| 1) |
De Stichting Internet Domein Registratie Nederland (SIDN) moet haar reglement zo snel mogelijk aanpassen om domeinhandel uit te sluiten. |
| 2) |
Een domeinnaam moet altijd in eigendom zijn van de werkelijke gebruiker. Het verhuren, leasen of anderszins gratis of tegen betaling ter beschikking stellen van een domeinnaam aan derden moet verboden worden. Formeel moet de gebruiker altijd als administrative contact vermeld staan in de database van SIDN. |
| 3) |
De SIDN moet werken volgens de UDRP, de Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy, die duidelijke richtlijnen aangeeft om geschillen op te lossen bij domeinnamen die eindigen op .com, .net en .org. |
| 4) |
Conform de Benelux merkenwet en de bestaande handelsnaamwet moet SIDN in haar reglement expliciet verbieden om domeinnamen te registreren met het oogmerk om een ander bedrijf schade te berokkenen, klanten te misleiden of anderszins verwarring te stichten met bestaande bedrijven, instellingen of organisaties. |
| 5) |
SIDN moet zich inzetten om het registreren van domeinnamen met het oogmerk van woekerwinst ook bij wet te laten verbieden, op vergelijkbare wijze als de Anticybersquatting Protection Act in de Verenigde Staten. |
| 6) |
De huidige vrijwaringsverklaring volstaat niet. In het nieuwe reglement moet expliciet vermeld worden dat domeinnamen niet te kwader trouw geregistreerd mogen worden, ongeacht of het om merken, handelsnamen of instellingen, organisaties of personen gaat. |
| 7) |
Domeinnamen die te kwader trouw of anderszins met fout oogmerk worden geregistreerd, vervallen terug aan de Stichting, zonder recht op vergoeding. |
| 8) |
SIDN dient louche bedrijven bij voorbaat uit te sluiten van deelnemerschap aan de Stichting door een streng incassoregime. |
| 9) |
In het nieuwe reglement van de SIDN moet een ethische code worden opgenomen voor deelnemers. Ook dient SIDN extra beveiligingsmaatregelen te treffen om haar databestanden te beschermen. |
| 10) |
Het moet mogelijk zijn voor (natuurlijke) personen om een .nl domeinnaam aan te vragen, mits het verloopt via een nieuw op te richten, onafhankelijk registratie-bureau en niet via deelnemers aan de stichting. XS4ALL roept de overheid op om vanuit het Actieplan Electronische Snelweg een structurele financiële bijdrage te leveren aan dit nieuwe bureau. |
|
|
|
| 1) |
De Stichting Internet Domein Registratie Nederland (SIDN) moet haar reglement zo snel mogelijk aanpassen om domeinhandel uit te sluiten. |
|
Toelichting:
Sinds vorig jaar zijn er in Nederland enkele bedrijven actief die zoveel mogelijk domeinnamen registreren. Zij hopen deze namen met woekerwinst te kunnen doorverkopen aan de bedrijven, personen of instellingen die er feitelijk het meeste recht op hebben. Ondanks enkele rechtszaken van honderden gedupeerde merkhouders, blijven de domeinpiraten nieuwe namen registreren. XS4ALL is van mening dat domeinpiraterij structureel onmogelijk gemaakt moet worden en roept de Stichting op om haar reglement aan te passen, conform de hieronder genoemde aanbevelingen.
|
| 2) |
Een domeinnaam moet altijd in eigendom zijn van de werkelijke gebruiker. Het verhuren, leasen of anderszins gratis of tegen betaling ter beschikking stellen van een domeinnaam aan derden moet verboden worden. Formeel moet de gebruiker altijd als administrative contact vermeld staan in de database van SIDN. |
|
Toelichting:
De bescherming van domeinnamen is zowel onder Nederlandse als onder Amerikaanse jurisdictie in wezen beperkt tot het kapen van merk- en handelsnamen. Er bestaat vooralsnog geen afdoende bescherming tegen het (te kwader trouw) registreren van persoonsnamen, soortnamen, staatsrechtelijke namen (Prinsjesdag, de Tweede Kamer), plaatsnamen (Amsterdam) of misleidende namen. In de rechtspraak is het gebruik van bekende persoonsnamen in reclame-uitingen, zoals Mies Bouwman en Johan Cruyff, wel beschouwd als een onrechtmatige daad, maar het is de vraag of deze bescherming zich ook uitstrekt tot het (laten) registreren van andermans persoonsnaam als domein.
Zowel het huidige reglement als het concept nieuwe reglement van de Stichting Internet Domein Registratie Nederland (SIDN) bieden onvoldoende bescherming tegen de handel in domeinnamen. XS4ALL is van mening dat deze handel bij de wortel moet worden aangepakt, door de daadwerkelijke gebruikers van een domein altijd het eigendomsrecht te geven. Technisch kan hierin worden voorzien door in de database van de Stichting de gebruiker als administrative contact op te nemen, naast de technical contact (meestal de aanvrager). De administrative contact moet vervolgens in juridische zin beschermd worden als eigenaar van het domein en aanspreekpunt voor de SIDN. Dit is belangrijk om consumenten en bedrijven te beschermen tegen malafide handel in domeinnamen.
In het geval van persoonsnamen, soortnamen of misleidende namen leidt het ontbreken van regels tot schrijnende gevallen. Nu kunnen domeinpiraten op grote schaal namen van bekende Nederlanders registreren met het doel om deze tegen woekerprijzen te verkopen. Als de SIDN het verhuren, leasen of (al dan niet gratis) ter beschikking stellen van domeinnamen simpelweg verbiedt, kan aan deze praktijk een eenvoudig einde worden gemaakt. Deze maatregel voorkomt ook dat bedrijven die op dit moment op grote schaal zogenaamde 'gratis' domeinnamen aanbieden aan bedrijven en particulieren, in de toekomst wellicht geld gaan vragen voor behoud van de domeinnaam.
Dit laat onverlet dat het mogelijk moet zijn om een domein te goeder trouw (al dan niet tegen betaling) over te dragen aan een derde partij. Hiervoor moet een nieuwe procedure worden opgesteld, waarbij de potentiele nieuwe eigenaar van het domein moet voldoen aan het reglement van de SIDN en via een voorrangsregel eerste aanvrager kan worden van het vrijgekomen domein.
|
| 3) |
De SIDN moet werken volgens de UDRP, de Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy, die duidelijke richtlijnen aangeeft om geschillen op te lossen bij domeinnamen die eindigen op .com, .net en .org. |
|
Toelichting:
De UDRP, de Uniform Domain Name Dispute Resolution Policy, is een richtlijn die op 24 oktober 1999 door de ICANN is uitgevaardigd voor geschillen over zogenaamde top level domeinnamen. De ICANN (de Internet Corporation for Assigned Names and Numbers) is een particuliere (non-gouvernementele) non-profit organisatie die wereldwijde verantwoordelijkheid draagt voor het beheer en de omvang van het internet-adres systeem. De ICANN bepaalt daarnaast de randvoorwaarden voor alle internetprotocollen en het rootserver-mechanisme.
De UDRP geldt sinds 1 december 1999 voor de drie zogenaamde 'generic top level domains', dwz voor domeinnamen die eindigen op .com, .net en .org. De UDRP geldt in beginsel niet voor de nationale top level domeinnamen, maar nationale registrerende instanties kunnen de UDRP wel van toepassing verklaren. De UDRP is beperkt tot "cybersquatters" en wordt via contractuele weg door ICANN registratiekamers aan domeinnaam registranten opgelegd. De SIDN zou ook een dergelijke ICANN-conforme registratiekamer moeten vormen. In de praktijk betekent dit de samenstelling in huis van een panel van tenminste 3 juristen die domeingeschillen binnen korte tijd en tegen redelijke kosten kunnen oplossen.
De UDRP procedure is beperkt tot geschillen waarin:
"[A] domain name is identical or confusingly similar to a trademark or service mark in which the complainant has rights, the domain name registrant has no rights or legitimate interests in respect to the domain, and the domain name has been registered and is being used in bad faith."
Voorbeelden van registraties te kwader trouw zijn:
registration of a domain name primarily for the purpose of selling, renting or otherwise transferring it to the owner of a similar trademark or service mark;
registration to disrupt the business of a competitor;
registration to use the domain name to intentionally attract for commercial gain Internet users to your website or other online location by creating a likelihood of confusion.
Degene die een domeinnaam registreert, zal daarbij een legitimate interest hebben indien de domeinnaamhouder (a) alvorens de arbitrageprocedure was gestart onder de domeinnaam te goeder trouw goederen en/of diensten aanbood, (b) algemeen bekend staat onder de betreffende domeinnaam (ook als hij geen merkrecht heeft) of (c) een (niet-commercieel) legitiem belang heeft bij de domeinnaam, zonder het oogmerk te hebben klanten weg te trekken van de merkhouder of afbreuk te doen aan het betreffende merk. Voorbeelden van een legitiem belang zijn: gebruik van het merk in journalistieke uitingen, in vergelijkende reclame en in advertenties. In de Verenigde Staten is daarnaast ook de parodie expliciet toegestaan.
De UDRP-procedure doet geen afbreuk aan de mogelijkheid van partijen de kwestie aan de rechter voor te leggen, die de UDRP-uitspraak dan ook terzijde kan schuiven.
|
| 4) |
Conform de Benelux merkenwet en de bestaande handelsnaamwet moet SIDN in haar reglement expliciet verbieden om domeinnamen te registreren met het oogmerk om een ander bedrijf schade te berokkenen, klanten te misleiden of anderszins verwarring te stichten met bestaande bedrijven, instellingen of organisaties. |
|
Toelichting:
Het merkenrecht vormt vooralsnog de manier bij uitstek om domeinkaping tegen te gaan. Logischerwijs kan hier alleen een beroep op worden gedaan indien men beschikt over een geldige merkinschrijving bij het Benelux Merkenbureau (BMB). Indien men zijn naam niet als merk heeft ingeschreven, kan nog een beroep worden gedaan op de Handelsnaamwet (Hnw). XS4ALL is van mening dat de SIDN deze spelregels moet integreren in haar nieuwe reglement.
Voor de vraag of domeinkaping merkinbreuk kan opleveren is artikel 13A BMW van belang.
Dit artikel bepaalt het volgende:
- Onverminderd de toepassing van het gemene recht betreffende de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad kan de merkhouder zich op grond van zijn uitsluitend recht verzetten tegen:
- elk gebruik, dat in het economisch verkeer van het merk wordt gemaakt voor de waren waarvoor het merk is ingeschreven;
- elk gebruik, dat in het economisch verkeer van het merk of een overeenstemmend teken wordt gemaakt voor de waren waarvoor het merk is ingeschreven of voor soortgelijke waren, indien daardoor de mogelijkheid bestaat dat bij het publiek een associatie wordt gewekt tussen het teken en het merk;
- elk gebruik, dat zonder geldige reden in het economisch verkeer van een binnen het Beneluxgebied bekend merk of een overeenstemmend teken wordt gemaakt voor waren, die niet soortgelijk zijn aan die waarvoor het merk is ingeschreven, indien door dat gebruik ongerechtvaardigd voordeel kan worden getrokken uit of afbreuk kan worden gedaan aan het onderscheidend vermogen of de reputatie van het merk;
- elk gebruik dat zonder geldige reden in het economisch verkeer van een merk of een overeenstemmend teken wordt gemaakt anders dan ter onderscheiding van waren, indien door dat gebruik ongerechtvaardigd voordeel kan worden getrokken uit of afbreuk kan worden gedaan aan het onderscheidend vermogen of de reputatie van het merk.
De vet gecursiveerde begrippen zijn sleutelbegrippen in deze bepaling, die dus mede bepalen wanneer er sprake van merkinbreuk is. Het tweede lid van artikel 13A geeft een aantal voorbeelden van gebruik van het merk:
- het aanbrengen van het teken op de waren of op hun verpakking;
het aanbieden, in de handel brengen of daartoe in voorraad hebben van waren onder het teken;
- het in- en uitvoeren van waren onder het teken;
- het gebruik van het teken in stukken voor zakelijk gebruik en in de reclame.
Het is de vraag of het (laten) registreren gebruik in de zin van de wet is. Zolang de domeinkaper niets met de domeinnaam doet, kan betoogd worden dat er geen sprake van gebruik is. In de rechtsgeleerde literatuur lopen de meningen hierover uiteen. In de lagere rechtspraak is dit betoog inmiddels in kort geding een aantal keer terzijde geschoven. Het is de vraag of deze uitspraken in hoger beroep of in een bodemprocedure in stand blijven. XS4ALL is van mening dat alle onduidelijkheid hierover uitgesloten dient te worden, en dat conform de Amerikaanse Anticybersquatting Protection Act het louter registreren van een domeinnaam met oogmerk van woekerwinst al verboden moet worden.
Onbetwist is dat er wel sprake van gebruik zal zijn indien een kaper het domein te koop aanbiedt. Bovendien zal dat gebruik dan plaatsvinden in het economisch verkeer. Daaronder wordt immers verstaan gebruik anders dan met een zuiver wetenschappelijk doel in het kader van een bedrijf, beroep of enige andere, niet in de particuliere sfeer verrichte activiteit waarmee economisch voordeel wordt beoogd.
Er zal sprake van overeenstemming zijn, indien bij het publiek verwarring kan ontstaan. Of daarvan sprake is dient beoordeeld te worden op de totaalindruk die door de merken wordt opgeroepen, waarbij rekening dient te worden gehouden met hun onderscheidende en dominerende bestanddelen. Er wordt doorgaans een onderscheid gemaakt tussen directe en indirecte verwarring, waarbij in het laatste geval het publiek meent dat de beweerdelijke inbreukmaker indirect iets te maken heeft met de merkhouder, bijvoorbeeld een dochteronderneming is.
Het begrip associatie stamt uit de tijd voor de Europese harmonisering van het merkenrecht. Het heeft stof gegeven tot felle discussies. Voordat de Benelux zich moest aanpassen aan de rest van Europa gold hier dat er reeds sprake van merkinbreuk was indien het publiek merk en teken met elkaar zou associëren. Je loopt bijvoorbeeld door de Albert Heijn en denkt: Dat is grappig, de verpakking van de Albert Heijn margarine lijkt op die van Blue Band. Geen verwarring dus, maar enkel associatie. Het Europees Hof van Justitie heeft in 1997 uitgemaakt dat enkel associatie niet voldoende is voor merkinbreuk.
Voor de vaststelling van soortgelijkheid tussen waren of diensten is beslissend in hoeverre het publiek de waren of diensten als naar hun aard commercieel, technisch of anderszins verwant met de waren of diensten van de merkhouder beschouwt.
Bekende merken genieten doorgaans meer bescherming dan niet-bekende merken. Wanneer daar sprake van is, zal door de rechter moeten worden bepaald. Aannemelijk is dat het moet gaan om merken die op behoorlijke schaal worden gebruikt; daarbij kan de mate waarin reclame voor de merken wordt gemaakt een rol spelen. Voorts is vereist dat door het gebruik hetzij ongerechtvaardigd voordeel wordt getrokken uit hetzij afbreuk wordt gedaan aan het onderscheidend vermogen of reputatie van het merk. Dat zal het geval zijn indien de aantrekkingskracht of het kooplustopwekkend vermogen van het merk door het gebruik wordt aangetast, alsmede verlies van exclusiviteit. Eveneens zal hieronder worden begrepen afbreuk aan de onderscheidende kracht of het op onbehoorlijke wijze profiteren van de bekendheid van het merk.
De merkgebruiker kan zich tegen de inbreuk verweren indien hij een geldige reden voor het gebruik heeft. Daarvan is niet snel sprake. Het gebruik van merken in advertenties kan bijvoorbeeld geldig zijn; mits de vermelding voldoet aan de strenge criteria van de Europese richtlijn vergelijkende reclame, die sinds 1 april 2000 in werking is getreden in Nederland.
Handelsnaamwet
Naast de Benelux Merkenwet kan ook een beroep worden gedaan op de Handelsnaamwet (Hnw), als men zijn naam niet als merk heeft ingeschreven. Merken gelden in het algemeen voor waren of diensten, terwijl handelsnamen de onderneming als geheel betreft.
Deze wet beoogt het gebruik in een of ander opzicht misleidende en verwarrende handelsnamen tegen te gaan. De bescherming die deze wet verleent is minder ruim dan de bescherming op grond van de BMW.
Artikel 3 Hnw biedt bescherming tegen misleiding omtrent de eigendom van de onderneming. Het belangrijkste artikel van de wet is echter artikel 5, op grond waarvan het verboden is verwarringwekkende handelsnamen te voeren. Er zal sprake van verwarring zijn indien een handelsnaam wordt gevoerd die al door een ander wordt gebruikt. Criteria voor verwarring is: de geringe mate van afwijking in verband met de aard van de ondernemingen en de plaats waar deze gevestigd zijn. Verwarring wordt in de rechtspraak ruim opgevat: zowel directe als indirecte verwarring vallen er onder. De verwarring hoeft niet gebleken te zijn; voldoende is dat deze te duchten is.
|
| 5) |
SIDN moet zich inzetten om het registreren van domeinnamen met het oogmerk van woekerwinst ook bij wet te laten verbieden, op vergelijkbare wijze als de Anticybersquatting Protection Act in de Verenigde Staten. |
|
Toelichting:
In de Verenigde Staten werd op 29 november 1999 de Anticybersquatting Protection Act (ACPA), van kracht. Deze wet is vooral in Europa sterk bekritiseerd. Immers, de Verenigde Staten kennen zich via deze wet extra-territoriale (in feite wereldwijde) rechtsbevoegdheden toe op het gebied van domeingeschillen. XS4ALL is van mening dat de wet op zich een sterk handvat biedt tegen domeinkaping, en dat het noodzakelijk is dat deze wet ook omgekeerde geldigheid krijgt, en in het Nederlandse (en Europese) rechtstelsel wordt ingebed.
Van cybersquatting is sprake op het moment dat
"[I]ndividuals [are] seeking extortionate profits by reserving Internet domain names that are similar or identical to trademarked names with no intention of using the names in commerce themselves." (H.R. Rep. 1999, No. 106-412 , at 6).
De ACPA is van toepassing indien:
"[A] person (without regard to the goods or services of the parties) has a bad faith intent to profit from a mark (including a personal name), which is protected as a mark under this section, and registers, traffics in or uses a domain name that (1) in the case of a mark that is distinctive, at the time of registration of the domain name is identical or confusingly similar to that mark; (2) in the case of a famous mark that is famous at the time of registration of the domain name, is identical or confusingly similar or dilutes to that mark."
Grote vooruitgang ten opzichte van de huidige Benelux merkenwet en de UDRP is dat enkel het registreren ondubbelzinnig onrechtmatig wordt; gebruik van het domein is dus geen vereiste. Er is wel enige jurisprudentie in Nederland waarbij het registreren van een domeinnaam al verboden is vanwege de dreiging van merkinbreuk, maar dit zou ondubbelzinnig bij wet vastgelegd moeten worden. Het zou bovendien niet alleen voor merken moeten gelden die in de Benelux Merkenwet zijn vastgelegd, maar ook voor handelsnamen. De ACPA omvat ook expliciete bescherming van persoonsnamen, maar alleen voorzover deze als merk zijn gedeponeerd.
De ACPA voorziet ook in de mogelijkheid domeinkapers die in het buitenland gevestigd zijn aan te pakken. Belangrijk wapen tegen domeinkaping is bovendien dat de ACPA de merkhouder de mogelijkheid biedt tot schadevergoeding.
|
| 6) |
De huidige vrijwaringsverklaring volstaat niet. In het nieuwe reglement moet expliciet vermeld worden dat domeinnamen niet te kwader trouw geregistreerd mogen worden, ongeacht of het om merken, handelsnamen of instellingen, organisaties of personen gaat. |
|
Toelichting:
Zoals hierboven beschreven bestaat er in Nederland geen uniforme regeling op grond waarvan domeinkaping kan worden tegengegaan. Wel kan in bepaalde gevallen worden aangehaakt bij de Benelux Merkenwet, de Handelsnaamwet of de algemene bescherming uit onrechtmatige daad. Deze rechten zijn echter niet of nauwelijks van toepassing op personen of instellingen. Ook het nieuwe (concept) reglement (CR) van de SIDN biedt onvoldoende bescherming tegen domeinkaping.
Voorzover er in het huidige reglement van de SIDN sprake is van enige inhoudelijke toetsing van domeinnamen, vervalt deze bijna volledig in het concept reglement. De SIDN handhaaft de plicht van de aanvrager van een domeinnaam een vrijwaringsverklaring te tekenen. De aanvrager verklaart dat zowel de domeinnaam als het gebruik hiervan geen inbreuk maakt op de rechten van derden (artikel 6.1 CR). Hier gaat slechts een zeer bescheiden druk vanuit om geen inbreuk op rechten van anderen te maken. Een dergelijke vrijwaringsverklaring heeft immers alleen werking ten opzichte van de SIDN, niet tegen eventuele merkhouders. De SIDN verricht zelf geen onderzoek of een aanvraag strijdig is met merkrechten van derden.
In de artikelen 8 en 11 treft men ook enige, zij het beperkte voorwaarden aan die domeinkaping zouden kunnen voorkomen. Het toekomstige artikel 8.1 sub c CR bepaalt dat de SIDN niet tot inschrijving van de domeinnaam over zal gaan, indien de domeinnaam een door de Stichting gereserveerde of van registratie uitgesloten naam is. Dit is een engere formulering dan thans in artikel 8 sub i is opgenomen. Op grond van het huidige artikel kan de SIDN een domeinnaam weigeren wanneer dit een algemene benaming of soortnaam is die misverstanden kan oproepen.
Zou hieruit nog enige bescherming gedestilleerd kunnen worden om verwarring te voorkomen, daarvan is in de toekomstige bepaling geen sprake. Ook de zelfgecreëerde mogelijkheid van de SIDN om gemeente- en provincienamen te weigeren, wordt in het nieuwe reglement geschrapt. De regering heeft zich hier al over beklaagd (Aanhangsel Handelingen 1999-2000, nr. 931, Kamervragen Cherribi en Voûte Droste d.d. 10 februari 2000).
Artikel 11.1 sub c CR bevat voorts nog de mogelijkheid een domeinnaam te schrappen indien deze in strijd is met de openbare orde of goede zeden. Blijkens de toelichting beschouwt de SIDN deze bepaling als een nieuwe subjectieve grond voor doorhaling. Thans vindt nog toetsing vooraf plaats, met de mogelijkheid van bezwaar en beroep tegen de beslissing.
Al met al biedt het concept reglement weinig tot geen bescherming tegen domeinkaping. De indruk is dat de SIDN in het toekomstige reglement minder verantwoordelijkheid wil nemen voor inbreuken op rechten van derden.
XS4ALL is van mening dat het probleem van toetsing vooraf ondervangen kan worden door de instelling van een ICANN-conforme registratiekamer, waarbij domeingeschillen binnen korte tijd en tegen redelijke kosten achteraf worden beslecht, zoals aangegeven in de UDRP.
|
| 7) |
Domeinnamen die te kwader trouw of anderszins met fout oogmerk worden geregistreerd, vervallen terug aan de Stichting, zonder recht op vergoeding. |
|
Toelichting:
Om te voorkomen dat een domeinnaam wordt doorgeschoven van de ene louche handelaar naar de volgende, moeten domeinnamen die kennelijk te kwader trouw zijn geregistreerd, altijd terugvallen aan de SIDN. De rechtmatige gebruiker kan de domeinnaam dan vervolgens zelf registreren. De SIDN zou een aparte procedure moeten ontwikkelen om in geval van dispuut tussen twee partijen over een bepaalde domeinnaam, te toetsen of de potentiele nieuwe eigenaar ook daadwerkelijk rechthebbend is. Deze dient een voorrangsbehandeling te krijgen bij de aanvraag van het (vrijgekomen) domein. De SIDN zou hierbij het UDRP-model kunnen volgen van een onafhankelijke registratiekamer.
|
| 8) |
SIDN dient louche bedrijven bij voorbaat uit te sluiten van deelnemerschap aan de Stichting door een streng incassoregime. |
|
Toelichting:
De afgelopen periode is veel gepubliceerd over domeinhandelaren met grote schulden bij de SIDN. Een dergelijke betalingsachterstand bedreigt het voortbestaan van de Stichting, en brengt daarmee de basis van internet in Nederland in ernstig gevaar. Juist omdat de internetindustrie vele start-ups met zich meebrengt, met een ongewisse betalingsdiscipline, dient de SIDN een streng incassoregime te hanteren. Hiermee kan het kaf uiterst trefzeker van het koren worden gescheiden.
XS4ALL stelt voor dat deelnemers van de Stichting binnen uiterlijk 2 maanden hun rekeningen voldoen. Na twee maanden vervalt de mogelijkheid om nieuwe domeinnamen te registreren. Als de rekening na 4 maanden niet is betaald, wordt de rekening verdubbeld en worden de domeinnamen uit de DNS-server verwijderd, zonder dat ze feitelijk komen te vervallen. Na 6 maanden wordt het lidmaatschap van de wanbetalers onherroepelijk opgezegd, met bijkomende administratieve schadevergoeding van minimaal 1000 gulden per aangevraagde en niet betaalde domeinnaam. Op dat moment verwittigt de Stichting de feitelijke eigenaren van de domeinen (de administrative contacts) per e-mail dat zij stappen moeten ondernemen om hun domeinnaam elders onder te brengen.
|
| 9) |
In het nieuwe reglement van de SIDN moet een ethische code worden opgenomen voor deelnemers. Ook dient SIDN extra beveiligingsmaatregelen te treffen om haar databestanden te beschermen. |
|
Toelichting:
In de jacht op potentieel lucratieve domeinnamen lijkt geen middel geschuwd te worden. De afgelopen maanden zijn er herhaaldelijk, en bij meerdere providers, incidenten geweest, waarbij domeinkapers de namen registreerden van bedrijven die online controleerden of hun merknaam nog beschikbaar was. XS4ALL pleit dan ook bij SIDN voor het opnemen van een ethische code in het nieuwe reglement. Via deze code verplichten deelnemers zich om op geen enkele wijze gebruik te maken van bij hen zelf of bij derden aangevraagde domeinnamen. Overtreding van deze code zou bestraft moeten worden met langdurig royement.
Ook is het herhaaldelijk voorgekomen dat bedrijven die een .nl domeinnaam registreerden, tot de ontdekking kwamen dat hun merknaam binnen zeer korte tijd op andere toplevel domeinen was geregistreerd door domeinpiraten. SIDN kan dit relatief makkelijk verhelpen, door zone transfers onmogelijk te maken. Dit stelt mensen namelijk in staat (ook niet-deelnemers) om alle .nl domeinen op te vragen. Van daaruit is het zeer eenvoudig om analyses te doen op de meest recentelijk aangevraagde domeinnamen.
|
| 10) |
Het moet mogelijk zijn voor (natuurlijke) personen om een .nl domeinnaam aan te vragen, mits het verloopt via een nieuw op te richten, onafhankelijk registratie-bureau en niet via deelnemers aan de stichting. XS4ALL roept de overheid op om vanuit het Actieplan Electronische Snelweg een structurele financiële bijdrage te leveren aan dit nieuwe bureau. |
|
XS4ALL is van mening dat personen in Nederland in staat moeten zijn om hun eigen naam als domeinnaam te laten registreren. De huidige wijze van administrering en verwerking van domeinnamen is echter totaal ongeschikt voor de grote hoeveelheid aanvragen die zowel deelnemers van de Stichting als de Stichting zelf dan moeten verwerken. Daarom is XS4ALL van mening dat er een apart, onafhankelijk bureau zonder winstoogmerk moet worden opgericht, om deze domeinnamen zo efficient mogelijk te kunnen aanmaken. XS4ALL vergelijkt dit bureau met het digitale equivalent van de burgerlijke stand. Privacy is hierbij van dermate vitaal belang, dat XS4ALL vindt dat de overheid hierin een primaire rol heeft te vervullen, een rol die niet zondermeer aan het bedrijfsleven kan worden overgelaten.
Een registratiebureau kost echter veel geld. XS4ALL roept de overheid daarom op om een structurele financiële bijdrage te leveren aan dit bureau. In het licht van het Actieplan Elektronische Snelweg meent XS4ALL dat de overheid zoveel mogelijk efficiente investeringen moet doen om de verdere groei van internet en internetgebruik in Nederland te stimuleren.
|
|