(De
Swaen, 30/1/2005)
Cantate 72, geschreven voor zondag 27
januari 1726, volgt op de voet de
evangelietekst voor deze derde zondag na Epiphanie (Driekoningen),
Mattheus
8:1-13, waarin een melaatse Jezus vraagt 'Heer, als gij het wilt kunt
gij
mij genezen' waarop Jezus zijn hand uitstrekt en zegt 'Ik wil het,
wordt
rein'. Het zal dus gaan over Gods almacht, en de titel (en eerste zin)
van de cantate luidt dan ook
Alles
nur nach Gottes Willen.
In het openingskoor
(1) ligt
het accent op het woordje
Alles:
dat wordt
in vrijwel elke maat uitgedrukt met de oktaafsprong in de bassen
(celli,
fagot, contrabas, bas-zanger): het oktaaf representeert immers het
tonale
universum, het omvat alle mogelijke tonen. En het koor onderstreept dat
met een opeenstapeling van snelle zestiende nootjes: meer kan echt
niet.
Het middendeel
Gottes Willen soll
mich stillen wordt, met een verstilde
begeleiding canonisch gezongen. Dit koor stond model voor het Gloria
uit
de Mis in g die u hier op 29 mei zult horen; Bach schrapt dan de
instrumentale
inleiding.
Ingebed in het recitatief
(2)
van de alt ligt een arioso waarin Gods
almacht breed wordt uitgemeten door een, als in een litanie, maar
liefst
negenvoudige herhaling van de 'tekst-van-de-dag'
Herr, so du willt. Zonder
onderbreking volgt hierop de alt-aria
(3), waarin de alt direct de
volledige
tekst eenmaal zingt, nog voordat de gebruikelijke instrumentale
inleiding
(ritornel) heeft geklonken: een onverwacht snelle overgang,
waarschijnlijk
omdat Bach meende dat het
'dies Wort'
uit de laatste recitatief-zin betrekking
had op de daarop volgende (ipv voorafgaande) woorden. In het ritornel
concerteren
twee solo-violen fugatisch.
In het bas-recitatief
(4)
vervalt vervolgens de conditie (
'als')
uit
de hoofdtekst, de Heer zegt nu ongeclausuleerd 'Ik wil het' en dat
vormt
de basis voor de opgewekte zekerheid van de laatste aria
(5, voor de
sopraan,
hobo en strijkers)
Mein Jesus will
es tun; wanneer het afsluitende instrumentale
ritornel al voorbij is scandeert de sopraan nog maar eens ten
overvloede
deze tekst waar haar hart vol van is.
De tekst van het slot-koraal
(6)
Was
mein Gott will, das g'scheh allzeit
past natuurlijk uitstekend bij de evangelie-tekst van deze dag; Bach
baseerde
dan ook precies een jaar eerder een gehele cantate op dit koraal. Tekst
en melodie kunnen u bekend voorkomen, te weten uit de
Matthäus-Passion
(nr.25); maar vergis u niet: ook al zijn tekst en melodie dezelfde,
Bachs
harmoniseringen zijn altijd weer anders.
