotel" in het dorp, op korte afstand van hun huis. De prijs voor een overnachting was daar 25 dollar. Maar het niveau van comfort was natuurlijk niet precies wat we tot nu toe hadden meegemaakt.

Een bed, een kastje en een was tafel met warm èn koud stromend water. Nee, geen mengkraan! Douche en toilet waren te vinden op de gang...

's Avonds zijn we nog even in het dorp gaan wandelen. Eketahuna ziet er een beetje triest uit: Er is geen werk, dus alle jonge mensen trekken weg. En dan sluiten ook de winkels. Eén vertrekkende winkelier had nog een noodkreet achtergelaten: "Closing down. Due to minimal support!!
Het "uitgaansleven" in Eketahuna bestaat uit de bar van ons hotel. Achter de bar staat Collin, de baas van het spul.
Labels: nz
2009-01-22
Van Russell naar Taupo

Nou vraag je je misschien af, hoe ik al om zeven uur in Taupo dacht te kunnen zijn. We hadden immers een heel moeizame ervaring met de heenreis naar Russell gehad? En van Russell naar Taupo is het nog een stuk verder dan naar Auckland! Maar ik had intussen een paar dingen geleerd. Eén van die dingen is, dat er een veerboot vaart tussen Okiato en Opua, zodat we niet die lange Russell Road terug hoefden te rijden.
En dat bleek inderdaad een groot verschil te maken. We schoten vandaag veel beter op, mede doordat we nu om de beurt reden. Er was geen tijd voor "historische stadjes", maar wel voor koffie en een lunch natuurlijk.
Kort voor Auckland wilde ik even stoppen bij dit bord. Jullie wisten vast nog niet, dat ik een eigen strand heb in Nieuw-Zeeland. Alleen de juiste spelling van mijn achternaam is voor de Nieuwzeelanders een probleem: Ze willen het altijd met dubbel-"L" schrijven, dus ook hier, bij "Snells Beach"...

Omstreeks half drie kwam Auckland weer in beeld. Maar dit keer moesten we er niet zijn, we moesten er langs! En natuurlijk kwamen we in de file terecht. Tja, ook in dat opzicht is Nieuw-Zeeland een modern en ontwikkeld land.
Toen we eindelijk in Taupo aankwamen, waren we behoorlijk moe. En Julia wilde zo snel mogelijk naar het toilet. Dus toen ze een wegwijzer zag naar een openbaar toilet, zette ik acuut de auto aan de kant. Het bleek nog 250 meter verderop te zijn en dat was eigenlijk te ver om te lopen... Maar dan heb je ook wat! We kwamen terecht bij de Taupose "SuperLoo", een toilet met een "gouden randje".Maar ik zag ook iets anders: Deze SuperLoo was gevestigd op de hoek van Tongariro Street en Heuheu Street, met andere woorden: We waren er al!
Na het toiletbezoek moesten we die 250 meter weer terug lopen en toen konden we met de auto naar het hotel. Om één minuut voor zeven parkeerde ik de auto voor de receptie. We hadden de planning gehaald!

Wij dachten dat die studio in Russell luxe was, maar in dit hotel was alles nog veel mooier. Alles was gloednieuw. Er was ook nog een barbeque, een jacuzzi, een DVD-speler en een achtertuintje, waar we heerlijk konden roken. Wat zonde dat we maar één nacht konden blijven...

En ook de barbecue en de magnetron hebben we niet gebruikt; we gingen weer lekker uit eten. Dit keer bij Thai Delight Restaurant in 19 Tamamutu Street, vlakbij het hotel. We aten een "Sirloin Gril" (gegrilde lendebiefstuk) en dronken er dit keer eens rode wijn bij: Een Torlesse Pinot Noir. De mensen aan het tafeltje naast ons bestelden meteen hetzelfde: "What they are having."

Labels: nz
2009-01-21
Paihia

Ik wilde graag naar het strand aan de andere kant van de landtong en naar Paihia aan de overkant van de baai.
De weg naar het strand was maar twee kilometer en dat was een mooie gelegenheid voor Julia om ook eens achter het stuur te gaan zitten, want sinds we in Nieuw-Zeeland waren had ze nog niet gereden. Hier was weinig verkeersdrukte en het was maar een korte afstand, dus een ideaal gebied om te wennen!

Het strand was vlakbij, we waren er in tien minuten met de auto. En parkeren kon op vijf meter afstand van het zand. Dat is wel even anders dan in Nederland! We zijn er niet zo lang gebleven, onze witte winterhuid was vast en zeker niet bestand tegen al te veel Nieuwzeelandse zon. Trouwens, mijn hoofd jeukte al helemaal, want mijn hoofdhuid was gisteren op de boot best een beetje verbrand. Ik had een hoed nodig.
's Middags pakten we de veerboot naar Paihia. Ik was heel benieuwd hoe het er daar uit zou zien. Dit was de plaats waar ik in eerste instantie niet voor gekozen had en nu kwamen we er toch!Paihia bleek een stuk groter dan Russell. Er was een echt winkelcentrum en een hoop cafés en restaurants met terrasjes. Er was veel te zien in de winkels. Leuke kleding en volop hoeden! En de prijzen vielen ons erg mee. Zelfs in een toeristische plaats konden we met onze Euro's meer kopen dan in Nederland. We zochten ook een korte broek voor mij, maar die konden we niet echt vinden.
Toen we op het punt stonden om weer de boot terug te nemen, merkten we dat we toch wel honger hadden. En zo maakten we kennis met de Nieuwzeelandse manier om een "broodje gezond" te kopen. Achter de toonbank staan tientallen ingredienten uitgestald: Verschillende soorten broodjes, kaas, verschillende soorten sla, vleeswaren, augurken, Amsterdamse uitjes, komkommer, wortel, uiringen, lente-uitjes enzovoort enzovoort. Dus als je een broodje wilt, begin je met het soort brood te kiezen, daarna kies je alle dingen die je er op wilt hebben, hoeveel peper en zout er op wilt en tenslotte kies je nog één of meer sauzen. "Maar, maar, hoeveel mag ik er kiezen dan?" -- "Zoveel je maar wilt!"
Nou, dat is even wennen zeg! Bijna te veel om uit te kiezen en het gaat ook nog in een tempo waar je duizelig van wordt. Maar het levert wel heerlijke broodjes op!
Toen we thuis kwamen ging Julia weer slapen en ik ging weer naar het Internet-café. Ik wilde een planning voor de volgende dag maken, want we moesten nu wel zorgen om binnen twee dagen naar Eketahuna te komen en daar niet te laat in de middag aan te komen. En ik wilde ook niet in de volgende plaats aankomen zonder te weten waar we gingen overnachten, dat was in Russell niet zo'n fijne ervaring geweest. Google bood natuurlijk uitkomst en ik vond verschillende hotels in Taupo waarvan ik de gegevens en telefoonnummers noteerde. Ik had ook online kunnen boeken, maar ik zag het niet zitten om in een Internet-café mijn creditcard-gegevens in te voeren; je weet nooit of dat wel veilig is.
Opnieuw "thuis" gekomen besprak ik het reisplan met Julia en reserveerde telefonisch een kamer bij Alpine Lodge Motel, 141 Heuheu Street in Taupo. We zouden om zeven uur 's avonds aankomen, beloofde ik.
Restte ons nog om de koffers in te pakken en een laatste keer te dineren in Russell. We wandelden opnieuw langs "The Strand", op zoek naar een lekker warm plekje op een terras, zodat we onbezorgd zouden kunnen roken tussen de gangen door. Zo kwamen we terecht bij Sally's Restaurant en dat was echt toppie! Wat mij betreft was dit het beste restaurant in Russell.Ook hier kozen we de "Vis van de Dag" en een mooie fles witte wijn. De sfeer op dit terras was opvallend ontspannen, je kon gewoon merken dat de mensen hier echt plezier in hun werk hadden. De serveerster maakte ook nog deze leuke foto van ons.
Toen we ook nog een dessert en een koffie op hadden, begon de zon aan kracht te verliezen. We liepen langs The Strand terug naar huis en hadden een prachtig zicht op de zakkende zon. Ik besloot dat ik een fotoreportage van de zonsondergang wilde gaan maken: Elke drie minuten een foto, steeds vanaf dezelfde plek.
Dat was leuk om te doen en ook heel ontspannend. Het leek wel een meditatie. Ik zat rustig op een bankje, terwijl om me heen Russell zich voorbereidde op de nacht. Normaal gesproken ben ik altijd wel met iets bezig, of op weg ergens naartoe, nu was dat niet zo. Ik had alle tijd om de omgeving op me te laten inwerken.
Verderop zat een groepje mensen te praten, op een gegeven moment kwam er een groep spelende kinderen langs en langzaam werd het donkerder. Met het blote oog zag je dat niet eens zo goed, maar de camera koos steeds langere sluitertijden voor dezelfde opname.
Labels: nz
2009-01-20
Zwemmen met de Dolfijnen

Twee keer per dag vertrekt er een boot uit Paihia, die in Russell nog even stopt om wat passagiers op te pikken en dan de baai in vaart, op zoek naar dolfijnen! Het was een heel eindje varen om ze te vinden, maar gelukkig heeft deze rederij verschillende boten varen die elkaar op de hoogte houden. Blijkbaar was onze kapitein gewaarschuwd door een collega, want na een uurtje varen zagen we een boot in dezelfde kleuren en... De eerste rugvin! We hadden ze gevonden!

Het valt helemaal niet mee om foto's van dolfijnen te maken, want die beesten zwemmen de hele tijd onder water. Alleen soms maken ze een mooie sprong. Dan probeer je zo snel mogelijk je camera te richten, je stelt scherp en... Je maakt een foto van de plons waarmee hij weer terug in het water valt! Je moet echt vreselijk vlug zijn om ze op je plaatje te krijgen. En als het dan toch lukt, is het des te leuker natuurlijk.

Nou is zwemmen in het zwembad één ding, maar zwemmen in volle zee is nog wel wat anders. Het was ons aangeraden om alleen te gaan zwemmen als we ervaren zwemmers waren. Julia zag het al helemaal niet zitten om te gaan zwemmen, maar ik wilde wel. Van de veertig mensen aan boord waren er tien die het wel wilden proberen.
Maar er zijn regels waar men zich aan te houden heeft en één van die regels is, dat er niet gezwommen mag wordt als er baby-dolfijnen in de groep zijn. En die waren er. Nee het was geen smoesje, ik heb er zelf een gezien...
Een tijdje later kwamen we weer bij een groep dolfijnen. Inmiddels was de zon gaan schijnen, dus nu konden we ze ook beter zien als ze onder water zwommen.

Mochten we dan nu alsnog het water in? Nee, ook bij deze groep was een baby gesignaleerd. Dus nee, het mocht weer niet. Verderop zagen we iemand die wel ging zwemmen. Maar ja, zei onze kapitein, dat hij zich niet aan de regels houdt, wil nog niet zeggen, dat wij dat ook niet hoeven te doen. Je kon zien dat de dolfijnen het leuk vonden: Er kwamen er meteen een stel naar hem toe om kennis te maken.
Ik was niet de enige die fotografeerde aan boord, er was ook een professionele fotografe aanwezig. Die maakte natuurlijk plaatjes van alle opvarenden, die we vervolgens mochten kopen. Zo staan Julia en ik ook eens samen op de foto.

Het was een vermoeiende dag geweest, Julia viel dan ook op de terugweg in slaap. En ook toen we weer terug waren in onze studio had ze nog slaap. Zij ging dus een middagdutje doen en ik ging intussen naar de Internet-café om mijn email te checken.
Maar na het middagdutje kon Julia er weer helemaal tegen, dus we gingen op zoek naar een restaurant. In Russell liggen de meeste restaurants langs het water, aan de boulevard zou je zeggen, als het een verharde weg was. In elk geval heet het "The Strand", net als de mooie boulevards in grotere steden. Vanavond aten we bij Kamakura op nummer 29, een restaurant dat er behoorlijk modern uit zag. Bijna elk restaurant heeft, naast de gerechten op de kaart ook een "vangst van de dag". Dat is meestal een vis, die ze juist vandaag op de kop hebben kunnen tikken. Je weet immers maar nooit wat er in de netten zwemt. Vandaag was het een "bluenose". Toen de serveerster ons dat vertelde, keek Julia hulpzoekend mijn kant op, alsof ze wilde zeggen: "Wat is een bluenose?" Tja, ehhhh.... Een vis, denk ik! Sommige dingen kun je niet vertalen.
Julia is behoorlijk "zelfredzaam" in een Engelstalig land. Heel anders dan in Griekenland of in Tsjechië. Gelukkig maar, het is veel fijner als ik niet alles hoef te vertalen. En vaak is het ook geen kwestie van vertalen, maar alleen helpen met de uitspraak. Ik vind dat de mensen in Nieuw-Zeeland erg "plat" praten. Volgens Julia is dat niet plat; ze praten gewoon "Nieuwzeelands"...Hmmm... Volgens mij proberen ze Engels te praten, maar het komt wat moeilijk hun keel uit. Als ze "wit" zeggen, bedoelen ze "wet", zeggen ze "git" dan bedoelen ze "get" en als ze "six" zeggen... Dan heb ik ook moeite om te begrijpen waar ze het over hebben.
We bekeken de gerechten op het menu, maar eigenlijk hadden we wel zin in die "vis van de dag", dus ik bestelde een mooie fles witte wijn, twee salades en tweemaal de "rednose"... Oeps! Foutje! Nee, een "rednose" is waarschijnlijk een rendier, ik bedoelde natuurlijk de "bluenose". Het kostte wat moeite om die vergissing uit te leggen aan de serveerster.
Als je een fles wijn bestelt, mag je hem eerst proeven, maar zover kwam het niet eens: Er werd een heel andere wijn gebracht dan ik besteld had! Die kon dus ongeopend terug naar de keuken. Dat heb ik nog nooit eerder meegemaakt, ik had toch heel duidelijk gezegd wat ik hebben wilde. Blijkbaar vond de serveerster dat het nu haar beurt was, om zich te vergissen. Ze was al snel terug met de juiste wijn en die was echt heerlijk.
We hebben lekker gegeten en zelfs nog een nagerecht genomen. En toch was het allemaal nèt niet wat het zijn moest. De dressing van de salade was bijvoorbeeld een beetje aan de zure kant en zo waren er meer dingen die goed bedoeld waren, maar toch niet wat het zou kunnen zijn. Ach, misschien was het gewoon zo'n dag waarop dingen mis gaan. Toch had ik deze dag niet graag willen missen!
Labels: nz
2009-01-19
Van Auckland naar Russell
In het begin ging het heel goed. Nadat we hadden ingepakt en uitgecheckt, namen we de snelweg SH1 in noordelijke richting. Maar snelwegen zijn zeldzaam in Nieuw Zeeland. Al snel ging de snelweg over in een tweebaansweg. In Nederland zouden we het een provinciale weg noemen, met een maximumsnelheid van 80 km per uur. In Nieuw Zeeland mag je er 100 rijden, dus dat schoot nog lekker op.
Onderweg zaten we een wegwijzer naar een historisch stadje, dus die weg draaiden we maar eens in en we kwamen terecht in Puhoi. Historisch? Ja, de geschiedenis van het dorp gaat terug tot 1863. Op 29 juni 1863 vestigde een aantal Tsjechen zich hier in het niemandsland en bouwde er een bestaan op. Je vraagt je af, waarom ze juist hier naartoe gingen, een echte wereldstad is Puhoi nooit geworden. Toch is er een bibliotheek, (natuurlijk) een kerk en een mosterdfabriek. Ik heb er wat leuke foto's gemaakt:

De "General store" en de bibliotheek.


In de kroeg en in de antiekwinkel zagen we allelei opmerkelijke zaken. En buiten de antiekwinkel stond een antieke bus, die blijkbaar tot camper was omgebouwd, met een geinige bumpersticker op het raam...

Tot zo ver Puhoi, we moesten weer verder!
Maar hoe noordelijker we kwamen, hoe lastiger het werd. Vooral toen we van de State Highway moesten afbuigen naar de "Russell Road". Je denkt dan, dat je er bijna bent, maar die Russell Road is erg lang en bochtig. De snelheid was er helemaal uit en we reden door haarspeldbochten langs de kust. Het was een hele mooie rit, met adembenemende uitzichten. We kwamen langs allemaal verschillende kleine baaien met en zonder zandstandjes. Maar de tijd begon wel erg op te schieten!
Het werd al een beetje donker toen we in Russell aankwamen. En dat was toch wel even schrikken: Er was geen boulevard met tientallen grote hotels, eigenlijk zag ik maar één hotel, en dat zat vol... Een Bed&Breakfast dan misschien? Nergens te vinden... Het VVV-kantoor? Allang gesloten... Julia informeerde bij een souvenirwinkel naar de mogelijkheden. Ja, die wisten nog wel een adresje waar kamers verhuurd werden. Dus wij er op af. Er was niemand te bekennen, maar er hing wel een telefoon, waarmee je de eigenaars kon bereiken. Nee, ook zij zaten vol, ze wisten nog wel een ander adres, de Hananui Lodge zouden we kunnen proberen, in de York Street.
Daar werden we vriendelijk ontvangen. Maar een kamer? Nee, ze hadden alleen nog een luxe studio, voor NZ$ 220 per nacht. 220? Dat klinkt behoorlijk duur! Toch wilde ik het doen en ik herinnerde Julia er aan, dat dat neerkwam op 90 Euro. Dat zou je in Nederland ook betalen voor een hotelkamer. De eigenaar liet ons de studio zien en we waren echt onder de indruk.

Vooruit dan maar, we besloten het te huren voor twee nachten. Nu waren we gelukkig niet meer dakloos! Het was bovendien niet alleen groot en van alle gemakken voorzien, we hadden ook nog uitzicht op de baai!

Labels: nz
2009-01-18
dine by Peter Gordon

Deze laatste avond in Auckland wilde ik Julia eens echt verrassen met een uitgelezen restaurant. Mijn keuze was in de "Yellow pages" gevallen op "dine by Peter Gordon". Ik weet niet precies waarom, maar ik voelde gewoon aan dat dat een toprestaurant was.
Ik had telefonisch gereserveerd en we gingen een kwartier voor de afgesproken tijd op pad naar 90 Federal Street. Volgens mijn kaart zou het vlak bij het hotel moeten zijn, maar dat leek toch tegen te vallen. De Federal Street hadden we al snel gevonden, maar nummer 90?? Dat was nergens te bekennen! Zo raakten we toch aan het dwalen, maar we kwamen wel telkens in dezelfde straat terecht, want daar moest het gewoon zijn!
Nummer 88 zagen we wel, dat zag er uit als een groot hotel en bij de ingang stond een statige portier. Misschien wist hij waar nummer 90 was? Hij bleek net zo statig te praten als hij er uit zag, in het zuiverste Britse Engels dat ik in heel Nieuw Zeeland gehoord heb: "Dine by Peter Gordon? Yes, madam, that is in here. You just proceed into the lobby and walk right to the end. And there it will reveil itself before your very eyes." Wat een prachtig taalgebruik! We waren er dus al: Het was hier in de lobby gevestigd.

En het bleek dat ik goed geraden had: Peter Gordon is een internationaal beroemde kok en dit restaurant heeft al verschillende prijzen in de wacht gesleept. We werden in stijl ontvangen en bediend. Ik schatte in dat dit een duur etentje zou worden, maar dat hadden we ook wel eens verdiend!
Als voorgerecht koos Julia de "Warm sautéed Zany Zeus haloumi salad with fennel, shichimi spiced pine nuts, marinated zucchini, honey-comb, lemon, rocket and plantain crisps." en ik nam de "Ras el Hanout crusted baby squid on beetroot, orange, quinoa and hazelnut salad with garlic lemon yoghurt" en als hoofdgerecht namen we allebei de "Roast Cambridge duck breast on soft smoked polenta, cumin roast baby carrots and rainbow chard with truffled olive, radicchio and chestnut salad." en we dronken er een fles "Craggy Range 'Kidnappers' Chardonnay, Hawkes Bay 2007" bij. Het is een hele mond vol, maar dat is ook de bedoeling natuurlijk.
Daarna wilden we ons favorite nagerecht: Een French Coffee, maar dat kenden ze niet. Ik legde uit, hoe je dat moet bereiden en ze gingen aan de slag, maar jammer genoeg voldeed het resultaat toch niet aan onze verwachtingen: Mijn recept was wel goed gevolgd, maar er was gewoon veel te slappe koffie gebruikt. Dat is jammer, maar misschien had ik dat er bij moeten zeggen. Ze zaten er een beetje mee in hun maag en ze wilden ook beslist niet, dat we voor de koffie betaalden.
Zo kwam de totale rekening uit op bijna 200 Nieuwzeelandse dollar en dat is voor plaatselijke begrippen inderdaad erg duur: We hebben de rest van de vakantie niet meer zo'n hoge rekening gehad in een restaurant. En toch... Als je het omrekent, kom je uit op 80 Euro. Nou daar kun je in Nederland echt niet met zijn tweeën voor gaan eten in een toprestaurant!
Labels: nz
2009-01-17
Auckland

Toen werd het toch echt tijd om weer naar het hotel te gaan, waar we de vakantie officieel inluidden met een glaasje Grand Marnier! "Kia Ora!" (Gezondheid!)De volgende ochtend begonnen we met een uitgebreid Engels ontbijt en daarna gingen we maar eens wandelen in de stad. Op een gegeven moment zei Julia: "Kijk nou eens, een dinosaurus!" En inderdaad: De aotea moa (dinomithiformes) is een vogel, maar het is een rechtstreekse afstammeling van de dinosaurus. Ze waren miljoenen jaren lang het grootste landdier in Nieuw Zeeland, totdat ze zo'n 200 jaar geleden uitgeroeid werden.
Er waren 11 soorten, waarvan dit de grootste (dinornis gigantues) is. Deze kon drie meter hoog worden, woog 250 kilo en legde eieren van 20 cm doorsnee. Dit standbeeld is dus op ware grootte!

We kwamen in het park terecht en daar zie je meteen dat je in het buitenland bent. Kijk maar eens naar die palmbomen. Maar er waren nog meer bijzondere bomen in dit park, met hele vreemde wortels. Waren dit nou mangrove-bomen? Ik weet het niet, ik dacht dat die alleen in moerassen groeiden...

Die avond hebben we het rustig aan gedaan. We waren nog moe van de reis en we hadden alweer de hele dag door de stad gelopen. We zijn dus geen restaurant gaan zoeken, maar we hebben lekker rustig in ons eigen hotel gegeten.
Labels: nz
2009-01-16
Van Los Angeles naar Auckland
Van Los Angeles naar Auckland is nog verder dan van London naar Los Angeles: Meer dan 10000 km. Deze reis zou dus ook langer gaan duren: Ongeveer 12 uur. Ik kan er slecht tegen om zo lang opgesloten te zitten, maar het vooruitzicht van een lange vakantie in Nieuw Zeeland maakt natuurlijk veel goed. Julia kan er veel beter mee omgaan dan ik. Ze sliep veel en ze las. Ik had ook een boek bij me: "De Hobbit" van JRR Tolkien. Toevallig blijkt er een belangrijk verband te bestaan tussen Tolkien en Nieuw Zeeland, maar daar kom ik nog wel op terug.
Ik kan in een vliegtuig niet slapen. En mijn boek heb ik nog even bewaard. Ik maakte liever van de gelegenheid gebruik om een luisterboek op het in-flight information system te bestuderen: "Good to Great: Why Some Companies Make the Leap... and Others Don't
Oplettende lezertjes vragen zich misschien af, wat ik op 15 januari heb gedaan...Tja, 15 januari heb ik dit jaar helemaal niet meegemaakt! Dat komt vast, doordat we over de datumgrens heen gevlogen zijn. Dan gebeuren er rare dingen met de tijd en de datum. Maar 14 en 16 januari waren voor mij extra lange dagen, dat maakt het dan weer goed. Wat was ik blij toen eindelijk de zon weer op kwam!
Uiteindelijk kwam zelfs aan deze reis een einde en we mochten uitstappen. Ook hier waren wat formaliteiten af te handelen bij de immigratiedienst, maar dat is logisch: Ze willen natuurlijk wel weten wie er het land binnenkomt.
De volgende stap is dan het ophalen van je koffers bij de lopende band. En... je raadt het al: Onze koffer was er niet bij! Dus we moesten naar een loket om de vermissing van onze koffer aan te melden. We werden daar heel netjes te woord gestaan en we kregen zelfs een noodpakket mee met een tandenborstel, zeep, een schoon T-shirt en nog wat van die spullen die je mist als je zonder koffer zit. De koffer zou ons achterna gestuurd worden in ons hotel. Geweldige service!
Nu waren we eindelijk weer vrij om te gaan en te staan waar we wilden. Natuurlijk gingen we als eerste naar de desk van Hertz om de sleutels van onze huurauto op te pikken en het navigatiesysteem. We zijn in Nederland zó verslaafd geraakt aan het gebruik van onze navigatiesystemen, Rudy en Kitty, dat we in de vakantie beslist niet zonder wilden zitten! We gaven dit systeem de naam Trudy...
We gingen eerst maar eens op zoek naar ons hotel: Rendezvous Hotel in het centrum van Auckland, op de hoek van Mayoral Drive en Vincent Street. Zelfs met de hulp van Trudy bleek dat nog niet zo eenvoudig. Het valt allemaal niet mee als je opeens aan de linkerkant van de weg moet rijden in een drukke stad met een navigatiesysteem dat je nog niet kent. Op een gegeven moment hebben we de auto maar ergens aan de kant gezet en we zijn te voet gaan zoeken in de buurt. Julia had het al snel gevonden en toen was het leed geleden. We bleken een vorstelijke kamer te hebben met een enorme badkamer.
Ik was inmiddels bijna 48 uur in touw zonder een minuutje slaap en Julia was ook knap moe. Ik ben dus eerst maar eens in het bad gaan liggen en daarna doodmoe in bed gerold.
Tegen de avond werden we weer wakker en toen zaten we vol energie natuurlijk. Voor ons lichaam was het eigenlijk ochtend... We zijn de stad in gegaan en we waren verbaasd dat alle winkels dicht waren. Tja, geen wonder: Het liep al tegen middernacht.
Ook voor de meeste restaurants was het al te laat om nog een maaltijd te serveren. We vonden een soort Turkse snackbar waar we nog een portie falafels konden krijgen... Bereid van Halal-vlees!
Labels: nz
2009-01-14
Van Eindhoven naar Los Angeles
Dus om zes uur stonden we klaar. Maar er kwam geen taxi! Om vijf over zes nam ik nog maar eens een cigaretje. Jarenlange ervaring heeft me geleerd, dat meestal de bus er aan komt, zodra je een cigaret hebt opgestoken. Maar dit keer hielp het niet. Zelfs toen Julia ook een cigaret opstak, kwam er nog geen taxi de hoek om. Zou onze reis nú al in de soep lopen? Dan maar eens bellen met de "Eindhovense Taxicentrale"... Julia kreeg dezelfde man aan de lijn met wie ze gisteren gesproken had, maar hij deed net alsof hij van niks wist. Nee, er was geen taxi voor ons in aantocht. Trouwens, op dit tijdstip reed hij sowieso niet. Dan moesten we bij Cibatax zijn, zei hij. Dus Julia belde Cibatax en toen kwam het snel voor elkaar. We waren mooi op tijd op het station in Eindhoven.
Eenmaal in de trein konden we ons ontspannen: Wij hadden al het nodige gedaan, nu alleen nog een paar keer overstappen en we zouden vanzelf in Auckland aankomen. Julia begon prompt te lezen in haar eerste boek.Inchecken op Schiphol ging vlot en gemakkelijk. En ook de douanecontrole leverde geen problemen op. Het is heerlijk dat al mijn gegevens nu gewoon weer met elkaar kloppen: Ik sta gewoon als vrouw geregistreerd in mijn paspoort in op mijn ticket. Voor ieder ander is dat vanzelfsprekend, maar ik heb jarenlang moeten rondlopen met reisdocumenten waar nog mijn oude naam op stond.
En toen was het tijd om te shoppen natuurlijk. Het is vaste prik om even de maximaal toegestane hoeveelheid drank en cigaretten aan te schaffen. We kochten 700 ml Grand Marnier Rouge voor 24,00 Euro en een slof Dunhill voor 30,25 Euro. Tja, dat is een hoop geld, maar toch zowat de helft van wat je gewoonlijk betaalt.
Drank is een vloeistof en die mag je eigenlijk niet meer meenemen in een vliegtuig, maar de flessen worden bij de tax free shop keurig ingepakt in verzegelde tassen en dan mag het weer wel.
Over cigaretten gesproken... Is er nog steeds een rookruimte op Schiphol? Jazeker! Hij is wat lastig te vinden, maar een barman wees ons de weg in onvervalst Amsterdams. Je begrijpt dat die rookruimte erg in trek is bij de passagiers. We stonden er dan ook als haringen in een ton en de lucht was er te snijden: Eigenlijk hoefde je zelf niet eens op te steken om aan je dosis nicotine te komen.
Toen waren we klaar en wat ons betreft mocht het vliegtuig wel gaan vertrekken, maar de vlucht werd telkens uitgesteld. Urenlang moesten we wachten en we hadden dus helemaal niet zo vroeg op hoeven te staan. De eerste etappe ging naar London Heathrow en we hoorden dat ze daar grote problemen hadden met mist. De KLM bood ons keurig consumptiebonnen en een telefoonkaart aan om de tijd mee door te komen, dus wij gingen maar terug naar onze Amsterdamse vriend achter de bar. Koffie hadden we al gehad, dus nu wilde Julia een witbiertje! "Je had 't kenne weejte", grapte de barman: "Juul wil drank, dat sie je so..." Het was of ik in een aflevering van 't Vrije Schaep terechtgekomen was, de sfeer was heel ontspannen en gemoedelijk. Na enige aarzeling nam ik zelf ook maar een witbiertje. Reken er maar niet op, dat dat in Nieuw Zeeland verkrijgbaar is!Eindelijk ging onze vlucht KL1009 dan toch vertrekken. Een Boeing 737 van de KLM bracht ons binnen anderhalf uur naar Heathrow. En het is maar goed ook, dat dat zo snel ging, want alle speling in het reisschema die we in London hadden om over te stappen, was al opgebruikt!
Ze zeggen dat Heathrow helemaal vernieuwd is, maar we merkten daar weinig van. Net als vroeger moesten we een grote afstand afleggen om van het ene vliegtuig naar het andere te komen. We moesten zelfs met een bus van de ene terminal naar de andere reizen en we moesten grote afstanden lopen. De klok tikte intussen door: Op de borden stond dat men op het punt stond om de gate voor onze volgende vlucht te sluiten. We liepen gewoon maar stevig door: Misschien konden we nog op tijd zijn?
Ik begon me ook al zorgen te maken over onze koffer: Zou die net zo snel kunnen overstappen als wij zelf? Terwijl wij aan het hollen waren zag ik in mijn fantasie onze koffer meerennen...
Maar we kwamen op tijd, we konden nog net aansluiten in de rij bij de security check. We moesten dit keer zelfs onze schoenen uittrekken. Daar had ik helemaal geen zin in! Ik zei dat er geen metaal in zat, maar dat hielp niks. Nou, geef ze dan hun zin maar weer. "Whatever you want" [Wat je maar wilt], zei ik zuchtend, terwijl ik mijn schoenen op de lopend band kwakte bij de handbagage.
Natuurlijk werd er bij de security check niks gevonden. We waren niet van plan het vliegtuig op te blazen en de andere passagiers ook niet. Maar onze koffer, was die nu ook aan boord? "I very much doubt it" [Ik betwijfel het sterk], zei de grondstewardess. Tja, ik ook, we zouden het wel merken in Auckland.
Deze tweede etappe legden we af in een Boeing 777 van New Zealand Airways. Het is bijna 9000 kilometer van Amsterdan naar Los Angeles, dus je zit er ruim tien uur in en dat is echt niet leuk! Gelukkig zit er in de Boeing 777 voor elke passagier een interactief beeldscherm waarop je, naast informatie over de vlucht allerlei video- en audio programma's kunt bekijken en beluisteren.Eindelijk, eindelijk kwamen we dan aan in Los Angeles. Het was inmiddels bijna acht uur 'savonds plaatselijke tijd, maar voor ons waren er sinds we waren opgestaan al zo'n 24 uur verstreken. Maar de Amerikanen hadden nog iets "leuks" voor ons in petto: We moesten allemaal uitstappen en in de rij gaan staan voor de Amerikaanse immigratiedienst.
Maar... maar... We willen de USA toch helemaal niet in?? We willen zo snel mogelijk weer weg! Dat maakt niks uit. We moesten toch het bekende, groene I-94W-formulier invullen. En iedereen moest zijn vingerafdrukken afgeven en een foto van zijn irissen laten maken! Ik vraag me af, of dat juridisch allemaal wel kan, maar wat kun je er tegen doen? We hadden geen advocaat gespecialiseerd in internationaal recht bij ons, dus er zat niks anders op dan ons braaf te laten meevoeren als een kudde schapen en aan de hele heisa mee te doen.Het ging allemaal op typisch Amerikaanse manier in zijn werk, met veel stempels en gewichtigheid en uiteindelijk kwamen we gewoon weer in hetzelfde vliegtuig terecht waar we mee gekomen waren. Vanzelfsprekend was er geen rookruimte beschikbaar...
Labels: nz
2009-01-13
Pas op, kiwi's!
Morgen, 14 januari 2009, staan we om vijf uur op en gaat het avontuur beginnen...
Labels: nz

English
Nederlands


© 1985-2006 E.G. Snel